Nandan op reis

Date 15 januari 2022

Vanmorgen is Nandan overleden, een van mijn beste vrienden. Hij is 81 jaar geworden. Ik ken hem sinds 1984 en hij was altijd mijn steun en toeverlaat. We hadden geloof en vertrouwen in elkaar, reisden samen in een spirituele wereld waarover we soms nogal eigenzinnige opvattingen hadden. Hem gekend te hebben maakt me dankbaar, zelfs zodanig dat er weinig ruimte is voor verdriet. Onder sannyasins hebben we nu eenmaal onze eigen ideeën over het sterven: dat het ook gevierd kan worden.

Het begon in 1984. Ik knutselde aan een astrologieprogramma, en om de berekeningen te checken zocht ik een servicebureau. Zo belandde ik bij Nandans Aries Astro-Services in Nieuw-Vennep, dat ik een jaar of tien later van hem zou overnemen. Hij wees me op de cursus astrologie in Amsterdam, en daar zag ik Nandan voor het eerst. Al snel klikte het tussen ons en zat ik bij hem thuis op een Commodore 64 zijn programmatuur te vervolmaken. Ook op spiritueel gebied klikte het meteen, want als het over (toen nog) Bhagwan ging was hij even eigenwijs als ik in zijn opvattingen over wat er allemaal in Poona en de sannyaswereld speelde. We hadden eindeloze discussies over verlichting, meditatie, reïncarnatie, bewustzijn, identificatie en wat niet al.

Toen Nandan gevraagd werd om in de commune aan het Cornelis Troostplein in Amsterdam de ‘World Academy’ op te zetten, was ik al snel zijn rechterhand. Het inventariseren van Osho’s visie op diverse onderwerpen was een van onze taken, een roeping die we samen deelden. Met hulp van Almast sleepten we computers aan om iedereen alle vragen die ooit aan Osho waren gesteld op floppy’s te laten zetten. Wellicht waren we volgens sommigen van die vermaledijde schriftgeleerden en mind-fuckers, maar daarvan trokken we ons weinig aan. Een en ander resulteerde in mijn programma The Quest dat later door anderen is bijgewerkt en nog steeds bestaat als zoekmethode.

Nandan was altijd mijn steun en toeverlaat, bijvoorbeeld toen ik een reader maakte van Osho’s uitspraken over homoseksualiteit, wat in die tijd onder sannyasins een hot topic was, mede wegens het toen nog dodelijke aidsvirus. Amrito (Jan Foudraine), die we daar vaak tegen het lijf liepen, gooide daarbij met zijn conservatieve opvattingen graag nog wat olie op het vuur. Wat Nandan ook deed was een actie organiseren om een landelijke advertentie te plaatsen met de oproep om de indertijd controversiële Osho in ons land toe te laten, en op zoek naar steun van bekende Nederlanders nam hij me eens mee naar Willem Oltmans in Amsterdam-Noord. Daar zat ik dan in mijn rode korte sportbroekje en nethemdje, waarmee ik wellicht zijn hoofd op hol deed slaan.

In die tijd leerde ik Vriend kennen tijdens het eten in de tuin van de commune, achteraf gezien op vrijwel dezelfde dag waarop mijn lieve Second Life-vriend Robbie geboren werd. Ook leerde ik Ojas de Ronde kennen die vlak bij mij in Buitenveldert woonde, met wie ik soms tot diep in de nacht bezig was met het Osho Magazine. Nandan nam ons mee naar Keulen waar we bij The Rebel Publishing House veel nieuwe boeken van Osho insloegen. Ook gingen we vaak samen naar astrologische congressen in Oldenzaal en Soesterberg. Ik ken Nandan ook als een serieuze noeste werker. Hij maakte uittreksels van boeken van andere spirituele leraren zoals Gurdjieff en Oespenski. Hij ging naar Krishnamurti in Saanen. En naar Alexander Smit in Baarn. Maar Osho bleef voor hem altijd de grootste hedendaagse spirituele leraar.

Nandan zette ontzettend veel energie in de oprichting in 1989 van de stichting Vrienden van Osho. Begin deze eeuw redigeerde hij het boek Hoe Osho in mijn leven kwam, en natuurlijk was het aan mij om dit vorm te geven. Net zoals eerder voor het boekje De wetenschap van het hart over een Osho-symposium in 2003, waar onder andere Amrito en Douwe Tiemersma spraken. Toen ik Nandan leerde kennen was zijn vrouw Mandira nog niet in beeld. Hij leerde haar in Poona kennen en regelde later dat ze vanuit Odessa naar Nederland kon komen. Zij vertegenwoordigt voor mij het ware vrouw-zijn. Ik voelde me altijd thuis bij Nandan en haar in Nieuw-Vennep. De relaxte zoon Sanat, ook uit Rusland meegekomen, niet te vergeten. Uiteraard zaten we te eten en keken we televisie onder zijn boekenkast vol met Osho’s werk. Hij was erg onder de indruk van films met een spirituele onderlaag zoals The Matrix en The Truman Show.

Op kerstavond belde hij me nog even. Om te zeggen dat ik een van zijn beste vrienden was. Want dat zou hij later misschien niet meer kunnen zeggen. Ik schreef hem nog terug, gewoon op papier in een envelop, dat dit wederzijds was en dat ik dankbaar was hem te kennen. En ‘this too will pass.’ In Hoe Osho in mijn leven kwam vertelt Nandan daarover: ‘Mijn grote meditatie is het verhaal dat Osho in Socrates Poisoned Again (#17) vertelt over de ring die een eenvoudige dienaar zijn koning gaf, waarin de spreuk, afkomstig van een mysticus, ‘This Too Will Pass’ te vinden was. Alles gaat voorbij, het aangename en het onaangename, maar de ‘watcher on the hill’ blijft. Bijna onnodig te zeggen dat ik een dergelijke ring al meer dan dertig jaar aan mijn eigen vinger draag, hoewel de complementaire spreuk me ook aanspreekt: ‘THIS Will Never Pass’, waarbij THIS (in hoofdletters) het Eeuwige Bestaan symboliseert.’

Ooit gaf hij ons een vogelhuisje. Dat hebben we zodanig opgehangen dat we vanuit ons bed de koolmeesjes zien in- en uitvliegen. Zo vliegen we ook het Bestaan in en uit. Alleen dankbaarheid Nandan gekend te hebben is op zijn plaats. Nandan ging voorbij, maar voor mij is hij er nog steeds.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Tussen-n’en

Date 9 januari 2022

Waarom zou je het eenvoudig doen als het ook ingewikkeld kan? Dat moet de visie van de Nederlandse Taalunie geweest zijn, toen zij in 1996 kwam opdagen met nieuwe spellingregels. Nu, een kwart eeuw later, zijn op Openbaarheidsdag door het Nationaal Archief de geheime notulen van de ministerraad vrijgegeven. Het blijkt dat indertijd niet iedereen even blij was met de nieuwe regels voor de zogenaamde tussen-n in samengestelde woorden. U weet wel: toen de pannekoek een pannenkoek werd, en er nog meer gedrochten in de spelling ontstonden die ook mij indertijd veel zielepijn hebben gedaan. Ja, ik moet officieel ‘zielenpijn’ schrijven, maar ik heb gelukkig genoeg ruggegraat, pardon ruggengraat, om maling te hebben aan die onlogische regels. Ik heb voor zover mij bekend maar één ziel en één rug, en je kan die regels voor samengestelde woorden heel eenvoudig houden door naar het enkel- of meervoud te kijken. De pannenkoek komt immers maar uit één pan en ik zie zelden meer dan één spin in een spinnenweb. Hoe zat het ook alweer? Ik was intussen ook de draad kwijt en moest even de leidraad van de Taalunie raadplegen. Hoe zat het ook alweer? Bij deze (met enkele voorbeelden van mij tussen haakjes).

Hoofdregel

We schrijven de tussenklank als -en als het linkerdeel van de samenstelling een zelfstandig naamwoord is dat een meervoud heeft op -en, maar geen meervoud op -es. In andere gevallen schrijven we -e. (wiegendood en spinnenweb, maar wiegelied en spinnewiel)

Uitsluitingen

  1. Als het linkerdeel van de samenstelling al eindigt op -en, is er geen echte tussenklank. We behouden de schrijfwijze van dat deel. (havengebied)
  2. In sommige samenstellingen kunnen we de samenstellende delen nauwelijks of niet herkennen. We noemen ze versteende samenstellingen. Andere woorden zijn slechts in schijn samenstellingen. Op deze woorden passen we de regel niet toe. (ruggespraak, maar volgens de hoofdregel wél ruggengraat)
  3. Sommige samenstellingen zijn ontstaan doordat een woordgroep aan elkaar is gegroeid. Vaak hebben de zelfstandige naamwoorden een oude naamvalsvorm. Dat bepaalt de schrijfwijze. (goedendag)

Uitzonderingen

  1. Als het linkerdeel van een samenstelling verwijst naar een persoon of zaak die in de gegeven context uniek is, schrijven we -e. (maneschijn, koninginnedag, in tegenstelling tot koninginnensoep)
  2. Als het linkerdeel van een samenstelling een versterkende betekenis heeft en het geheel is een bijvoeglijk naamwoord, schrijven we -e. (pikkedonker, reuzeleuk)
  3. Als een zelfstandig naamwoord dat een persoon aanduidt een vrouwelijke nevenvorm heeft die alleen verschilt van de mannelijke door een achtervoegsel -e, dan gaan we voor de regels voor de tussenklank /ə(n)/ uit van de mannelijke vorm. We schrijven de tussenletters -en. (studentenkamer)

Volgens de notulen van de emotionele ministerraad hadden minister voor Ontwikkelingssamenwerking Jan Pronk en minister-president Wim Kok het wat moeilijk met die nieuwe spelling, die door staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen Aad Nuis werd verdedigd met de woorden ‘Het is goed om te bedenken dat de logica van de oude regel alleen te doorzien is voor mensen die hem van jongs af aan kennen.’ Bedoelt hij dat alleen ouderen nog het verschil tussen enkelvoud en meervoud kennen? Is het zó erg met het onderwijs? Jan Pronk: ‘De taalgebruiker zal de onlogische en moeilijk te bevatten regels daarop uit zijn hoofd moeten leren, terwijl het oude systeem voor ieder kind was uit te leggen.’ Hij had een andere opvatting van Aad Nuis over wat logica is. Later zegt hij dat de regel niet meer terug te draaien is omdat de Taalunie het al heeft voorbereid en Vlaanderen die nieuwe spelling al heeft ingevoerd. Zucht. Waar kan ik dit soort argumenten toch van?

Een andere miskleun in de spelling van 1996 is een jaar later wél snel teruggedraaid: de zogenaamde paarde(n)bloemregel voor namen van planten waarvan het eerste deel een dierennaam was. Daarin werd de tussen-n verwijderd. De paardenbloem werd een paardebloem, maar een kattenstaart bleef zichzelf omdat een staart geen (deel van) een plant is. Maar ook hier heb ik moeite mee, want als ik een kattenstaart pak zit er meestal maar één kat aan vast. Ik merk hoe ik gefixeerd ben aan de regels van vóór 1996, waarbij je het enkel- of veelvoud van het linkerdeel van de samenstelling bepalend is voor die tussen-n. Elk decennium hoop ik opnieuw dat die regels over de tussen-n weer worden teruggedraaid. Dan kunnen de kinderen op school zich met belangrijker dingen bezighouden dan zo’n ingewikkeld algoritme uit hun hoofd te moeten leren en toepassen.

Misschien kan onze nieuwe minister van onderwijs, Robbert Dijkgraaf, eens schoon schip gaan maken? Hij lijkt me iemand die logischer kan denken dan menig politicus.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Incredible String Band

Date 1 januari 2022

Als je mij vraagt welke band de ziel van flowerpower het mooist heeft uitgedragen, is dat wel de Schotse groep Incredible String Band. Alleen Pink Floyd vond ik indertijd mooier. Grappig is dat producer Joe Boyd voor beide groepen werkte. Ook voor The Soft Machine en later ook zelfs voor R.E.M. die ook in mijn cd-collectie staan. ‘Psychedelische folk’ wordt de muziek van ‘ISB’ ook wel genoemd, maar anders dan die andere groepen is hun muziek minder serieus, speelser, zo niet vrolijk en juichend, en vol van mystiek. Voor je het weet zweef je op deinende gitaarcadansen in een kleurige sprookjeswereld. En dat deed ik in 1969 dan ook. Voor het eerst op mijn rug liggend in Wouters half duistere studentenkamer. Stoned, waardoor de muziek zich in al mijn cellen nestelde en daar tot vandaag de dag is gebleven.

Nooit van deze groep gehoord? Het zou me niets verwonderen als je een aha-erlebnis krijgt bij het luisteren naar songs als Air en Log Cabin Home in the Sky, beide uit mijn lievelingsalbum Wee Tam, dat gekoppeld is aan de opvolger The Big Huge. De groep – Mike Heron (1942) en Robin Williamson (1943) en vriendinnen – hebben indertijd een dozijn lp’s gemaakt, maar de oudste vind ik de mooiste. Velen zal hun muziek te lief klinken, de sfeer te androgyn, de inhoud te weinig politiek. Maar toch. Ze durven het aan om gewoon gelukkig te zijn. En daar is niks verkeerd mee, want juist gelukkige mensen kunnen een licht zijn in de huidige wereld. Zo zingen ze juichend ‘Farewell sorrow, praise God the open door, I ain’t got no home in this world any more’ aan het slot van hun lied Ducks on a Pond dat dus gewoon over eendjes in een vijver gaat. ‘Thoughts floating by. Little ducks, pretty birds, clouds across the sky.’ Wat zijn gedachten anders dan dat?

Ze waren indertijd verder dan ik op het spirituele pad. ‘When I was born I had no head,’ zingen ze in hun lied Douglas Traherne Harding – een samenvoeging van Douglas Harding van de ‘headless way’ en de zeventiende dichter en mysticus Thomas Traherne. ‘You never enjoy the world aright,’ citeren ze de laatste, ‘till the sea itself floweth in your veins and you are clothed with the heavens and crowned with the stars.’ En laat ik niet vergeten het ‘All will be one’ te noemen dat hun lied Job’s Tears doordrenkt. ‘In the golden book of the golden game the golden angel wrote my name.’ En dan in het lied Air: ‘You come right inside of me, close as you can be. You kiss my blood and my blood kiss me.’ En zo kan ik nog wel een tijdje doorgaan met het citeren van hun songteksten, tot nog toe alleen uit de eerder genoemde twee albums. Poëzie die je door hun muziek niet alleen hoort maar ook beleeft.

In oktober 1969 zag in hen in het Concertgebouw. Ik herinner me er niet veel van. Maar dat hoeft niet veel te zeggen, want ik herinnerde me ook weinig van Osho’s woorden toen ik aan zijn voeten zat. Ergens in de jaren negentig zag ik Robin Williamson nog in De Melkweg in Amsterdam, in een klein zaaltje met een schamel aantal bezoekers. Ik vond dat niet zo bijzonder. Hij beloofde me nog zijn geboortetijd op te sturen, maar daar is dus nooit iets van gekomen. Een jaar of twintig geleden gaf ISB ergens in Schotland een concert waar ze Wee Tam en The Big Huge weer speelden, en ik was er bijna heen gevlogen. Maar het is zinloos om het verleden te willen herhalen. De Incredible String Band zit toch allang in mijn bloed. En ik ben daar ontzettend blij mee. En in hun lied Maya kun je gewoon blij zijn in onze wereld: ‘All this world is but a play. Be thou the joyful player.’

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Een echt Nieuwjaar?

Date 30 december 2021

Volgens mijn telefoontje is het negentien graden vandaag, 30 december. Al een paar weken lang wijst hij veel te hoge temperaturen aan. Het lijkt erop dat ook Google, net als het weer, van slag is. Of geeft hij de gevoelstemperatuur aan in plaats van het werkelijke aantal graden? Want waarom zou de gevoelstemperatuur niet veel hóger in plaats van lager kunnen zijn dan wat de thermometer aanwijst? De meeste apps wijzen een graad of dertien aan, maar Google weet het weer beter en maakt daar eenentwintig van. Het voelt inderdaad warm aan op deze druilerige decemberdag. We gaan weer records breken, want met oud en nieuw zal het warmterecord van 1925 worden doorbroken. Zeggen ze. Wil Google daar nog een schepje bovenop doen? Het lijkt erop dat we sneeuw en ijs voortaan wel op onze buik kunnen schrijven. Wen er maar aan. Volgens Yuval Harari heeft onze soort zijn menszijn te danken aan de kunst om samen te kunnen werken, maar dat schijnt de laatste jaren niet echt te lukken met de aanpak van de klimaatcrisis en de pandemie.

Ik hoor vogels kwetteren en fluiten, en zie ze in zwermen voorbij vliegen. Aan regen geen tekort de afgelopen maanden. De zonnepanelen hebben het rustig. Ik hoef me niet meer zo dik in te pakken tegen de kou. Een propellervliegtuigje in de lucht ademt een zomerse sfeer uit. De A27 ruist op de achtergrond. Ik slaap soms gewoon naakt. Er wandelen minder spinnetjes en torren het huis in, op de vlucht voor de kou. Eigenlijk is dit ideaal weer zo. Voor mij dan, want ijsberen denken er anders over, net als mensen die door de mazen van het coronanet nog snel gaan skiën nu het nog kan. Volgende generaties zullen met open monden luisteren naar verhalen over vroeger, met kerstmannen in arrensleden, ijsbanen met koek-en-zopies en luchten vol dwarrelende sneeuwvlokken. Het leven van hun voorouders moet in hun oren heel romantisch klinken. Zij vieren oud en nieuw in zomerkleren en trekken in de zomer juist méér en donkerder kleren aan om zich tegen zon en hitte te beschutten. Ze verwonderen zich er ook over dat we nauwelijks droogte kenden, en drinkwater gebruikten om de wc mee door te spoelen. Decadent.

Straks alweer een nieuw jaar. Het lijkt alsof er steeds minder gebeurt in een jaar. Veel thuis zijn, weinig mensen op bezoek, minder feestjes, bang zijn voor fysieke nabijheid van anderen, thuis achter de computer werken, zoomen en teamsen met handjes opsteken als je iets wil zeggen. Niet meer gezellig winkelen, straten vol met haastige bestelbusjes. En dat allemaal steeds hetzelfde. Als je jong bent moet dat inderdaad een crime zijn. Onze huizen zijn onze gevangenissen geworden. Onze kinderen zijn een gevaar voor ons geworden. In ons leven maken we steeds meer van hetzelfde en minder van het andere mee. We worden op onszelf geworpen, tot introspectie gedwongen en hoe minder we luisteren naar onszelf, hoe meer het klimaat en corona ons daartoe zullen dwingen door onze ikjes af te breken. Onze huidige manier van denken klopt gewoon niet, en met datzelfde denken kunnen we ook onze problemen niet oplossen. We zullen collectief wakker moeten worden of uitsterven.

Zolang ons eigen ik hoog in ons vaandel staat, zolang we niet écht kunnen samenwerken voldoen we niet meer aan Harari’s belangrijkste kenmerk van menszijn. Dan zal Nieuwjaar gewoon Oudjaar blijven en strooien we onszelf met onze mooie voornemens zand in de ogen. Dan is Nieuwjaar eigenlijk niks om te vieren. Hoe hard het vuurwerk ook knalt, we jagen onze innerlijke demonen er niet mee weg. Deze jaren worden ons meer dan ook alleen-zijn en stilte geboden, maar hoe diep moeten we als mensheid zinken voordat deze kans collectief wordt opgepakt en we ons weer gaan verbinden met elkaar? Want elk ik-zijn, elke zelfstandigheid is een illusie, de Grote Systeemfout die we onder ogen kunnen gaan zien. Pas als we daar iets mee gaan doen zal Nieuwjaar een écht Nieuwjaar worden.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

De gave van het ontvangen

Date 21 december 2021

Zomaar iets aan iemand geven. Daar rust een stilzwijgend taboe op. Dat mag je niet spontaan doen. Daar moet een reden voor zijn. Een verjaardag, een geboorte, een diploma of promotie, sinterklaas, kerst, moeder- of vaderdag. Dat zijn dagen om met een geschenk op te komen draven. Als je dat op een andere dag doet, dan moet je daar wel ijzersterke argumenten voor hebben. Het is ongepast om iemand zomaar iets te geven, daarmee breng je de ander in verlegenheid. Of nog erger: je geeft hem of haar het gevoel iets terug te moeten doen. Dat is een schuldgevoel. In het hebben daarvan zijn we hier boven de rivieren best goed, en dat wordt gevoed als we zomaar iets van iemand krijgen. Een oudere heer zei mij ooit dat ik hem zou verplichten als ik even voor hem opstond om hem zijn zitplaats in de zaal te laten bereiken. Ik was bijna niet voor hem opgestaan, want ik hou er niet van om mensen te verplichten. Maar zo zijn we opgevoed. Voor wat hoort wat.

Ontvangen is veel moeilijker dan geven. Alsof je daarmee toch iets minder bent dan de ander. Voor je het weet krijg je als gever te horen dat je dat niet had moeten doen. Geef dan maar terug, denk ik dan wel eens. Ik kan niet tegen al dat geprotesteer als ik iemand zomaar een geschenkje wil geven omdat ik dat leuk vind. Ik vind het zelfs een belediging. Zeker als iemand tegelijk laat blijken het toch wel een mooi cadeau te vinden. Mijn behoefte om te geven trekt zich niets aan van de feestdagen op de kalender. Ooit vroeg een jongen in een metrostation 25 gulden van me. Zelf zat ik ook niet royaal bij kas, maar ik had kennelijk iets dat hij niet had, en vond het gewoon logisch en leuk om hem dat geld te geven. Hij leek me geen junk en beloofde het later terug te zullen geven. Dat herhaalde hij een paar maanden later toen ik hem weer op dat metrostation zag. Ik vond het best allemaal. Sommigen verklaarden me voor gek.

Tijdens een presentatie van heruitgaven van boeken van Ayn Rand beweerde een knaap dat hij nooit om hulp zou vragen. Iemand helpen is toch helemaal niet in lijn met de visie van deze verkondiger van het neoliberalisme? Ik keek hem wat meewarig aan, en was niet de enige die zich afvroeg hoe lang hij zijn idolatie voor deze religie van het ik zou volhouden. Om hulp vragen wordt, net als iets ontvangen, vaak geassocieerd met afhankelijkheid. Niet doen! Alsof onafhankelijkheid iets is dat ook in het echt bestaat. Je moet toch iets zelf verdiend hebben om dat het jouwe te mogen noemen? Zomaar iets krijgen? Zomaar iets geven, om niet? Dat is iets voor dromers en idealisten. Maar toch. Misschien is het wel de essentie van kerst dat we mogen ontvangen. Niet omdat we jarig zijn of het verdiend hebben, maar gewoon omdat het bestaan, God, Allah of hoe je Het ook noemen wilt van ons houdt. Dat we ons mogen overgeven aan het licht, dat zonder uitzondering in ieder van ons huist.

Blaricums dorpsblad hei & wei, 10 december 2021

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Concert voor George

Date 14 december 2021

Ik moest ervan huilen. Letterlijk. Omdat ik het zo ontzettend mooi vond. Allemaal babyboomers op het podium in een overladen Royal Albert Hall, die een hommage brachten aan George Harrison, die precies een jaar eerder was overleden. Het is 29 november 2002. Ik had de registratie van dit concert nooit eerder gezien, en kwam deze via internet op het spoor omdat George onlangs twintig jaar geleden is overleden. Hij was 58 jaar oud. Volgens velen te jong gestorven, maar ik weet niet of er een bepaalde leeftijd is waarop mensen horen dood te gaan. John Lennon was een leven van maar veertig jaar beschoren. Paul en Ringo zijn er nog steeds. Ook op het podium, waar een avond lang songs van George worden gespeeld. Wat is het toch wat mij zo ontroert? Iets van broederschap, het delen van liefde voor George en wat hij voor The Beatles heeft betekend. Alsof met zo’n concert zijn muziek vereeuwigd wordt.

De eerste clip die ik zag was While My Guitar Gently Weeps. Die heb ik tientallen keren bekeken en beluisterd. Eric Clapton zingt en laat zijn gitaar janken. Tussen alle vergrijsde ouderen staat een jonge knaap in een witte jurk op het podium, Georges zoon Dhani, 24 jaar, voor wie dit concert extra emotioneel moet zijn om dit een jaar na het overlijden van zijn vader mee te maken. Van alle Beatles was George de meest spirituele, zoals te horen is in zijn Within You Without You, het minst bekende nummer van het album Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band. Ja, The Beatles waren in 1968 in India bij Maharishi Mahesh Yogi, de grondlegger van de transcendente meditatie die zijn gemeenschap voorgoed in 1991 vestigde in Vlodrop, waar George hem in datzelfde jaar en Paul hem in 1998 nog bezocht. Het latere solowerk van George is het meest spiritueel gekleurd, zoals in zijn song All Things Must Pass.

En natuurlijk My Sweet Lord, dat in het concert prachtig gezongen wordt door Billy Preston achter de toetsen, alsof niemand dat beter en meer bevlogen had kunnen zingen dan hij. Tranen in mijn ogen. Bezieling. Schoonheid. Blijdschap. Dat ik dit nog mag meemaken. In de jaren zestig leefde ik in de nogal vanzelfsprekende veronderstelling dat popmuziek eens voorbij zou gaan, en het maakt me tot vandaag de dag blij hoe er concerten worden gegeven waarin de songs van vroeger in leven worden gehouden. Ook door jongeren zoals The Analogues, die vandaag de dag albums van The Beatles perfect naspelen en daarmee volle zalen trekken. Geen covers waarin een eigen interpretatie wordt gespeeld, maar gewoon de originelen. Ik hou niet van de covers zoals dj’s die graag ten gehore brengen, vaak ondersteund met een rhytmbox en andere effecten om de muziek op een stevige beat lekker te laten swingen. Zo herhaalt zich binnen de popscene dezelfde discussie die bij klassieke muziek in de tweede helft van de vorige eeuw oplaaide onder leiding van mensen als Harnoncourt, Brüggen en Herreweghe die muziek zo authentiek mogelijk wilden laten klinken.

Ook Paul houdt zich daar even niet aan als hij voor het lied Something met een ukelele op het podium verschijnt om daarmee op zijn eigen alternatieve wijze deze song ten gehore te brengen. Maar halverwege pakt Eric weer zijn gitaar en zingt hij samen met Paul en het volle orkest de tweede helft van het lied, waarna ze elkaar even omhelzen. Op het internet vind ik nog meer songs van dit concert, zoals Isn’t It a Pity, Handle with Care en All Things Must Pass. En de ontroerende door Joe Brown gezongen finale I’ll See You in My Dreams waarbij iedereen gaat staan en dat zelfs Dhani teveel lijkt te worden. Eigenlijk een prachtig kerstlied. Ik ga mezelf op de nogal prijzige dvd-box trakteren, dat lijkt me wel iets voor de kerst. Misschien dat ik dan weer wat ga zitten janken, maar dat is voor een Waterman zoals ik best goed. Dan raak ik verbonden met een mysterie dat boven mezelf uitstijgt. Met een universele liefde die we na de jaren zestig hebben verloren. Dank dank dank allemaal!

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Even dimmen

Date 7 december 2021

Na het eten kon ik niet meer opstaan zonder helse pijnscheuten in mijn rug. Dus bleef ik maar een uurtje zitten, terwijl Vriend de afwas overnam. De tranen sprongen me nog net niet in de ogen. De kramp doet me vergeten dat ik even helemaal in het hier en nu ben. Té hier en té nu! Au! Het moet een straf voor mijn grootheidswaanzin zijn waarmee ik pijn maar al te graag relativeer. Steeds als ik voorzichtig probeer op te staan hoort mijn partner me weer kreunen. Ik ben hier en de pijn is daar, tracht ik me te herinneren, maar dat lukt maar een veel te klein beetje. Oewoewoe! Het is een zelf verdiende straf voor mijn luchtige schrijfsels waarin ik beweer dat pijn subjectief is, zodat je je rustig kunt laten verbranden zonder er last van te hebben, zoals de boeddhistische monnik Thich Quang Duc in 1963 demonstreerde. Alsof je voor zo’n kunstje niet eerst jaren zou moeten mediteren. Au! Au! Nee, het is een straf voor dat ik alles veel te snel wil doen, bij voorkeur alles tegelijk. ‘Ik moet leren me wat rustiger te bewegen,’ zeg ik. ‘Niet alleen rustiger bewegen,’ antwoordt Vriend, die me eigenlijk in álles veel te snel vindt. Ik ben ook zo’n impulsief type! Intuïtief bedoel ik, dat klinkt mooier. Uiteindelijk reikt mijn partner aan paar krukken aan waarmee ik me na enkele pogingen voorzichtig omhoog weet te tillen.

Pfff … Wat word je daar moe van! Mijn leven werd even een paar dagen stilgelegd. Gelukkig was de agenda leeg en waren alle boodschappen in huis. Op de een of andere manier weet ik toch de trap op te klauteren, en moest ik van Vriend eerst een poosje op zijn kamer plat op de vloer plat mijn rug liggen. Boven me slingert en tikt zijn zelfgebouwde klok, en ik bereken vaag dat je veel tandraderen nodig hebt om de beweging van de grote wijzer op die van de kleine wijzer over te brengen. Je moet tenslotte wat als je maar naar boven ligt te staren. Maar ik ben blij als ik uiteindelijk weer in mijn bed lig, opnieuw na diverse pijnscheuten. Twee paracetamolletjes erbij, die niet veel maar toch een beetje helpen. Ik had die pilletjes oxycodon moeten bewaren in plaats van ze keurig weer in te leveren bij het ziekenhuis! Slow down, Satyamo, slow down! Dat liedje van The Beatles zit nu al dagen in mijn hoofd. Maar ik ben al bezig met allerlei activiteiten af te bouwen! Ik kan me niet meer voorstellen hoe ik tot enkele jaren geleden van alles en nog wat tegelijk deed. Aries Astro-Services, De Kaarsvlam, gemeenteraad en ertussendoor nog van alles en nog wat zoals blogs en een boek schrijven. Nu vind ik alleen dat laatste nog belangrijk om de rest van mijn leven te doen. Slow down!

Wat is pijn? Ik lees dat er verschillende soorten pijn zijn, enerzijds acute en chronische pijn, en anderzijds weefselpijn, zenuwpijn, orgaanpijn, vaatpijn en pijn bij kanker. Op de uitgebreide site van Gezondr krijgt ook fantoompijn een plek. Je zou zeggen dat functie van pijn is dat het je lijf waarschuwt als er iets niet goed gaat. Maar wat heeft dat dan voor zin als het te laat is? Dan is die zinloos, tenzij hij je keihard wil waarschuwen dat je voortaan beter moet uitkijken bij oversteken. Hoe meer pijn je hebt gehad, hoe beter je gaat opletten om herhaling te voorkomen. Maar waarom zouden mensen die stervende zijn dan pijn moeten kunnen hebben? Raadselachtig. Even raadselachtig als waarom de een meer last heeft van bepaalde pijn dan de ander, en waarom sommigen zelfs van de dopaminische trance van pijn kunnen genieten zoals bij masochisme. Zelf heb ik – afkloppen – niet zoveel ervaring met pijn. Hoofdpijnen rond mijn puberteit, dat wel. Een ontlasting die je er niet uitkrijgt. Getrokken verstandkiezen. Mijn vorige heup. Als ik dit in een volgend leven weer moet meemaken dan liever niet. Wel wat zenuwpijn sinds een gordelroos. Allemaal niet te vergelijken met wat ik van anderen om me heen hoor, want dan ga ik bijna in een sadistisch universum geloven.

Achteraf zag ik dat er een zonsverduistering was geweest, zij het niet zichtbaar in onze contreien. In ons land stonden niet alleen De Zon en de Maan onder de horizon, maar ook alle andere planeten. Nou ja, op Mars na dan, maar die stond in het twaalfde huis en is daarom eigenlijk ook onzichtbaar. Niet dat ik de Zon en de Maan de schuld wil geven, maar ik vind het wel opvallend dat die verduistering op mijn ascendant viel. En ook nog conjunct met mijn Venus die over mijn zesde huis – dat van gezondheid – heerst. En bovendien had ik er even niet op gelet dat ik van Saturnus deze maanden een oplawaai krijg nu hij zowel mijn Mars, Zon als Mercurius met een bezoek vereert. Even dimmen met alles, rustig aan doen. Relax and float downstream met de sterren. Ik ben er even niet. En nu weer voorzichtig naar boven klauteren, In plaats van te bukken even door de knieën gaan, op draaibewegingen letten. Allemaal niks voor mijn veel te snelle brein, maar dat moet maar even. Maar intussen ben ik doodmoe zonder iets gedaan te hebben. Pfff …

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Astrologie voor millennials

Date 29 november 2021

Astrologie is booming onder millennials, lees ik in De Nieuwe Koers, ‘hoopvol, realistisch/sinds 1969’. Ik kan niet nalaten het artikel van Arjan van der Linden te gaan lezen. Want als je van astrologie een rage gaat maken, zet ik daar snel vraagtekens bij. Maar tot mijn verbazing ben ik verwonderd over hoe jongeren volgens dat artikel omgaan met de sterren, en dat stemt me eerder blij dan cynisch. De opening pakt me. ‘Of het waar is, dat maakt ze eigenlijk niet zoveel uit. Belangrijker is dat een grote groep millennials in astrologie een middel heeft gevonden om zichzelf beter te leren kennen en hun relaties met elkaar te duiden.’ En in het hele verhaal gaat het nergens over het voorspellen van de toekomst, maar juist over het opdoen van zelfkennis. Helemaal terecht. Het is juist dat in de toekomst willen kijken dat astrologie in een discutabel daglicht heeft geplaatst. Voor mij is het een taal om de persoonlijkheid mee te beschrijven, en geeft ze handvatten voor een diagnostiek waaraan veel psychologische vakkennis kan tippen. In het artikel wordt ook naar Carl Jung verwezen, die geloofde in het bestaan van twaalf archetypische persoonlijkheden die in ons collectieve onderbewustzijn wonen. Zo mag ik het horen.

Tegelijk moet ik toegeven dat het heel makkelijk is om in astrologie te geloven. Ik ben zelf een Waterman en herken me graag in mijn horoscoop. Ook anderen zoals mijn partner en vrienden vind ik echt bij hun zonneteken passen. Is dat omdat ik dit alles zo graag wil zien of is het gewoon echt zo? Misschien is deze hele vraag wel irrelevant, ben ik niet voor niets datgene waarmee ik me identificeer. ‘Als iets bevorderlijk is voor mijn emoties maakt het me niet zoveel uit of het echt is,’ vertelt de non-binaire Luuk in het artikel. ‘Ik zie het meer als een soort zelfhulp. Ik merk dat het werkt, dus waarom zou ik eraan twijfelen?’ Daarbij ben je meer dan alleen wat de Zon in je horoscoop aanduidt. Daar gaat het ook om andere planeten in de horoscoop – astrologen noemen de Maan gemakshalve ook een planeet – hoewel die soms wat moeilijker te herkennen zijn. Ook de ascendant, het teken dat tijdens je geboorte in het oosten opkomt, is belangrijk. Niet alle Watermannen zijn dus hetzelfde. Gelukkig maar. Ramsey Nasr en Thierry Baudet zijn op dezelfde dag jarig en verschillen nogal. Maar alleen met de eerste zou ik mijn eigen verjaardag, ook op diezelfde dag, willen vieren.

Millennials gebruiken veel de app Co-Star Personalized Astrology, 1 mln.+ downloads, die zowel voor Android als IOS te downloaden is. Gratis. Ik kon het niet laten. Geboortedatum, -tijd en -plaats ingevuld. Mijn tip voor vandaag: ‘Don’t be scared to tell each other the truth.’ Ja, Watermannen hebben iets met ‘truth’ – zelfs Osho voelde dat aan toen hij mij mijn nieuwe naam gaf. Misschien omdat de Zon vandaag op mijn ascendant staat, sextiel mijn geboortezon? ‘Start a trend with an Air Venus.’ Omdat Venus nu op mijn geboortejupiter staat? Zou kunnen. En voor deze hele periode: ‘You are finding new ways to let people get to know you.’ Zon sextiel geboortezon? Als ik ‘View your chart’ aanklik vind ik een schema van alle planeten in tekens en huizen – levensgebieden – van mijn geboortehoroscoop. Geen cirkel en ook geen getallen, maar wel overzichtelijk en kloppend. Daaronder staat beschrijvingen van de planeten in de tekens en huizen, die kort, helder en treffend zijn. Zo mag ik de astrologie graag zien. Als methode voor zelfreflectie, om te kunnen zien wat er allemaal speelt als je bijvoorbeeld boos bent, of om rekening met anderen te houden als je weet wat er in zijn of haar horoscoop staat.

Zo gaan millennials mooier met astrologie om dan ik had durven hopen. Niet als een fatalistisch geloof maar als een mogelijkheid om jezelf en anderen beter te leren kennen. Niet als het nu kantelende deterministisch wereldbeeld, maar getuigend van een correlatie – dus zonder over oorzaken en gevolgen te spreken – tussen het ‘boven en beneden’. Ik ben nog met die ouderwetse astrologie opgevoed, maar gelukkig zijn de tijden veranderd. Helaas ken ik geen horoscoop van de astrologie zelf, maar de sterren lijken gunstig.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Bladblazerop!

Date 25 november 2021

Terwijl ik buiten met mijn vorige blogje bezig was, begon de buurvrouw met haar bladblazer te loeien. Dat werkt voor haar wel prettig, maar niet voor mij. Maar omdat ik toch niet meer tot schrijven in staat was, besloot ik om de bezem te pakken en te kijken wie van ons het eerst klaar was. Ik dus. Toen ik de laatste bladeren in de groene bak kieperde was zij nog bezig. Had ik toch nog wat lichaamsbeweging, veroorzaakte ik minder herrie en fijnstof, terwijl alles minder tijd en elektriciteit kostte ook. Ik heb nooit gesnapt waarom mensen die dingen gebruiken. Soms zie je zo iemand met zo’n ding minuten bezig met het opruimen van drie of vier achtergebleven blaadjes, alsof die het straatbeeld tergend ontsieren. Overigens ben ik goed bevriend met die buren, dus denk niet dat ik ze haat of zo. Integendeel.

Mijn vorige voorbuur wist ook wel raad met zijn bladblazer. Niet alleen ik maar ook de buurtbewoner met wie ik langs zijn tuin liep schrok van de herrie. Ik ben er nog steeds van overtuigd dat hij voor een prikkie op Schiphol een afgedankte straalmotor wist te scoren. Een keer heb ik hem daarop aangesproken. Dat lokt meestal een glazige blik uit. En discussies waar ik helemaal geen zin in heb. Desalniettemin moet ik toegeven dat ambachtelijk bladblazen niet echt te doen is. Evenmin als te ontdekken hoeveel herrie zo’n ding maakt als je er een wilt aanschaffen, want dat staat er vrijwel nooit bij. Gelukkig maken elektrische bladblazers tien decibel minder kabaal, ofwel maar de helft van die op een tweetakt benzinemotortje draaien. Maar de gemeente maakt daar zo te horen weinig gebruik van, en toen ik een vraag daarover stelde had ik niet de indruk dat velen daarin geïnteresseerd waren.

Gelukkig ergeren steeds meer mensen zich aan bladblazers. Om een beetje bewustzijn te stimuleren zouden die dingen niet alleen veel duurder kunnen zijn zodat meer mensen wat gezonder gaan bezemen maar zou ook, zoals gezegd, de hoeveelheid lawaai die ze veroorzaken op advertenties vermeld kunnen worden. Dat laatste vind je nergens, ook omdat de decibel een lastig begrip is. Er zijn ook allerlei soorten decibellen zoals de Lden, LAeq en de dB(A), lees ik op Wikipedia, waarbij de laatste het meest lijkt op hoe we geluid subjectief ervaren. Elke tien dB(A), dus wanneer de geluidsintensiteit tien keer sterker is, zorgt ervoor dat we het twee keer zo hard ervaren. Maar zelf vind ik het moeilijk om te zeggen hoeveel ik het ene geluid harder ervaar dan het andere geluid. Wanneer staat voor mijn gevoel de muziek twee keer zo hard als ik aan de volumeknop draai? Ik weet het niet.

Het is niet alleen het overbodige kabaal van bladblazers waaraan mensen zich steeds meer storen. Ook motorrijders willen nog wel eens veel herrie maken. Ik denk dan vaak dat ze hele kleine pikjes hebben, wat ze met hun geloei in hele woonwijken willen compenseren. Soms hoop ik dat die macho’s op hun motoren zichzelf doodrijden, maar dat doen ze nog steeds niet. Gelukkig is er een nieuwe uitvinding tegen deze overlast onderweg: de lawaaiflitspaal. Dat heeft weer hoop. Eigenlijk zouden er ook dergelijke flitspalen voor vliegtuigen moeten zijn, zodat ook die vervoerders meteen een fikse prent in hun brievenbus krijgen nadat zij soms honderdduizenden met herrie lastig hebben gevallen. Soms denk ik wel eens dat mensen helemaal niet van stilte houden. Ik wel. Het is droog zonnig weer, dus tijd om de tuin weer eens bij te gaan vegen.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Perfectie

Date 18 november 2021

Enlightenment is a simple realization that everything is as it should be. That is the definition of enlightenment: everything is as it should be, everything is utterly perfect as it is. Mooie woorden van Osho, maar nu nog even de praktijk …

Mijn vriend herinnert me eraan dat het weer november is. Want áls ik wat ga kwakkelen, dan is het in deze tijd van het jaar. En als ik me wat minder voel ben ik net een gewoon mens. Want voor ik het weet beginnen doemscenario’s in mijn hoofd te cirkelen, iets wat ik gedurende het ouder worden steeds meer terecht lijk te vinden. Onlangs werd ik wakker met een bloedneus en mijn bloeddruk bleek inderdaad te hoog. Ik heb ook iemand gekend die daaraan is overleden. En mijn moeder heeft ooit een tia gehad, een klein herseninfarct waar ze een poos zoet mee was. Zou zoiets me in mijn slaap kunnen overkomen? Voor mezelf vind ik dat niet zo erg, maar des te meer voor wat ik allemaal achterlaat. Vriend die me rond het middaguur eindelijk eens uit bed wil jagen en dan plotseling een dode Satyamo in bed aantreft. Hulptroepen die allemaal moeten worden ingeschakeld om van alles en nog wat snel te regelen. Gelukkig hebben we in onze levenstestamenten al een en ander vastgelegd, maar ik zou het Vriend niet willen aandoen. Ik lees het boek Wat doen we met de spullen? van Dick Wittenberg dat onlangs bij De Correspondent het licht zag. Het lijkt me een crime om alles op te moeten ruimen. Maar het troost me dat ik niet de enige ben met een huis boordevol spullen. Zorgen, zorgen, zorgen.

En dan komen opeens deze woorden van Osho op mijn pad. Niet dat ze echt nieuw zijn voor mij. De taak van een meester is immers niet om je allemaal nieuwe inzichten in te praten, maar om je te herinneren aan wat je eigenlijk diep van binnen allang weet. Zelf heb ik ook wel eens soortgelijke dingen beweerd, zoals dat elk grassprietje precies op zijn eigen plek staat en dat dit niet anders had kunnen zijn. Alles is al perfect zoals het is, en het is alleen mijn ik met zijn brein dat het beter meent te weten. Dat idee geeft me wat rust. Religieuze mensen zouden dat godsvertrouwen noemen, maar dat klinkt me te vroom. Het is goed mezelf eraan te herinneren dat het volmaakte of het perfecte alleen maar in mijn hoofd bestaat, en dat het juist het perfectionisme is dat roet in het eten gooit. Kijk maar naar heer Bommel, die met al zijn goede werken allemaal rampen veroorzaakt, waaruit Tom Poes hem dan weer moet weten te redden. En net als heer Bommel heb ik ook zo mijn idealen over hoe mijn leven er uit zou moeten zien. Zo betrap ik me er bij tijd en wijle op dat er een onderhuidse spanning in mijn lichaam huist, dat ik dus lang niet zo relaxt ben als ik me graag voordoe. Dat ik ervoor moet waken niet meteen te hard van stapel te lopen als ik ergens enthousiast over ben. En dat ik met een pacemaker en een metalen heup rondloop zegt wellicht ook iets over mijn niet ideale levenswijze.

Onzin allemaal. Ik ben die ik ben. Zei God dat ook niet al, zij het met hoofdletters? Wat is dat voor raar idee dat ik iets anders zou moeten zijn dan ik ben? Niet met het ideale lijf, met steeds meer rimpels en dunnere huid waarachter je de blauwe bloedvaten ziet lopen? Steeds sneller moe, zodat ik me niets meer kan voorstellen bij mijn drukke leven van een jaar of tien geleden? Aries Astro-Services en De Kaarsvlam naast de gemeenteraad – waar ik volgend jaar mee stop – en dan nog allemaal klusjes erbij? Veel te onstuimig allemaal, misschien wel ongezond, maar tegelijk weet ik dat dit helemaal Satyamo was. Nee, ik leid geen perfect leven, daarvoor doe ik teveel dingen die in me opkomen zonder aan de consequenties te denken. Maar door zo’n tekst van Osho kan ik ook mijn gebreken vieren. Non, je ne regrette rien. Ik ben zelfs blij met mijn imperfecte leven. Ben er zelfs dankbaar voor. Perfectionisme is een dodelijk ideaal. ‘To me perfectionism is the root cause of all neurosis,’ zegt Osho. ‘Unless humanity gets rid of the idea of perfection it is never going to be sane.’

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites