Vriend verhuisd
21 maart 2026
Vorige week is Vriend verhuisd naar de nieuwbouw van Naarderheem. Ik mocht pas die avond komen kijken. Toen ik zijn kamer op de tweede verdieping betrad was hij er niet. Maar tot mijn verbazing was die wel al helemaal ingericht. Ik had erop gerekend dat ik de dozen die ik de vorige avond op zijn oude kamer had gevuld weer moest uitpakken, maar alles stond al keurig op zijn plaats. Zelfs Waf en Beertje zaten al voor het raam het nieuwe uitzicht te bewonderen. Beneden nog een puinhoop waar een nieuwe tuin aangelegd gaat worden. Verderop een park en veel groen waarboven de spits van de Grote Kerk van Naarden uitstak. Alleen de poster en schilderijtjes waren nog niet opgehangen omdat het mechaniek daarvoor nog moest worden geplaatst. Wat al wél tegen de muur hing was een televisie waarmee hij op zijn bed naar Netflix kan kijken. Ik ging Vriend zoeken. De meest logische plaats daarvoor was het restaurant, want Vriend is een notoire snoeper. Maar bij de liften reed een man van het cliëntenvervoer mij al met hem in zijn rolstoel tegemoet.
Enkele mensen hadden me inmiddels verteld dat Vriend zich goed hield rond de verhuizing. Zelfs wat meer sprak. Gelukkig maar, want als hij begint te protesteren zul je dat weten ook! Ik nam hem mee naar zijn kamer. Daar maakte ik wat foto’s van hem in zijn nieuwe kamer. Bekeek de tablet tegen de muur waarnaar ik foto’s voor hem zou kunnen sturen. En waarmee ik thuis met hem zou kunnen beeldbellen. Daar had ik het later nog met de eerstverantwoordelijke verpleger over. Maar ook zij twijfelde eraan of dat verstandig was wegens mogelijke vervelende verwarring en emoties die dat allemaal bij Vriend kon oproepen. Op tafel lag een welkomstboekje samen met een klein tasje met wat geschenkjes zoals crèmepjes, chocolaatjes, douchegel en een nagelsetje. Alles lag al keurig op zijn plaats rond toilet, wastafel en douche in zijn eigen sanitaire ruimte naast zijn kamer. Op de oude locatie moest Vriend die nog delen met andere bewoners, wat niet gunstig was in een gebouw dat waarschijnlijk vol zat met bacteriën en virussen.
Het werd donker. Vriend ging voor het raam zitten, en ik sloot me bij hem aan. Een lichtend stipje van de wijzerplaat van de Grote Kerk in de verte. Ik moest denken aan vroeger, toen ik nog in Buitenveldert woonde. Toen fietsten we op warme zomeravonden wel eens naar de Amstel om daar op een bankje naar de maan te gaan kijken. Met Waf en Beertje in de fietstas, samen met Belgische biertjes, glazen, en een stuk kaas met mes. Een van mijn mooiste herinneringen aan Vriend. Die verstilde momenten beleefde ik nu opnieuw met hem. Hij is altijd een man van weinig woorden geweest, wat ik vroeger wel eens moeilijk vond, maar tegenwoordig steeds meer in mensen ga waarderen. Hij vond mij dan ook vaak te druk met al mijn verhalen en voor hem chaotische idiote denkbeelden en initiatieven. Hij hield van de ‘oorverdovende stilte’ zoals die in de tempels van de Rozenkruisers. Verstilde mensen zijn zeldzame juwelen die je moet koesteren. En ik ben dankbaar dat ik zo’n vriend heb leren kennen, iemand die wist en weet wat stilte is.
Toen ik weer naar huis ging wilde ik het licht op zijn kamer weer aan doen. Maar dat lukte me alleen met wat toeval met de moderne schakelaar waarmee je verschillende lampen kan aan- en uitzetten, dimmen en feller maken door er al of niet op te tikken of die ingedrukt te houden. Ik hoop dat Vriend dat ooit zal begrijpen en meer van verlichting zal begrijpen dan ik.
Gepost in 