Trams en treinen

Date 18 april 2021

Als kind had ik al iets met het openbaar vervoer. Vooral met trams, want dat waren kleine treintjes die je over smalle sporen in het asfalt de hele stad konden laten zien. Later had ik zelf een treintje, van Märklin, gekocht bij Merkelbach in de Kalverstraat. Mijn broer en ik knutselden op een grote tafel een emplacement bij elkaar met vier wissels, twee kruiswissels, een kruispunt en levensgevaarlijke spoorbomen die pas dichtgingen als de locomotief er vlak voor reed. Een primitief stoomlocomotiefje was het, want echte locomotieven waren erg duur, om niet te spreken van het aanleggen van een complete bovenleiding. Een paar huisjes en een stationnetje van Faller, die je heel voorzichtig in elkaar moest lijmen, versierden het kleine landschapje. Waar dat alles later gebleven is, weet ik niet.

De lijnen 7 en 10 stopten bij ons voor de deur. Sommigen hadden voorop een kantelbord met hun route en bestemming, dat aan de eindpunten werd omgedraaid. Bij de latere trams werden dat films met alleen de bestemming, die de bestuurder met een zwengeltje bediende. Maar misschien nog meer was ik onder de indruk van de tramlijnkleuren die voorop de wagens te zien waren. Lijn 7 had drie horizontale banen in blauw, wit en blauw, en lijn 10 gewoon een rood vierkant. Ik verzamelde die kleuren, en mijn vader hielp me daarbij omdat hij in een personeelsblad van de PTT een serie artikelen schreef over het openbaar vervoer in Amsterdam. Tot vandaag de dag dragen de trams nog altijd die kleuren. Sommigen betwisten hun nut, maar mijn vader zei dat die bedoeld waren om al vanuit de verte te kunnen zien welke tram er aan kwam denderen.

Trams hadden twee wagons. Met op de eerste niet alleen een bestuurder, maar ook een conducteur, en op de bijwagen ook nog een conducteur. Echt luxe waren de trams met harmonicadeuren van de lijnen 24 en 25, zogenaamde drieassers, waarmee we naar mijn opa op de chique Minervalaan reden. Ik denk niet dat er een tramlijn is die tot vandaag de dag dezelfde route heeft gehouden. Niet alleen omdat die vaak verlengd is naar nieuwe wijken, maar ook omdat de stad zelf verandert, zoals met het verbeteren van de brug over het Vondelpark zodat lijn 3 erover kon tijden. In 1968 kwam onder die betonnen brug een beatkelder, waar zelfs Pink Floyd heeft opgetreden. Ook zijn in de loop der decennia veel haltes vervallen. Snelheid boven alles, wat tot vandaag de dag afbreuk doet aan het fijnmazige openbaar vervoer. Meer lopen naar haltes is heel gezond, ook als het regent.

Terug naar nog vroeger. Toen ik geboren werd reed de Gooise Moordenaar voor het laatste jaar een flinke steenworp van ons huis, het netwerk op rails dat diverse dorpen in de regio met elkaar verbond, en ook met Amsterdam. Er gebeurden 117 dodelijke ongelukken mee, vandaar zijn naam. Ik heb hem dus nooit meegemaakt, anders dan een historisch ritje in 2001 in Huizen over een baanvak van achthonderd meter. En natuurlijk op de website over de Gooise Stoomtram. Maar fractiegenoot Han Landman doet zijn uiterste best om hem weer nieuw leven in te blazen, zij het dan op luchtbanden. Maar het zal nooit de vroegere moordenaar worden, alleen al omdat hij niet op echte rails zal rijden. En zijn het niet juist de rails die trams en treinen zo leuk maken? Het vaste spoor dat hen belet om overal op straat rond te gaan zwerven? En zal die moordenaar dan een even mooie dienstregeling hebben? Op de lagere school kregen we les in het lezen van het spoorboekje, en toen stonden de routes van de trams nog op de stadsplattegrond.

Vaste tijden, vaste routes. Wat is daar zo mooi aan? Mijn horloge ziet er zelfs uit als een stationsklok, maar in Google Maps zijn nauwelijks spoorlijnen te vinden zodat ik me soms moeilijk op de kaart kan oriënteren. Misschien vinden we het nu wel allemaal zo mooi omdat het duidelijkheid en zekerheid schiep, verlangen naar een leven waarvan de route te plannen was. Misschien zijn trams en treinen wel mooi omdat je je er veilig in voelt, veiliger dan in een bus of auto. Tijdens de rit kan je lekker om je heen zitten kijken, het straatleven en landschappen aan je voorbij zien trekken. Daarom wil ik altijd bij het raampje zitten, lekker niksen of een beetje dromen. Als ik reis wil ik reizen, en niet een boek lezen of wat dan ook. Ik wil de wereld aan me voorbij zien trekken. Ja, dan ben ik eigenlijk zelf een trein, zoals Albert Hammond zingt.

Han, die voor de Gooise Moordenaar vecht, is trouwens ook een fan van modelsporen, en heeft me vaak uitgenodigd om eens bij zijn hobbyclub te komen kijken. Wie weet kom dat er eindelijk eens van nu ik mijn eerste prik tegen corona heb gekregen.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Reageer

XHTML: Je kan deze tags gebruiken: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>