Sprookjes

Date 16 mei 2013

Vaak word ik gezien als iemand die in sprookjes gelooft. Naief en goedgelovig, met veel te veel vertrouwen en optimisme. Ze kunnen me van alles op de mouw spelden. Als iemand tegen me liegt, me iets wijsmaakt, is dat zijn probleem en niet het mijne. Vind ik. Ik ga ervan uit dat iemand de waarheid spreekt, tot het tegendeel is bewezen. Ik maak voor mezelf wel uit wat waarheid en werkelijkheid zijn, wat de realiteit is. En als sprookjes daar centraal in staan, zijn die voor mij werkelijkheid.

Daar is niks mis mee. Zolang ik althans het dagelijkse leven er niet mee verwar. Want iedere wereld heeft zijn eigen domein, en sprookjesfiguren zal ik niet snel op straat of in de supermarkt tegenkomen. Als ik meen dat engelen echt van aards vlees en bloed rond me heen zweven heb ik een probleem. Die wonen nu eenmaal in een fijnstoffelijke wereld die ik met mijn fysieke ogen niet kan waarnemen, ondanks de voorstellingen die ik van hen heb, en die ook nodig zijn om er iets over te vertellen. De zogenaamde aardse werkelijkheid is nu eenmaal een andere dan die in hogere sferen, en alleen het geheel van al die werelden is eigenlijk de werkelijkheid.

Als je werkelijkheden door elkaar haalt, er geen onderscheid meer tussen kan maken, heb je een echt probleem waar psychiaters hele enge namen aan geven. Als je bijvoorbeeld denkt dat de koning echt is neergedaald uit een romantische wereld, als je meent dat hij het goddelijke op aarde vertegenwoordigt ben je raar bezig. Dat is letterlijk idealiseren: ideaal en materiële werkelijkheid door elkaar halen. Plato zou wellicht zeggen dat de koning de verstoffelijking is van de koning als idee. Maar daarmee zijn ze niet identiek. Ja, uiteindelijk wel op het diepste niveau, maar je kunt alle werelden pas verbinden als je eerst duidelijk onderscheid tussen hen hebt gemaakt.

Sprookjes zijn niets anders dan vingers die naar de maan wijzen, en zo zou de koning niets anders moeten zijn dan een verwijzing naar de koning in onszelf. Hoewel we dat diep van binnen ook wel aanvoelen, verheerlijken we vaak de koning van vlees en bloed. Opdat we niet de koning in onszelf, onze eigen kern en autoriteit hoeven te ontmoeten. Een ware koning toont ons ons eigen koningschap. Om dat in onszelf te ontdekken moeten we naakt en eerlijk tegenover onszelf zijn. En daar is moed voor nodig, durf om tegen jezelf te zeggen: ‘Daar sta je dan…’

De Kaarsvlam, mei/juni 2013

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Moederdag

Date 11 mei 2013

Precies honderd jaar geleden werd mijn moeder geboren. Op nummer 41 van de Jacob Obrechtstraat in Amsterdam. Als kind was ik daar vaak, je moest een lange trap op en er hing een wat sombere sfeer rond de zware meubels. Er hing een achter glas gestolpte Christus aan de muur, die ik een beetje eng vond. Ik leerde daar Verkade-albums kennen, en chocolaadjes van Droste die in een rond tinnen doosje zaten. Zij las De Tijd en bewaarde de strips van Kuifje De zaak Zonnebloem voor me, die ik allemaal in een schrift met harde kaft plakte. Op het plein waar het huis op uitkeek lagen in het zand nieuwe rioleringsbuizen waar ik makkelijk doorheen kon lopen, maar die later steeds kleiner leken te worden toen dat niet meer lukte. Op de ronde houten tafel lagen zware tijdschriften in kleur, waar ik niet veel van begreep omdat ze over mode gingen. Want uit die wereld kwam mijn grootmoeder, die onder andere bij Maison de Bonneterie heeft gewerkt en volgens mijn moeder ook kleding maakte voor mensen van adel en koninklijke huize. Maar dat is een wereld waar ik helemaal niets, maar dan ook niets mee heb, hoe hard mijn oma ook heeft gewerkt. En dat was nodig ook, want ik heb begrepen dat haar man, die niet ouder geworden is dan 56 jaar, niet zoveel deed voor de kost en nogal aan de drank was.

In die wereld is mijn moeder dus opgegroeid. Ze vertelde me vaak over lange wandelingen langs de Zuidelijke Wandelweg, over feesten en tennissen, en over het genieten van lange zomeravonden die later verdwenen leken te zijn. Waarbij ze even vergeten was dat de zomertijd na de oorlog was afgeschaft. Ik heb begrepen dat de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw misschien wel heel mooie jaren waren, ideaal voor een gelukkige jeugd, en met heerlijke muziek die ook ik vandaag de dag nog graag hoor. Hoe rauw en wreed moet daar de Tweede Wereldoorlog overheen gekomen zijn, na een lange periode met dreigende sfeer van duister onheil over Europa! Mijn ouders trouwden in 1939 en verhuisden, na enkele jaren in Amsterdam gewoond te hebben, tijdens de oorlog naar Blaricum, naar het huis op Zwaluwenweg 3 waar in 1942 mijn broer en in 1947 ik zelf werd geboren. Ik tracht me dat wel eens voor te stellen, over hoe de sfeer hier toen in het dorp was. Hoorde van mijn ouders verhalen over hoe je stiekem naar de radio luisterde, hoe mannen werden verleid om naar het Hilversumse Sportpark te komen, waarna ze meteen op transport werden gezet, hoe mijn vader zich voor de Duitsers verborgen wist te houden. Hoe stil het op straat geweest moet zijn, hoe koud de hongerwinter was, hoe kaal het dorp was omdat de bomen werden opgestookt.

En na de oorlog kwam ik er dus, als babyboomer. Het land was bevrijd en dat werd gevierd met vele nieuwe kinderen. Een generatie waarop ik niet altijd even trots ben, maar die volgens mij wel echt geleefd heeft, zeker in de jaren zestig. Onze moeders wensten niets dan het beste voor ons, maar konden tegelijk de oorlog niet vergeten. Als jongere begreep ik daar weinig van. In 1952 verhuisden we naar Amsterdam en als puber keek ik graag naar Lou de Jongs televisieserie De Bezetting. Maar niet alleen de tv was zwart-wit, ook het denken in goed en kwaad, zodat we in een anti-Duitse sfeer opgroeiden. Het was vooral mijn moeder die vaak naar programma’s over de oorlog keek, en ik begreep niet waarom ze dat toch steeds deed omdat het geheid in huilen eindigde. Tijdens herdenkingen was het nog echt stil op straat en tot vandaag de dag sluit ik me daar graag bij aan, zij het nu weer in Blaricum. Pas op latere leeftijd begreep ik wat meer over hoe trauma’s werken, hoe die zich letterlijk in je geest en lichaam nestelen en hoe moeilijk het is om daarvan los te komen. Iets als meditatie kende de generatie van mijn ouders nauwelijks, en ik voelde me vaak gechanteerd om iets te moeten voelen wat ik niet wilde en niet kon voelen.

Zo ook moederdag. Die was bij mijn moeder min of meer verplicht, terwijl ze tegelijkertijd vaderdag maar een commerciële verkooptruc vond. Dat werd dus niks, zeker omdat het vrijwel met haar verjaardag samenviel in de toch al emotionele meimaand. Tegelijk hield mijn moeder ontzettend veel van me, benauwend veel tot het intieme af. En ze vond het meer dan normaal dat ik ook zoveel van haar zou houden, wat natuurlijk vragen om moeilijkheden was. Mijn relatie met haar was niet echt vrij van ruzies, evenmin als haar relatie met mijn vader. Ooit adviseerde ik hen dan ook om te scheiden, wat ze toen ook hebben gedaan. Maar mijn ouders konden uiteindelijk toch niet buiten elkaar. Zoals mijn vader later ooit verzuchtte: ‘Het huwelijk is mislukt, maar de scheiding is ook mislukt…’

Ik denk dat mijn moeder heel eenzaam is geweest, zich onbegrepen voelde. Er waren dingen waarover ze niet wilde praten omdat ze te emotioneel waren en ze bang was dat niet te overleven. Echt open en blij – dat wat ze juist in mij waardeerde – heb ik haar zelden meegemaakt. In de jaren tachtig zaten mijn officieel gescheiden ouders zeven zomers in een recreatiewoning in Blaricum. Daar genoot ze echt van, zoals ze er ook van zou genieten als ze wist dat ik hier weer woon. Maar moederdag heb ik zelden veel aandacht gegeven. Het had voor mij altijd iets geforceerds, maar vaak voldeed ik toch aan mijn verplichting om de lieve vrede te bewaren. Ik vond het oneerlijk dat er geen kinderdag was, zelfs de dieren waren beter af! In mei 1979 was er een van die moederdagen waarin ik helemaal niets van me liet horen, en prompt ontdekte ik Bhagwan. Die me leerde dat eigenlijk het hele bestaan een moeder is: existence takes care. Moederdag om een dagje aan mijn moeder te denken, en dat doe ik bij deze op mijn eigen manier. Dag moeder!

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Jacco Gardner

Date 29 april 2013

‘Ik ben heel erg een hippie, terwijl ik helemaal niet uit die tijd kom. Qua stijl zit ik net voor de hippietijd, ben ik een beetje dandy, old-fashioned, best wel Engels. Je hebt van hippies uit de sixties het idee dat ze voor universele liefde waren, of het nou voor een of voor tien personen was. Dat idee vind ik wel mooi,’ aldus de toen 24-jarige Jacco Gardner in de Gooi- en Eemlander van 2 februari. Zes dagen later in nrc.next: ‘Van zanger Jacco Gardner verschijnt volgende week de cd Cabinet Of Curiosities. Op dit debuut klinkt Gardner als een kasteelheer die aan de opiumpijp heeft gehangen en zijn zinsbegoochelingen in muziek vertaalt. (…) De combinatie van klavecimbel, klokkenspel, speelgoedpiano, elektrische gitaar, akoestische gitaar, bas, drum en ijselijke achtergrondkoortjes omschrijft hij zelf als ‘sprookjesachtig’; muziek om mee te ontsnappen uit het dagelijkse bestaan.’ Mijn interesse was meteen gewekt, ook omdat hij er, moet ik er eerlijk bij zeggen, op foto’s leuk uitziet. Ik kocht dan ook snel zijn cd.

‘Neo-psychedelische sixties muziek’! Dan ben ik natuurlijk snel verkocht. Op YouTube vond ik snel hits als Clear the air, Where will you go en Summer’s game maar ook een live-uitvoering op het Groningse Eurosonic Noorderslag Festival van zijn inmiddels beroemde The ballad of little Jane. Inmiddels reist hij rond met zijn live-band met Keez Groenteman (gitaar), Jasper Verhulst (basgitaar) en Jos van Tol (drums) en maakte hij een drieweekse tournee door Amerika en gaf hij optredens in veel Europese landen, zoals op zijn website is te lezen. Een bliksemcarrière voor een knaap die zelf nooit de jaren zestig heeft meegemaakt, maar er hevig door geïnspireerd is en daar ook geen geheim van maakt. Een van zijn belangrijkste bronnen is Syd Barrett van de vroege Pink Floyd, en er is niet veel fantasie voor nodig om de sfeer van sommige nummers uit het eerste album The piper at the gates of dawn uit 1967 te herkennen. Maar ook groepen als Q65, the Motions, de Zombies en Cuby & The Blizzards inspireerden hem en het is dan ook niet zo verwonderlijk dat hij componist/producer Jean Audier ontmoette, die hem inwijdde in de muziektechniek van die roerige jaren met haar creatieve explosies.

In een vpro-interview praat Jacco zelfs bijna als een hippie! ‘Toch noemt hij zichzelf niet nostalgisch,’ zoals in het interview in nrc.next te lezen is, waarin hij zegt: ‘Ik hou van de muziek en de stijl uit de jaren zestig, maar ik verlang niet naar dat tijdperk. Hoe kan ik terugverlangen naar een tijd waarin ik er niet was? Ik vind allerlei dingen van toen, zoals originele vinyl-lp’s, geweldig. Maar niet uit nostalgie. Ik vind het geweldig omdat het nieuw voor me is.’ En dat is toch heel bijzonder, dat de inmiddels 25-jarige Gardner als nieuw beleeft wat al zowat een halve eeuw oud is. Zou het dan toch waar zijn? Dat echte mooie dingen niet vergaan, tijdloos zijn, en overgedragen worden van hart tot hart? Dat alles zich eigenlijk in het hier en nu afspeelt, en dus ook de jaren zestig? Dat je er niet naar terug kunt verlangen omdat ze er eigenlijk nog steeds zijn? De jaren zestig (ca. 1963-1973) blijven voor mij de mooiste jaren van de vorige eeuw. Des te blijer maakt het me dat de sfeer van die tijd vandaag de dag opnieuw wordt opgepakt. Dank je, Jacco!

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Het bewuste kwaad

Date 21 april 2013

Bestaat het bewuste kwaad? Kan iemand bij vol bewustzijn slechte dingen doen? Kijkend naar het huidige regeringsbeleid ben ik geneigd die vraag met een volmondig ‘Ja!’ te antwoorden. Want met hun volhardend, inconsequent en chaotisch kapotbezuinigen lijken Rutte en consorten er willens en wetens op uit de samenleving naar de knoppen te helpen. Alsof Nederland een experimenteel proefveld is geworden van een maatschappelijk experiment met als doel het ultrakapitalistische neoliberalisme te doen zegevieren. Die heilsstaat kan alleen bereikt worden met de radicale afbraak van oude normen en waarden, de vernietiging van het socialisme, om op de puinhopen van crisis en armoede verse grondvesten van kapitalisme en vrije markt als betonnen heipalen de grond in de rammen. Wat neoliberalen willen is goed te vergelijken met een uiterlijke jihad waarin de hele wereld bekeerd moet worden tot de dollar als het enige en ware geloof en zelfzuchtigheid als de alleenzaligmakende moraal. Zoals links kan doorslaan naar fanatiek communisme, kan rechts verworden tot radicaal neoliberalisme, en beide ontmoeten elkaar aan de andere kant van de cirkel waar uiteindelijk slechts enkele potentaten alle macht in handen hebben. Wellicht is niet zozeer het verschil tussen Noord-Korea en de Verenigde Staten de bron van hun conflict, maar juist hun overeenkomst.

Egocentrisme versus altruïsme, vechten tegenover verbinden, concurreren als tegenhanger van samenwerken vormen de basis van de conflicten waarin de wereld  afgelopen decennia is vastgelopen. In nog minder woorden: ik tegenover de ander. Dat is ons ook met veel paplepels ingegoten, alsof het een onvermijdbare polariteit is die dwingt tot een keuze. Waarin ik óf voor mezelf moet kiezen óf voor de ander. Eigenbelang tegenover dat van anderen, wat zich politiek heeft vertaald naar liberaal tegenover sociaal,  rechts tegenover links. Sinds mensenheugenis staan die twee, ook in allerlei varianten, tegenover elkaar. Met als gevolg schizofrene vraagstellingen welke van de twee het beste is, welke de basis moet zijn van ethisch en politiek handelen. Met aan de rechterkant het ‘verbeter de wereld, begin bij jezelf’ en aan de linkerkant een sociaal engagement en altruïsme dat helaas snel voorbijgaat aan eigen behoeften en noden,  en waarin men weigert gelukkig te zijn zolang dit niet met de hele mensheid wordt gedeeld.

Het onderscheid tussen het zelf en de ander is echter de meest misleidende droom waarin we geloven, en die uiteindelijk alleen maar tot rampspoed kan leiden. Want de ander is niet iemand die wezenlijk anders is dan ik zelf, maar een uitbreiding van mij. Als ik de grenzen van mezelf wat ruimer om me heen kan leggen, word ik die anderen en de wereld om me heen. Begrijp ik de ander en zijn motivaties. Daarom is de crisis in feite een spirituele crisis, omdat de toestanden in de wereld niet  meer houdbaar zijn zolang we in de illusie blijven geloven dat er ikjes met eigenbelangetjes bestaan. Voorbij en buiten onszelf treden, onszelf kunnen relativeren betekent inwijding in een beleving waar het geluk en de pijn van de ander ons eigen geluk en pijn worden. Empathie betekent dat we niet alleen onszelf zijn maar ook de ander. Dat is meer dan woorden, en een doorleving. Dan is ons bewustzijn meer dan een wolkje dat rond ons eigen hoofd zweeft en vindt letterlijke bewustzijnsverruiming plaats. En met dit bewustzijn is het onmogelijk om kwaad te doen.

Individualisme is verworden tot dualisme, tot gespletenheid waarin we onszelf kunstmatig hebben losgescheurd uit de eenheid van het bestaan, en waarin we te laf zijn om onszelf los te laten en te weten en te voelen wat er in anderen leeft. Het is niet verwonderlijk als blijkt dat mensen die zich met spiritualiteit bezighouden – wat eerder een helend dan een vechtend karakter heeft – zich links van het politieke spectrum bevinden, zoals Hans Gerding onlangs in de  laatste Prana met als thema spirituele crisis stelde. Net als kunstenaars en wetenschappers die hun inspiratie aan hun openheid, aan iets voorbij henzelf, hebben te danken. De grote weerstand tegen links getuigt dan ook van een grote weerzin tegen spiritualiteit, terwijl dat eigenlijk het enige antwoord is op de crisis. Bewustzijn is het enige medicijn dat deze wereld nog kan redden, al het andere zijn doekjes voor het bloeden waarmee we wellicht nog een paar extra jaren kunnen winnen, maar die de apocalyps nog alleen maar radicaler maakt. Maar niet teveel getreurd: er zijn wel vaker beschavingen ten onder gegaan, en de kosmos is zo oneindig groot…

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Canto Ostinato

Date 10 april 2013

Trance is niet alleen een stroming binnen de popmuziek, maar ook te vinden in moderne klassieke muziek, zoals minimal music. Het Canto Ostinato van Simeon ten Holt (1923-2012) is wellicht een van de meest treffende voorbeelden daarvan, en dat mochten we afgelopen zondag meemaken in Muziekgebouw aan ’t IJ in Amsterdam waar dit anderhalf uur durende meeslepende muziekwerk voor een uitverkochte zaal werd uitgevoerd door pianist Ivo Janssen, samen met vier slagwerkers achter vibrafoons en marimba’s. Het mooie van dit Canto Ostinato is dat binnen een gegeven stramien de uitvoerenden veel vrijheid hebben wat betreft instrumentatie en herhaling van de 106 secties waaruit dit meesterwerk, geschreven tussen 1976 en 1979, bestaat. Zo heb ik een cd met een uitvoering op twee vleugels van Kees Wieringa en Polo de Haas, en is op YouTube een 60 minuten durende uitvoering op vier vleugels te zien. Al luisterend dein je mee op hypnotiserende herhalingen, die in verbindende ‘bridges’ uiteenspatten tot nieuwe wervelingen waarin je meegezogen wordt in kolkende kleurige klanken, zodat ik mijn ogen niet echt droog kon houden.

Pure schoonheid golfde vanaf het podium de muisstille zaal in, en ik genoot van een van de marimbaspelers zoals hij, heel losjes en ontspannen met de muziek mee leek te dansen, en van de sierlijke wijze waarop hij met zijn stokjes, en ook even met de blote handen, zijn instrument bespeelde. Zelden heb ik een zo bezielde uitvoering van een muziekwerk gehoord waarin alle spelers zo goed op elkaar waren afgestemd, in welke betekenis dan ook. De meeslepende cadens van het Canto Ostinato heeft volgens mij ook te maken met het 5-telsritme dat erin verwerkt zit. Dat geeft een extra deinend karakter aan de muziek, en zoiets trof ik lang geleden al aan in popmuziek bij The Byrds. Minimal music of trance heeft trouwens ook al veel voorgangers in de popmuziek, want als ik naar Nehalennia van Armin van Buuren luister doet me dat sterk denken aan een van mijn  lievelingsgroepen in de jaren zeventig, Tangerine Dream, terwijl Jean Michel Jarre er ook wel wat van kon. ‘Eigenlijk verkoop ik trillende lucht,’ vertelt de inmiddels beroemde Armin, die toch een gewone jongen blijft, in nrc.next van 5 april, alsof ook die woorden iets aangeven van een hypnotiserend effect waardoor dit soort muziek, samen met lichtshows waarvan je in de jaren zestig alleen maar kon dromen, ook wel ‘dance’ wordt genoemd.

Maar dat is tegelijk een heel andere wereld dan die we zien in een interview met de wat boertige Simeon ten Holt in zijn huisje in Bergen, waarin ook passages van andere muziekwerken van hem te horen zijn. De populariteit van zijn Canto Ostinato noemt hij een hype, maar wat mij betreft een terechte hype. Ooit attendeerde Hein ons op dit werk, waarvoor we meteen enthousiast raakten. En ik associeer het nog steeds met Kasteel Groeneveld in Baarn omdat we daaruit eens die muziek hoorden opstijgen toen we daar in de buurt fietsten. Verlangend wachtend op het hoofdthema, dat pas in de 74ste sectie uit de klanken oprijst. ‘Dat heeft vooral effect,’ staat in de toelichting bij de uitvoering in Muziekgebouw aan ’t IJ te lezen, ‘omdat je op dat moment al een uur lang hebt zitten luisteren naar golvende, hypnotische herhaling – daardoor komt het als een flinke emotionele schok.’ En dat is meer dan waar. Ik heb nooit gedacht dat moderne klassieke muziek zo ontroerend kan zijn. Na het abrupte einde na anderhalf uur was de zaal secondenlang muisstil voordat er een daverend applaus uitbrak, compleet met geroep en gefluit. En terecht! Ware schoonheid bestaat nog.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Spirituele vips

Date 4 april 2013

In het laatste nummer van Koorddanser staat de Watkins Top 100. Dat is een lijst van very important spiritual persons, van visps die elk jaar samengesteld wordt door uitgeverij Watson in Londen. Die  mag alleen namen van nog levende mensen bevatten, laat de toelichting weten, dus Boeddha en Bhagwan zal je er niet in tegenkomen. Verder moeten de personen ‘een unieke spirituele bijdrage hebben geleverd op wereldwijde schaal’ en vaak op Google zijn opgezocht. Een en ander is te vinden op de website van Watkins. De top-100 wordt aangevoerd door de Dalai Lama, maar van ontzettend veel mensen op de lijst heb ik eerlijk gezegd nog nooit gehoord. Lievelingsverlichten van mij komen er wel op voor: Eckhart Tolle (3), Adyashanti (54) en Tony Parsons (71). Maar ik zie ook veel namen waarbij ik me serieus afvraag of je ze wel spiritueel zou kunnen noemen, zoals Oprah Winfrey (8), Neale Donald Walsch (21), Joseph Ratzinger (33), Louise Hay (45) en James Redfield (46). Er zitten ook veel lieve mensen bij waar helemaal niets mis mee is, zoals Nelson Mandela (12) en Desmond Tutu (19), en mensen die op een bepaald randwetenschappelijk vakgebied floreren zoals Erich von Däniken (43), Ken Wilber (50), Lynne McTaggart (66), Liz Greene (76) en Rupert Sheldrake (87). Kortom: een allegaartje van mensen die veel anderen hebben geïnspireerd om eens op een andere manier naar de werkelijkheid te kijken. Alternatievelingen.

Daar op zich is niks mis mee. Integendeel. Maar ik blijf wel met twee dingen in mijn maag zitten. Namelijk wat ‘spiritueel’ is, en wat ‘belangrijk’ is. Als je deze lijst ziet is het vrijwel onmogelijk om de eerste vraag te beantwoorden. Want je had evengoed van vaips kunnen spreken, very important alternative persons. Maar wat alternatief is, is daarmee nog niet spiritueel en een top-100 als deze geeft dan ook goed weer hoe het begrip ‘spiritueel’ is vervaagd, zodat niemand eigenlijk meer weet wat ermee wordt bedoeld. Ofwel: elke alternatieveling kan zich ‘spiritueel’ noemen. Wat dan ook gebeurt. In onze vorige paus kan ik weinig spiritueels herkennen, maar daar zal hij zelf wel anders over denken. En hoe knap Liz Greene ook als astrologe mag zijn, ik zie nog niet wat dat met spiritualiteit te maken heeft. Zo maakt deze Watkins top-100 ons pijnlijk bewust van het feit dat eigenlijk niemand weet wat spiritualiteit eigenlijk inhoudt.

Geen wonder dat velen het maar een vaag wereldje vinden, en er dan ook niet veel interesse voor tonen. Het is de hoogste tijd om eens helder te formuleren wat we ermee bedoelen, waarin het zich onderscheidt van astrologie, (para)psychologie, ufologie, charismatisch leiderschap, wetenschap, mystiek, complotologie, sjamanisme, occultisme, acupunctuur en natuurverheerlijking, om maar wat te noemen. Al vaker heb ik gepleit voor: bewustwording van de eenheid van al dat is, niet alleen in de zichtbare wereld maar ook in en met de onzichtbare werelden, zowel in heden, verleden als toekomst, waarmee ik dus het nondualisme er een centrale rol in geef. ‘Eenheid’ is een begrip dat je bij deze alternatieven ontzettend vaak tegenkomt, maar wat niet altijd consequent is doorgevoerd. In eenheid is geen plaats voor polarisatie zodat de wereld niet meer in te delen is in hemel en hel, in goed en kwaad, in mooi en lelijk omdat het verschil daartussen bedacht is, een gebrek aan bewustzijn dat boven het denken uitstijgt. Spiritualiteit is daarmee per definitie helend, verbindend en niet verdelend, vechtend.

En dan die tweede vraag: wat maakt iemand een belangrijk spiritueel persoon? Als ik Bhagwan die vraag zou stellen, wist ik zijn antwoord al. Namelijk dat niet alleen een persoon nooit spiritueel kan zijn omdat het ‘ik’ van die persoon het spirituele al uitsluit. En ook dat iemand die spiritueel is nooit ‘belangrijk’ kan zijn omdat hij niet meer aan zijn ego vastkleeft. Vele eersten zullen de laatsten zijn, dat wel, en velen die zichzelf onbelangrijk vinden zullen uiteindelijk de belangrijksten blijken te zijn, maar om te spreken van ‘spiritueel belangrijke persoon’ is een contradictio in terminis in het kwadraat! Bovendien zou Bhagwan de humor erin missen. Belangrijke personen zijn heel slecht in het relativeren van zichzelf, daarvoor nemen ze zichzelf veel te serieus. En omgekeerd: als mensen heel serieus zijn kan je er donder op zeggen dat ze niet spiritueel zijn. Veel serieuze dingen, zoals een spirituele top-100, kan ik moeilijk serieus nemen. Terwijl ik humor juist heel serieus neem, als iemand begrijpt wat ik bedoel.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

De Correspondent

Date 21 maart 2013

Wat is nieuws? Voor mij is het nieuws dat De Correspondent nu ik dit schrijf 10.895 leden heeft en daarmee 74% van haar doel heeft bereikt. Het is een initiatief van Rob Wijnberg om een digitaal medium te maken dat nieuws brengt dat voorbij de waan van de dag gaat, ‘de dieperliggende structuren en ontwikkelingen achter het nieuws’ in beeld wil brengen. Voorbij de simplificatie, oppervlakkigheid en frames. Onafhankelijk van adverteerders die maar al te vaak invloed hebben op wat ons als ‘nieuws’ wordt voorgeschoteld. En waarbij nieuws veel meer binnen een context wordt geplaatst. De uiteindelijke vorm moet nog gevonden worden, maar het zit er dik in dat het een soort combinatie van blogs wordt van mensen die zich van harte aan De Correspondent committeren. Met Rob Wijnberg, Femke Halsema, Joris Luyendijk, Arnon Grünberg, Henk Hofland, Alexander Klöpping, Jelle Brandt Corstius, Jos de Putter, Teun Gautier, Joris van Casteren, Ewald Engelen, Dick Wittenberg, Jeroen Smit… Niet de eersten de besten.

Rob Wijnberg, een leeuw uit 1982, is filosoof. Al voordat hij hoofdredacteur van nrc.next werd was ik een fan van hem. Hij schreef boeken als Nietzsche en Kant lezen de krant, En mijn tafelheer is Plato en onlangs als manifest van zijn huidige project De Nieuwsfabriek. Een half jaar geleden werd hij door hoofdredacteur Peter Vandermeersch ontslagen omdat nrc.next onder zijn hoede te weinig newsy was. Zo had hij het gepresteerd om op Prinsjesdag de voorpagina te vullen met een Australische asielzoeker. Terwijl het juist de kracht en het onderscheidende element van nrc.next was om niet meteen hijgerig te gaan schrijven over wat anderen schrijven en dat zo nodig in de vaart der meningen meegenomen moet worden, zoals bij de meeste media het geval is. Daarmee haalde Vandermeersch het hart uit nrc.next. Om op 3 januari alsnog de voorpagina te vullen met het huwelijk van Rafael van der Vaart en Sylvie Meijs. Newsy! Dat een hoofdredacteur zo’n woord alleen al in zijn mond neemt voorspelt niet veel goeds.

Zijn ontslag maakte voor Rob Wijnberg wel de weg vrij om zijn eigen gang te gaan en een medium te beginnen dat ook nog aan iets als waarheidsvinding wil doen. Want na lezing van De Nieuwsfabriek ben ik er heilig van overtuigd dat we door veel media ronduit belazerd worden door beelden van onze wereld te scheppen waar weinig van klopt. Zo is onze welvaart veel groter dan ons wordt voorgespiegeld. Neemt criminaliteit af. Is aandacht voor terreur veel te groot in verhouding tot andere gevaren. Is er consensus onder wetenschappers dat de klimaatverandering echt is en door menselijk handelen wordt veroorzaakt. Omdat dat soort nieuws slecht verkoopt dan wel niet geliefd is door adverteerders, wordt ons maar al te vaak angst aangepraat dan wel de werkelijkheid verdoezeld. Halve land onder water was ooit een kop van De Telegraaf, die ik niet vergeten ben. Het is trouwens ook niet voor niets dat ik nauwelijks naar de radio luister of televisie kijk, want daar kakelt te vaak iedereen door elkaar heen en mogen de meest complexe problemen in hooguit vijftien woorden worden opgelost.

Toen hij enkele dagen geleden met De Correspondent begon zat hij aan tafel bij De Wereld Draait Door. In paars, brutaal openhangend overhemd. Ja, ik vind hem ook een leuke knaap (bloos), zodat het erop lijkt dat in hem iets van Plato’s schoonheid, waarheid en goedheid samenkomen. En dat geeft hoop. Ik was er dan ook heel snel bij om zestig euro te geven aan dit project. Heb er zelfs nog vijftig bovenop gedaan. Om echt van start te gaan moeten er over 27 dagen minstens 15.000 leden zijn. Als dat niet gehaald wordt krijgt iedereen gewoon zijn geld terug. En als dat wel gehaald wordt ben ik een jaar lang abonnee. Voor ‘dagelijks nieuwe artikelen die het nieuws van context voorzien, door uitgesproken correspondenten, overal digitaal beschikbaar, zonder advertenties’. Op naar de nieuwe journalistiek! Doorbreek de mediacratie! Word lid van De Correspondent!

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

De misleiding

Date 16 maart 2013

Jammer dat de New York soda ban van burgemeester Michael Bloomberg alweer van tafel is geveegd. Deze zou teveel inbreuk maken op de persoonlijke vrijheid. De vrijheid om je te laten misleiden zullen ze bedoelen. En de vrijheid om te misleiden, want als er ergens misbruik van de psychologie wordt gemaakt is het wel in de wereld van commercie en reclame. Daarbij vergeleken is Diederik Stapel een onschuldige charlatan. Als je uit drie bekers van verschillende grootte kunt kiezen, kiezen de meeste mensen voor de middelste maat, dus schalen ze alle groottes op. Ik vind het zelf ook al een crime als ik op het station veel meer cola uit de automaat moet halen dan ik eigenlijk wil. Niks geen vrijheid. Reclame maakt misbruik van onbewust beïnvloeding van mensen door herhaling en herhaling, en met associaties door bloedmooie vrouwen op de motorkap van auto’s te laten zitten. Misschien dat ik daarom als homo ook geen auto heb. En wel een abonnement op nrc.next dat me in een winkelstraat is verkocht door een leuke knaap.

Het Amerikaanse volk gaat aan dikte ten onder. Vliegtuigstoelen moeten worden aangepast en eerlijk gezegd vind ik het terecht dat dan voor een vliegticket extra betaald moet worden. Zoals ik ook vind dat in het openbaar vervoer niet alleen het aantal kilometers dat je aflegt berekend zou moeten worden, maar ook je gewicht. Een weegschaal onder de treeplank en wat slimmigheidjes met die vermaledijde OV-chipkaart voldoen. Ik heb ook ergens gelezen dat obesitas, diabetes en Alzheimer heel goed samengaan, dus wellicht is de domheid en simpelheid van het Amerikaanse volk nu al een gevolg van decennia Coca Cola en McDonald’s. Ja, ik heb geen hoge pet op van Amerikanen, al was het alleen maar om hun naïeve geloof in de American dream, die zich geleidelijk ontpopt als de American nightmare. Natuurlijk ben ik voor vrijheid, maar ik ben niet voor de vrijheid om andere mensen te misleiden en hele bevolkingen zo naar de bliksem te helpen. Dan moet je toch af en toe ingrijpen.

Soms gebeurt dat ook. Een beetje dan, heel voorzichtig. Zo krijgen we straks verschrikkelijke plaatjes op pakjes sigaretten. Nu staat er alleen nog maar op dat roken dodelijk is, en dat het de potentie vermindert en zo. Dit mooie voorbeeld moet ook in de voedings- en drankenindustrie gevolgd worden. Dus plaatjes van hele dikke kwabbige domme mensen, liefst met veel rimpels, op de verpakking van eh… tja, van bijna alles wat eetbaar en drinkbaar is. Mensen die in paniek naar hun hartstreek grijpen of half verlamd en kwijlend in rolstoelen rijden. En naast die plaatjes, op straffe van het bijleveren van een vergrootglas, in het grootst gebruikte lettertype vermelden hoeveel suiker en zout er in zit. Want nu vertellen de opvallendste letters op een pak Appelsientje Sinaasappel dat het 82 kcal bevat, met wat minder opvallende letters eromheen dat dit per glas is. En wordt de voedingswaarde per 100 ml vermeld, samen met de opmerking dat een glas 200 ml bevat. Veel te ingewikkeld. Zet er gewoon op dat in zo’n pak zowat een ons suiker zit!

Vrijheid, wie kan daar nou tegen zijn? Maar het huidige neoliberale afbraakkabinet staat een ongebreidelde vrijheid ten koste van anderen toe. Ja iedereen moet vrij zijn om te eten, te drinken en te roken wat hij zelf wil, maar heeft er wel recht op te weten wat hij allemaal eet, drinkt en rookt, inclusief kleurstoffen, bestrijdingsmiddelen en smaakversterkers. Pas dan mag de ‘eigen verantwoordelijkheid’ om de hoek komen kijken. Als je eerlijk bent voorgelicht en je je toch een hartinfarct wil vreten, een longkanker bij elkaar wilt roken of seniliteit wilt indrinken, ga dan je gang! Vrijheid, blijheid. Maar verwacht dan niet dat ik wil meebetalen aan je medische hulp. En bovendien: goede waar behoeft geen krans, die verkoopt zichzelf wel vanwege de kwaliteit ervan. Ooit een reclame voor een iPad gezien? Op enkele uitzonderingen na is de meeste reclame gestoeld op misleiding. En zolang misleiding wordt getolereerd is er veel mis met de leiding.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Verdeel en heers

Date 8 maart 2013

‘Vind u dat uw gemeente goed functioneert en dat er nog veel verbeterd kan worden? Kies uit de antwoorden van 1 tot 10.’

Met dit soort vragen werd een kleine honderd Gooise bestuurders vanmorgen geconfronteerd in het Singer in Laren, waar Pieter Winsemius een peiling hield over mogelijke samenwerking en fusies van de gemeenten in dit unieke en uitzonderlijke aanhangsel van Noord-Holland dat eigenlijk bij Utrecht zou moeten horen. Hij hield vlotte vrolijke verhalen, die de aanzet vormden tot stellingen waarvoor het onmogelijk was een cijfer te geven. Ook omdat hij die zo uitgebreid toelichtte dat je tegen de tijd dat je op het knopje moest drukken al niet meer wist wat het resultaat daarvan eigenlijk betekende.
‘Kunt u de vraag in tien woorden samenvatten?’ vroeg ik nog, waarop die samenvatting soms weer de oorspronkelijke stelling tegensprak. En ik was niet de enige die het daar moeilijk mee had.

Op gegeven moment ben ik de zaal uitgelopen om lekker buiten een sigaartje te gaan roken, in de stille lentezon starend naar een enkele vroege museumganger. Ik twitterde over de chaos en vroeg me opnieuw af hoe dit soort flutpeilingen toch mogelijk was, wetende dat het geen enkele toets van serieus onderzoek zou kunnen weerstaan. Dit was nog erger dan wat ik ooit bij Twynstra & Gudde heb meegemaakt. Je had dit onderzoek even goed kunnen laten doen door Diederik Stapel. Dat overheden dit soort peilingen enige waarde toekennen getuigt niet echt van intelligentie en doet het ergste vermoeden.

Dit ruikt naar manipulatie, wat nog versterkt werd door het feit dat Winsemius meerdere malen zei dat er niet gemanipuleerd werd. Maar waarom dan niet de stelling waarover gestemd moest worden niet gewoon op het grote scherm waarop de eindscores werden weergegeven? Waarom dan steeds met een cijfer moeten antwoorden wat niet in een getal uit te drukken was? ‘Wie chaos zaait zal chaos oogsten,’ dacht ik. Maar dat was waarschijnlijk ook de bedoeling, want dat geeft hogere overheden nog meer het recht om in te grijpen en gemeentes tot fusies te dwingen, op te schalen tot gedrochten van 100.000 inwoners of meer waar niemand zich meer bij betrokken voelt. Verdeel en heers. Dat gebeurt misschien niet eens bewust of met kwade opzet, maar omdat het eeuwenlang in politici ingeslepen patronen zijn om macht uit te oefenen.

Gelukkig zaten er ook wat heldere geesten in de zaal die zinnige dingen zeiden, maar slechts weinigen gingen naar huis met het gevoel dat samenwerking ook maar één stap meer dichtbij was gekomen, wat oorspronkelijk wel het thema was van deze bijeenkomst. Niet dat gemeenten elkaar in de haren zijn gevlogen, maar wel dat er nu getallen in tabellen staan, zonder dat er bij staat wat er nou eigenlijk is gemeten, en die dus voor van alles gebruikt kunnen worden. Voor de macht, voor grootschaligheid, voor het ontnemen van identiteit. En daar heb ik nog aan meegewerkt ook. Het wordt tijd dat, net zoals Joris Luyendijk dat in de bankwereld doet, er ook in de politiek mensen opstaan die de wereld van beleid en bestuur aan een soort meta-analyse onderwerpen.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Maya in topvorm

Date 7 maart 2013

Spirituele leringen en literatuur liggen vaak zwaar op de maag. En wel in die betekenis dat er altijd omzettend veel noeste arbeid te verrichten is alvorens iets van bevrijding, van je ware bestemming geproefd kan worden. Als je niet met Marcel Messing tegen duistere krachten moet vechten, laat Jed McKenna je wel weten dat Maya zich niet makkelijk laat overwinnen. De totale vernietiging van het ego, sterven voordat je sterft, kleurt het overgrote deel van het spirituele gedachtengoed, en het maakt weinig wezenlijk verschil of je het dan over Paulus, het calvinisme, Rozenkruisers, Gurdjieff of het gros van het alternatieve new-agegedachtengoed hebt. Er is zwaar en serieus werk aan de winkel en dat zullen we weten ook, daar mogen we niet al te makkelijk over denken. We zullen ons eerst door de krochten, de hel van ons al dan niet collectieve onderbewustzijn heen moeten ploeteren, met weinig kans van slagen omdat we constant door ons ego, de duivel of Maya in de luren worden gelegd. De weg naar Zelfkennis gaat niet over rozen en er moet hoe dan ook geleden worden om onsterfelijkheid, in welke betekenis dan ook, te beërven. Maar misschien is juist dat wel de illusie der illusies, het wezen van Maya in topvorm.

Wat ik vaak aantref is dat het vooral gaat over de slechte wereld met al zijn verleidingen en corruptie, over onze eigen behoefte aan verslaving en oppervlakkig genot, ons gebrek aan bewustzijn van onze eigen verdorvenheid. Dat je geen moment meer van het leven mag genieten zoals het is, tenzij het in het licht staat van verheven idealen van liefde en verbondenheid. Zoals Rob Wijnberg in zijn recente boek De nieuwsfabriek aantoont hoe ons wereldbeeld gecorrumpeerd wordt door de media, zo wordt ook onze visie op religie en spiritualiteit vervalst door leraren en auteurs die ons er bij voorkeur op wijzen hoe slecht en misleidend de wereld en de mensheid zijn. En wel op dezelfde manier, door de aandacht voornamelijk op het negatieve te focussen. Zoals De Telegraaf bij wateroverlast meteen in chocoladeletters kopt dat het halve land onder water staat, zo laten spirituele media maar al te vaak weten dat de mens eigenlijk een diep verdorven ras is en dat bevrijding bepaald niet om de hoek ligt. Terwijl het allemaal halve waarheden zijn, die daarmee erger zijn dan hele leugens.

Een beetje objectieve blik op de echte werkelijkheid laat zien dat deze even goed is als slecht, even mooi als lelijk, en dat deze kwalificaties eigenlijk alleen maar oordelen zijn van ons oppervlakkig verstand dat alles in hokjes en vakjes wil indelen. In veel lelijkheid is op een diepere laag schoonheid te ontdekken. al was het maar die van oude vervallen gebouwen en fabrieken. Achter veel goedheid zitten dubieuze motieven, en de bron van veel haat en kwaadheid is eenzaamheid en verdriet waar op zich niks mis mee is. Uiteindelijk kan je van het hele bestaan niet veel meer zeggen dan dat het is, en daarmee overstijg je alle per definitie fictieve dualiteit, verhef je alles tot een hoger plan van wat ik de echte schoonheid, goedheid en werkelijkheid zou willen noemen. Voorbij dualiteit gaat alles stralen in neutraliteit, met een helderheid waar de spetters van afvliegen. Eigenlijk zou ik dat de echte nulpunt-energie willen noemen, het echte objectivisme.

Bhagwan, die zich later Osho noemde, is een van de weinigen bij wie ik deze manier van overstijgen van de dualiteit herkende. Bij hem mochten alle werelden naast elkaar bestaan. Zorba was Boeddha, en Boeddha was Zorba, en zo kon je dansen in de ashram zonder je daarin belemmerd te hoeven voelen over de armoede en ellende buiten de poort. Bij hem was rijkdom niet per definitie slecht, en armoede niet per definitie goed. Bij hem zaten niet allemaal hongerende Afrikaanse kindertjes toe te kijken om je eetlust op je verjaardagsfeestje te bederven, maar mocht je gewoon genieten van het leven zoals zich dat hier en nu in jouw situatie aandiende, omdat jouw feestje er ook mocht zijn. Rijkdom kun je alleen delen als je dat ook in jezelf toestaat. Dat lijkt neoliberaal, maar hier is het juist de onzelfzuchtigheid die tot bevrijding leidt: de verlichte is bevrijd van oordelen en heeft respect voor het totale bestaan, in welke vorm zich dat ook aan ons subjectieve bewustzijn wil opdringen. Ware rijkdom is te weten dat eigenlijk niets van jou is. Dat je een voorbijgaande reiziger bent in een immense en oneindige kosmos. Te weten dat niet jij in het leven staat, maar het leven in jou.

Serieusheid is de ziekte, serieusheid is de controle van een ego dat zelfs zijn eigen vernietiging in de hand wil houden, serieusheid is de vijand van relativisme, lichtvoetigheid en humor. Maya, de begoocheling die ons in dualiteit wil doen geloven, kan alleen overwonnen worden door haar niet meer serieus te nemen. Maya is de grootste, maar daarmee ook de laatste illusie.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites