Osho

Date 27 juli 2016

Osho is mijn Meester. Wow, wat klinkt dat onderdanig! Zeker als je dan ook nog een hoofdletter gebruikt. Want een meester is maar al te vaak iemand die de baas over je is. Zoals de strenge schoolmeester of iemand die je in een seksueel spel tot gehoorzaamheid dwingt. Maar het kan ook gewoon iemand zijn die boven je staat, gewoon omdat hij zijn vak goed kent, zoals iemand met de meestertitel in een gilde. En wat te denken van al die afgestudeerden met een mastertitel? Zo ben ik zelf een meester in de wetenschap! Niet alle meesters zijn op macht belust, wat niet wegneemt dat ze in spirituele kringen best verdacht zijn. Er zijn voorbeelden te over die enig wantrouwen rechtvaardigen. Zo waren er in de tijd dat ik belandde bij Osho – die zich toen nog Bhagwan noemde – fanatieke sektenjagers zoals Sipke van der Land die in 1980 een hele televisieserie wijdde aan diverse spirituele stromingen. Soms waren zijn verdachtmakingen terecht, maar van Osho had hij, ondanks het feit dat ik hem zelf zag filmen op de ashram in Pune, niets begrepen. Want ik merkte daar niets van de macht, uitbuiting en indoctrinatie die Osho zo vaak in de schoenen werd geschoven. En tja, ik moest toch op mijn eigen ervaring afgaan, en met deze Meester was helemaal niets mis. Integendeel zelfs – vandaar de hoofdletter.

Maar wat zocht ik dan bij een Meester? Waarom had ik die zo nodig dat ik naar India moest om me tussen het bontgekleurde volkje van sannyasins te begeven? In die malle jurken, met die ruige therapiegroepen, lange ochtendlezingen en radicale meditaties? Wat ik er zocht en vond was herkenning en daarmee erkenning. Herkenning en erkenning van dingen die ik diep van binnen al lang wist, een soort uit de kast komen binnen een eigen vertrouwde groep. Want natuurlijk zoek je soortgenoten op, zoals je dat ook kan doen als je homo of hoogbegaafd bent, of zoals iedereen graag met vakgenoten of lotgenoten omgaat. Wat kerken en sektes betreft was ik inmiddels een ervaringsdeskundige, niet bang om aan de meest enge bewegingen te snuffelen. Maar ‘het’ had ik daar niet gevonden, het ‘het’ dat ik meteen herkende in de eerste woorden die ik las van Osho, en waardoor ik meteen verliefd op hem werd. Want spiritualiteit is niet alleen iets van het hoofd, maar ook van het hart en van de dingen die je doet. Er kwam een innerlijke heelheid in me, die voor mij de jaren tachtig tot een fantastisch mooie tijd maakte, gewoon omdat ik vaak gelukkig was, meer dan ooit mezelf was. Ik was thuisgekomen.

Wat was dan die wijsheid die ik daar India bevestigd zag? Al bij de eerste taxirit in dat land voelde ik hoe daar de millennia oude diepe wijsheid in de bodem zat, in tegenstelling tot dat jonge, oppervlakkige en nog bleke christendom in het Westen. Natuurlijk had ik er al veel over gelezen en gepraat, maar dat is iets anders dan het mee te maken, het aan den lijve te voelen. De wijsheid van de waarheid die diep binnenin jezelf schuilt: dat het leven één groot spel, één hypnotiserende illusie is, gecreëerd door het denken dat – hoewel het niet anders kan – altijd onderscheid maakt tussen ik en de ander, tussen leven en dood, tussen oorzaak en gevolg, en ga zo maar door. Het denken verdeelt wat in feite één is, en schept problemen die er helemaal niet zijn. ‘The problem does not exist,’ zei Osho, en gelijk heeft hij, want probeer maar eens één grassprietje te vinden dat op de verkeerde plaats staat. Alles is er al, en alles is goed, en wie zijn wij om het beter te weten dan het bestaan zelf? Zelfs het woord ‘goed’ is al teveel omdat het een oordeel inhoudt, en wie zijn wij om te oordelen? Alles is zoals het is, en meer is er niet te zeggen.

Veel sannyasins meenden dat je volgens Osho het denken dan maar overboord moest gooien, maar ook dat is een gedachte. Het gaat erom dat je je niet vereenzelvigt met je gedachten, je gevoelens, je lichaam, met wat je doet of wat dan ook. Dat je de stille ‘watcher on the hill’ blijft, leeg bent van binnen en daarom openstaat voor wat je overkomt. Dat je de getuige blijft, net als een spiegel die zich niet druk maakt over wat hij reflecteert, net als de zon die geen onderscheid maakt in het geven van zijn warmte en licht. Het enige dat echt waar is, is wat hier en nu om je heen is, en de rest is allemaal bedacht. Dat kan klinken alsof er helemaal niets te doen is, maar ook dat is weer een gedachte, en die laat geen ruimte over voor spontaniteit, mee te gaan met wat zich aandient: ‘flow with the river’. Eigenlijk kan alleen hij die niet is, hij die leeg is goed doen, ‘Gods werken doen’. Veel zen dus, veel taoïsme en veel non-dualiteit bij Osho, en hij wist het behapbaar te maken voor westerlingen, ook omdat hij ragfijn aantoonde hoe godsdiensten meestal begonnen zijn met verlichte Meesters die allemaal hetzelfde verkondigden – geef je over aan en vertrouw op het goddelijke in jezelf – maar in de loop der eeuwen door de machtswellust van priesters en politici zijn gecorrumpeerd. Tracht het niet te begrijpen allemaal, want dat lukt je nooit. Een beroemde uitspraak van Osho is: ‘Life is not a problem to be solved, but a mystery to be lived’.

Dagelijks stuurt MySamasati mij een kort citaat van Osho. Daar kan ik dan even stil van worden. Zo vertelde hij eens dat verlichting besmettelijk is. Dat is dan ook de enige functie van een Meester: de mysterieuze overdracht van bewustzijn die in zijn nabijheid plaatsvindt. De ware Meester is er alleen maar, doet niets, is als een bloem die geurt voor hen die eraan willen ruiken, een vogel die zingt voor iedereen die het wil horen. Niets bijzonders dus, en juist daarom zo bijzonder.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

SlaveCity

Date 21 juli 2016

Deze week hebben we SlaveCity bezocht, een expositie van Joep van Lieshout in Museum De Pont in Tilburg. Het is de verbeelding van een futuristische, geheel zichzelf voorzienende stad waarin 200.000 mensen wonen, werken en leven. Een wereld die draait op rationalisme en exploitatie, die in tekeningen, beelden, berekeningen en maquettes tot leven wordt gewekt. Waarbij het gaat om ‘zoveel mogelijk profijt maken en geld verdienen met de mens,’ zoals Van Lieshout in een documentaire over onder andere dit project vertelt. Bij aankomst in het Welcoming Center wordt iedereen gecheckt op bruikbaarheid, en als mensen niet geschikt zijn om te werken, kunnen hun lichamen nog altijd nuttig zijn door ze tot biobrandstof te verwerken, ze voor consumptie geschikt maken of de organen ervan te transplanteren. Al bij binnenkomst van de tentoonstelling staat een operatietafel al klaar, geflankeerd door menselijke karkassen aan vleeshaken. Welkom in SlaveCity!

De meeste mensen komen te werken in een Call Center, achter lange rijen eentonige desks. Hun loon is geen geld maar seks waarvoor partners van diverse nationaliteiten ter beschikking staan. Wie de slavendrijvers zijn en hoe ze leven blijft, afgezien van de maquettes van gebouwen waarin zij wonen, wat buiten beeld op deze expositie. Het enige dat ik heb opgepikt is dat ze genieten van kunst en cultuur. Het zijn hoofdzakelijk de slachtoffers die we zien, die soms naast hun ingewanden op de vloer liggen. Of in een rek naast en boven elkaar, kunstmatig gevoed en ontlast met buizen in de mond en de kont om energie uit menselijke uitwerpselen te maken, waarbij ze extra alcohol toegediend krijgen om daarmee ‘onvreugden, opstanden en revolutie’ te verhinderen. Daarmee vergeleken leiden de slaven die een waterwagen duwen, en daarmee geld verdienen om allerlei utopische projecten mogelijk te maken, een gelukkig leven.

Wat ik mij wel afvraag is waar al die slaven vandaan komen, want het lijkt me niet ideaal om je levensbestemming in die stad te zoeken. Mij zullen ze niet zien aan de balie van het Welcoming Centre. Maar wellicht is het een soort verplichte tegenprestatie van werklozen, een straf voor criminelen of een soort derdelijnshulp van zorgverzekeraars. Ook vraag ik me af hoe zelfvoorzienend SlaveCity kan zijn als de 7,8 miljard euro winst afhankelijk is van het Call Centre, want ook daarvoor heb je mensen van buiten nodig die je moet overdonderen om producten en diensten aan de man te brengen. Maar het idee om inkomsten met een callcenter te verwerven is zeker actueel, doodgegooid als we tegenwoordig worden met ongevraagde telefoontjes, pop-upvensters op websites, schreeuwende reclames op pleinen en zelfs in de spiegels van openbare toiletten. Niet zozeer fysiek maar psychisch wordt de mens meer geëxploiteerd dan ooit.

SlaveCity roept aan de ene kant herinneringen op aan de berekenende rationaliteit van Duitse concentratie- en vernietigingskampen, en toont aan de andere kant de dystopie van een uit de hand gelopen neoliberale samenleving, die immers ook op efficiency en het zoveel mogelijk economisch profijt trekken uit de mens is gebaseerd. Een bezoek aan deze expositie is dan ook verplicht voor Mark Rutte en consorten, opdat zij zien waartoe hun visieloze visie kan leiden. SlaveCity is eigenlijk al in het heden aanwezig, en dringt zich ongemerkt door in de poriën van de samenleving. Niet echt om vrolijk van te worden. Hoewel? Moet ik mijn geluk laten bepalen door de omstandigheden? Liever niet. Na afloop wandelen we door het centrum van Tilburg. We drinken Belgisch bier op het terras van Langeboom, het is 31 graden, ik vang een Pokémon en de leuke jongen die ons bedient vraagt of ik spekjes in mijn geitenkaassalade wil. Dat lijkt me lekker, en dat is geen mensenvlees. Nog niet.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Duffe dagen

Date 18 juli 2016

Een paar weken geleden had ik een flinke griep te pakken, en hoewel die alweer een poosje over is voel ik me nog steeds futloos, duf en slaperig. Dat kan ik me ook wel een beetje permitteren, want het zomerreces is begonnen zodat het nu tijd is voor een beetje vakantie. Thuis. Want als iedereen weg is, is het zo heerlijk stil en rustig buiten. Ik hou van lege dagen waarop eigenlijk niets hoeft. Ja, ik heb de boekhouding van vorig jaar naar mijn accountant in Buitenveldert gebracht, en maakte kennis met zijn opvolger die net als ik klinische psychologie gestudeerd blijkt te hebben. Waar zo’n studie al niet nuttig voor is. Daarna heb ik van een massage genoten, en heb ik geen last meer gehad van een vervelende spierpijn die me zelfs uit mijn slaap hield. Moe en rozig wandelde ik door het veel te drukke Amsterdam naar stripwinkel Lambiek in de Kerkstraat, maar omdat die niet meer in de Kerkstraat was en naar de Koningstraat verhuisd bleek te zijn, had ik een probleem. Geen puf meer. Toen zag ik een fietstaxi, en omdat je alles eens meegemaakt moet hebben liet ik me door de stad hobbelen, me wat schuldig voelend door hard trappelende benen voor me, die in de hoogste versnelling tegen bruggen moesten opklauteren. Veel te duur natuurlijk omdat ik vergat af te dingen, maar ik bereikte wel mijn doel. Verschrikkelijk aardige mensen daar bij Lambiek. Ik kocht een paar stripboeken van Alex, want tijdens mijn griep was ik de avonturen van hem en zijn vriendje Enak weer gaan lezen, en vond ze weer net zo leuk als in de jaren zeventig. Daarna was het een drukte van jewelste op de walletjes, met weinig dames meer achter de vensters.

Dat was dus een heel vermoeiende dag, waarna ik alleen futloos wat in Second Life kon rondhangen, want daar heb ik geen last van moeheid. Eeuwig jong en zo. In die wereld heb ik sinds enkele dagen een tweede katje dat ik Happy heb genoemd, en dat wellicht leuk gezelschap is voor Hippy als ik niet online ben. En daarna dook ik weer met Alex in bed. Met de strip dan. Overdag trachtte ik steeds blogs te schrijven, over de aanslag in Nice, waarom de terroristen het op Frankrijk hebben gemunt. Vind het nog steeds moeilijk om de oorzaak van al deze ellende in de islam te zoeken, en dieper gravend kom ik bij ons eigen kapitalisme terecht, de decadentie van het Westen dat gelooft in Winst en Groei, en daarmee alles kapotmaakt. Uiteindelijk ook zichzelf door exploitatie van derdewereldlanden en klimaatveranderingen die hele volksverhuizingen veroorzaken. Nandan kwam op bezoek en we waren eigenlijk best somber over de toekomst van het Westen, dat aan zijn eigen grootheidswaan ten onder gaat. En aan technologieën waar het menselijk bewustzijn nog lang niet aan toe is. Ja, die islamieten hebben wel een beetje gelijk als zij het Westen decadent vinden, hoewel ik me dan wel afvraag wat je dan hier te zoeken hebt. Kunnen hele beschavingen ten onder gaan? Ik vrees van wel. Atlantis 2.0 is in aantocht.

Pokémon Go! Ik staar naar een avatartje op mijn telefoon dat naar de naam Satyamo luistert. Heb zelf onder andere een rugzakje, petje en ogen voor hem gekozen, maar vind hem wel een meisjesachtig type geworden. Dat heb ik dus weer. Hij staat in de tuin, een soort Google Maps laat de straten in de buurt zien, maar ik zie niet de real life omgeving op mijn schermpje en snap er eigenlijk niets van. Voel me te moe om nu als een zombie door de wijk te gaan wandelen terwijl ik niet eens weet wat ik moet doen. Ja, pokémons met een bal vangen, maar hoe? Maar ik moet toegeven dat het ook juist het leuke van dit spel is dat je zelf de spelregels moet ontdekken. Maar net als met geocaching voel ik me een beetje raar en bekeken als ik zo zoekend rondloop. Vlak achter het huis is ergens op een veldje zo’n cache verstopt en volgens een website vindt iedereen hem, behalve ik. Ik kan niet eens rustig daar op het bankje zitten zonder dat onvindbare ding in mijn rug te voelen knagen. Dan maar weer terug naar Facebook waar iemand beweert dat bijna-doodervaringen simpele hersenspinsels zijn, maar waarbij ik me dan weer afvraag hoe je dan je eigen lichaam van buiten af kan waarnemen. Ook daarover wil ik schrijven, maar ben te duf om de flow te pakken te krijgen. Ben twee uur bezig met een alinea die vervolgens in de map concepten verdwijnt tussen andere halve blogs die waarschijnlijk nooit het daglicht zullen zien.

Duffe dagen. Niet echt wakker zijn maar ook niet echt slapen. Misschien is het gewoon moeheid van een eigenlijk veel te drukke tijd waarin ik van alles wil en door elkaar doe. Wel enthousiast en vol overgave, maar ook veel. Wellicht zijn gewoon mijn hersens moegedacht. Willen ze teveel rare dingen weten die geen hond interesseert. Zoals hoe ik met duffe hersenen eigenlijk kan weten dat ik duf ben. Kan dufheid dufheid waarnemen? Pfffff, soms word ik moe van mezelf.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

De escapist

Date 9 juli 2016

Voor het eerst ontmoette ik iemand die zich ‘escapist’ noemde, wat voor haar helemaal niets negatiefs betekende. Deze keer borrelden we in Rox in Amersfoort, en ik belandde met haar in een lui zithoekje. Zij met een of andere bloemetjesdrank en ik met mijn donkere Leffe. Een jeugdige energieke vrouw, die ik nog nooit eerder had ontmoet maar ook nu was dat geen belemmering. Want in onze club slaan velen bij voorkeur alle tijdrovende formaliteiten over om snel tot de kern van de zaak te komen. Omdat ze naast hoorn nu ook fagot ging spelen hadden we het over muziek, en via muzieksleutels, Smetana’s Die Moldau en de stad Praag waar ze wel tien keer was geweest, kwamen we al gauw bij de romantiek terecht. Waarbij ze bijna trots vertelde dat ze een escapist was, want romantici zijn per definitie escapisten, dagdromers waar helemaal niets mis mee is.

Mensen die mijn blogs lezen zullen begrijpen dat het meteen klikte tussen ons. Want ik begon natuurlijk meteen te vertellen over Second Life. En over virtual reality dat eigenlijk zo oud is als de mensheid, sinds hij de grotten van Lascaux begon te beschilderen. En zij deed er nog een schepje bovenop met kritiek op mindfulness, want benauwder en beperkter dan het hier en nu kan je blik nauwelijks zijn! Een wereld zonder dagdromen, zonder fantasie, die zich uitsluitend tot het alledaagse beperkt, wat stelt dat nou voor? Het leuke van deze vrouw die tegenover me zat was dat ze bepaald niet dromerig overkwam, maar juist heel helder en levendig uit haar ogen keek. Ik had dan ook niet de indruk dat ze als romanticus het dagelijkse wereldse leven verafschuwde, maar dat eerder als een opstapje naar andere werelden beschouwde.

Jezelf escapist noemen, dat vind ik een vondst. Ook omdat ik moet denken aan de titel van een boek waarover ik zojuist had geschreven: Opengebroken van J.C. Amberchele die verlicht werd in een gevangenis in de Verenigde Staten waar hij al tientallen jaren vastzat en wellicht nog een hele poos moet uitzitten. Want wat betekent escapisme anders dan ontsnapping? En net als bij de auteur van dat boek gaat het niet zozeer om een ontsnappen uit wat normaliter de reële wereld wordt genoemd, maar een ontsnappen in een andere wereld. Zeg maar gewoon: een ontdekkingsreis waarin je je leven – en wellicht daarmee ook dat van anderen – verrijkt met innerlijke werelden. Er is meer tussen hemel en aarde, en zonder dat ‘meer’ blijft er van het leven niet veel meer over dan óverleven, wat voor mijn gevoel bijna het tegengestelde is van leven. Je hebt het nodig, net als je ego of ikje, maar als het daarmee ophoudt leef je wel in geestelijke armoede.

Ik denk dat de meeste mensen niet durven te leven. Uit angst voor andere werelden, andere werkelijkheden die hun zekerheden ondermijnen zodat ze zich liever opsluiten in burgerlijke fatsoensnormen en trivialiteiten, zich liever aansluiten bij machthebbers dan hun eigen normen en waarden ontdekken. Daarom zijn de realisten de echte angsthazen en zullen ze alles wat buiten de geëigende paden gaat veroordelen en framen als onrealistisch, onhaalbaar, niet van deze tijd, of gewoon onzin zodat je er verder geen woorden aan hoeft vuil te maken. Uit de band springen betekent voor hen niet veel meer dan een extra glaasje drinken, of een heel voorzichtig gekozen extra tintje in hun maatpakken. Als grijze muizen leven ze in een kale wereld, zijn al dood voordat ze gestorven zijn. En alles waarmee je wel eens andere werelden zou kunnen ontdekken, zoals drugs, is taboe en moet te vuur en te zwaard bestreden worden.

Er zijn veel te weinig escapisten! Waarom zeggen niet veel meer mensen dag met hun handje tegen Mark Rutte en consorten om vervolgens hun eigen weg te gaan? Waarom doen de meeste mensen trouw wat hen van hogerhand wordt opgelegd, zelfs als het de grootste onzin is? Ja, ik ben al van jongs af aan een cultuurpessimist, en vind het dan ook geheel gerechtvaardigd als mensen willen ontsnappen aan de hypnotiserende gevangenis waarin we leven. Veel van wat er in onze samenleving gebeurt is niet meer te snappen, dus leve de ontsnappers!

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

De onderdompeling

Date 30 juni 2016

Ondergedompeld. Dat vind ik een prachtig woord. Virtual reality moet je onderdompelen in een andere werkelijkheid. Hoe meer, hoe beter. Nu is dit, hoewel het deze jaren in een stroomversnelling is beland, eigenlijk helemaal geen nieuw verschijnsel. Het bestaat al sinds de eerste rotstekeningen waarbij holbewoners zich wellicht verloren in de wereld van de jacht. Met de opkomst van het schrift ging het een stapje verder, ook daarin kon je je verliezen. Er waren zelfs mensen die dat verwerpelijk vonden en zworen bij het gesproken woord. Veel eeuwen later kreeg virtual reality een enorme boost met de uitvinding van de boekdrukkunst, en ik kan me voorstellen dat ook toen velen wezen op de gevaren, uit angst dat mensen alleen maar boeken gingen lezen en geen aandacht meer overhielden voor elkaar. Toen later de film op het toneel kwam brak ook paniek uit en sprongen mensen weg voor een op het doek aanstormende trein. Zo lijkt de hele geschiedenis van de mens te bestaan uit virtual reality, en wellicht is het creëren daarvan juist datgene wat de mens tot mens maakt. Het abstracte, het overstijgen van de alledaagse realiteit, creativiteit en kunst – wat is dat anders dan het scheppen van nieuwe werkelijkheden waarin de mens zich graag verliest?

Wat is er zo heerlijk aan dromen, slapen, seks, dansen, musiceren, voetballen, drugs, verliefdheid, schoonheid, gamen en creatief zijn? Dat je even verlost bent uit de beslommeringen van het concrete hier en nu. Dat er even geen ik is, dat je er even niet bent. Je verliest je in activiteiten, emoties en gedachten, en vergeet even de zorgen en verantwoordelijkheden van het reële leven. Zolang de wereld geen paradijs is, maken we dat paradijs wel zelf! Maar dan niet in deze wereld, maar in die van onze visioenen en idealen. Het is een vlucht uit de realiteit, en tegelijk doen we tijdens die vlucht inspiratie op voor een nieuwe realiteit. Zoals we vakantie nodig hebben om inspiratie op te doen, nieuwe plannen te maken en energie bij te tanken. We moeten soms even vacant, beschikbaar zijn, ons op stranden onder de zon leeg laten lopen zodat we er weer fris en gezond tegenaan kunnen.

Zonder virtual reality leefden we nog voor het Stenen Tijdperk. Want het is juist onze mogelijkheid om onszelf te verliezen, te laten onderdompelen, die ons inspiratie geeft om de wereld mooier te maken. Zonder dromen worden geen uitvindingen gedaan, en geen mooie boeken geschreven. Het is niet voor niets dat artiesten en uitvinders een hoog droom- en druggehalte hebben. En het is niet voor niets dat mensen bij een doop letterlijk ondergedompeld worden. Als er geen fantasten waren die schreven over idiote zaken, zoals parallelle universa en teleportatie, stond de wetenschap stil. In zekere zin is virtual reality ons geboorterecht, het basale recht om je in andere werelden te begeven. Het strijdtoneel met voor- en tegenstanders van virtual reality is geen andere dan dat tussen idealisten en realisten. Niet dat er geen excessen zullen zijn waarbij mensen ondergedompeld blijven in virtual reality omdat ze vergeten dat het lastig leven is zonder vlees en bloed. Maar worden de gevaren niet sterk overdreven en is de weerstand tegen virtual reality niet al te vaak ingegeven door angst voor het alternatieve?

De techniek voor onderdompeling heeft zijn eindpunt nog niet bereikt. Zo’n cardboard moet je zelf vasthouden en een wat professionelere viewer weegt wel zwaar aan je hoofd. Uiteindelijk zullen we ons in pakken moeten steken om ons hele lijf alle sensaties van een andere wereld te laten ondergaan. Hoe we in die van reuk, evenwicht, zwaartekracht, druk, pijn en smaak ondergedompeld gaan worden weet nog niemand, maar ook dat zal ooit uitgevonden worden. Dat wordt business. Er komt een tijd waarin we in een zoutwatertank kunnen drijven en ons kunstmatig laten voeden en beademen. Of dat er niet veel meer van ons overblijft dan een brain in a vat, alles ten eeuwige dage aangestuurd door een computer op zonne-energie. Althans als dat niet al het geval is. Shoppend in winkels zul je van alles kunnen krijgen. Het zal er druk zijn. Totdat een verlicht iemand ons de ultieme virtual reality ervaring zal verkopen waarvoor goed betaald moet worden. Wat dat is? Helemaal niets! Omdat we zonder al die spullen allang in virtual reality leven. Leuk om bij stil te staan.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Brexit

Date 24 juni 2016

Vandaag moet ik denken aan mijn vakantie in Londen, in 1968 toen Engeland nog een leuk land was. Ik kampeerde op een camping in Chigwell met mijn Gereformeerde Vriend (Niet Vrijgemaakt), die tijdens onze diverse trektochten niet snapte waarom we niet achter de vrouwen aangingen. Dat kwam niet eens bij me op. Jongens versieren trouwens ook niet, want mijn seksuele identiteit was nogal warrig in die jaren. Londen! Ik zag er voor het eerst 2001: A Space Odyssey en was meteen verkocht. We zagen er voor het eerst de film Yellow Submarine, en ik hoorde in een platenzaak voor het eerst nummers van het album A Saucerful of Secrets van Pink Floyd. En ik kletste me binnen in de burelen van EMI als vertegenwoordiger van een Pink Floyd fanclub, zonder erbij te vertellen dat die niet zoveel voorstelde. Eigenlijk voelde ik me best thuis in die stad. Dat was een tiental jaren later ook nog zo, maar daarna ben ik nooit meer geweest in het land dat indertijd met de Beatles en de Stones zo’n beetje het magisch centrum van alternatieve subcultuur in Europa was.

Jammer dat Engeland in de jaren negentig onder leiding van Margaret Thatcher verworden is tot het centrum van het neoliberalisme en daarmee grote delen van Europa’s vaste land heeft besmet. Dat het de wortels van de kredietcrisis in de Londense City de handen boven het hoofd heeft gehouden. Dat het niet echt mee wilde doen met Europa. Dan is het inderdaad beter om afscheid te nemen van elkaar. Misschien dat Europa gewoon een beetje te groot was met het Verenigd Koninkrijk er bij. Misschien dat Europa haar eigen ondergang over zich afroept door steeds maar te willen uitbreiden, waarbij haar lidstaten steeds meer autonomie verliezen en in een identiteitscrisis raken. Geef die Engelsen dan maar eens ongelijk. Meer dan ooit blijkt dat economische eenheid onvoldoende basis voor vereniging biedt. Mijn vriend sorteert de euromunten vaak op landen: die van Frankrijk – ook zo’n raar en volstrekt aspiritueel land – en rare Oostbloklanden wil hij zo weinig mogelijk zien. Een economische unie zonder politieke basis is een farce.

Ik denk dat de Engelsen groot gelijk hebben. Ze hebben het neoliberalisme gezaaid, maar zijn het nu zat om als marionetten aan de touwtjes van de Europese Commissie te dansen. Ik zal en kan niet ontkennen dat Europa ons veel voordelen en gemakken heeft gebracht, maar het is de vraag of deze opwegen tegen het verlies van soevereiniteit en identiteit. Alle Menschen werden Brüder is echter niet op te leggen omdat het alleen het resultaat van groei kan zijn. Een groei van binnenuit, en die kan niet geforceerd worden door wetgeving en economische maatregelen. Met het opofferen van haar identiteit ten gunste van geld en gemak heeft Europa haar ziel aan de duivel verkocht. Ik kan me niet echt een Europeaan voelen omdat ik weinig opheb met zuidelijke landen met een katholieke cultuur. En dan willen ze zelfs Turkije nog binnenhalen ook. Ik kan me voorstellen dat ik een beetje Vlaming ben, Duitser of Deen, dat ik een Neuropeaan ben. Juist door het overrulen van de eigen identiteit is Europa mislukt, en zou het me niets verwonderen als het verder uit elkaar valt. Omdat mensen het zat zijn en hun eigen leven weer gaan opeisen en willen inrichten.

Spiritueel bekeken is identiteit eigenlijk een stom spul, maar de enige weg om jezelf te verliezen is jezelf te vinden. Laten we daarom het materialisme en de megalomanie van de sharia die zich neoliberalisme noemt achter ons laten en weer een beetje normaal gaan doen.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Mensaborrel

Date 11 juni 2016

Gisteravond eindelijk weer eens geborreld met gewone mensen. Op het terras van Luno Kitchen in Hilversum. Het was een mooie zomerse dag, en eindelijk weer eens tijd voor een familiebezoek. Want zo voelt het: ik was al heel lang niet meer op zo’n borrel geweest, maar toch voelde alles meteen heel vertrouwd aan, ondanks dat er voor mij nog maar één bekende van vroeger in ons groepje rond de houten tafel zat. De anderen ontmoette ik voor het eerst en tegelijk was het alsof ik hen al jaren kende. Een plek om mezelf te zijn, zonder discussies om wie er gelijk heeft, zonder grapjes om elkaar vliegen af te vangen, zonder elkaar af te troeven en de beste en de slimste uit te hangen, zonder elkaar in de rede te vallen, zonder oppervlakkige plichtplegingen. Lichte gesprekken over onderwerpen waar buiten onze familie nauwelijks aandacht voor is. En humor die niet in de laatste plaats over onszelf gaat.

Ik dronk mijn cappuccino en wilde vertellen op welke woonplekken ik me het meest thuisvoelde en waarom, wat verzandde in een gesprek over de opkomst en de afgang van de Bijlmermeer, en iemand anders verwoordde precies mijn eigen gevoelens en gedachten over deze woonwijk die in haar eerste decennium best mooi was om in te wonen. Ik sabbelde aan mijn elektrische sigaret en was gelukkig niet de enige die rookte en ook wel eens gestopt was met roken. Ik dronk een donker biertje en volgde stilletjes soms links en dan weer rechts van me een stukje van een gesprek, en merkte dat ik iedereen gewoon aardig vond. Heerlijk om gewoon lekker jezelf te zitten zijn en er helemaal niets hoeft of moet. Net toen ik wat borrelhapjes wilde bestellen werd ons verteld dat het terras om tien uur sloot, wat natuurlijk veel te vroeg was.

Blij wandelde ik over de zomeravondse Groest met al haar romantisch gevulde terrasjes in het donker, en nog steeds speelde het lome lied Fat old sun van Pink Floyd in mijn hoofd. Het leven was goed zoals het was. De hele dag hing er al een zomers gevoel van een verstilde vrede over me, en daar bovenop vervulden de afgelopen uren me met een verwondering over hoe gewoon en normaal mensen met elkaar kunnen omgaan, met aandacht en interesse voor elkaar, bereid om elkaar te helpen, en iedereen in zijn waarde te laten. Het meest wonderbaarlijke is dat dit allemaal kennelijk met intelligentie heeft te maken, want daardoor hebben we elkaar, als leden van de vereniging Mensa, leren kennen. Waar velen erachter komen dat hoogbegaafdheid een afwijking is waar je ook flink last van kunt hebben. Omdat wat voor jou gewoon is voor veel anderen ongewoon is en omgekeerd.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

De slaaprevolutie

Date 3 juni 2016

Arianna Huffington, ja die van de ‘Post’, deed onlangs The Sleep Revolution het licht zien, een boek dat eind augustus in een Nederlandse vertaling verschijnt en waarvan onlangs in nrc.next een voorbespreking stond. Met als moraal: we slapen te weinig, en dat is de oorzaak van veel kwalen zoals de burn-out. Te weinig slapen is gewoon ongezond en helemaal niet iets om trots op te zijn, want je hersenen hebben het gewoon nodig. Zo toonden neurowetenschappers van de Medisch Centrum van de Universiteit van Rochester in 2013 aan dat slaaptekort leidt tot een slechter geheugen, afname van hersencellen, en een grotere kans op alzheimer, hartfalen, obesitas en diabetes. Als voorbeeld haalt Huffington Donald Trump aan, die meent maar vierenhalf uur slaap nodig te hebben maar daardoor ‘alle symptomen van chronisch slaaptekort vertoont. Hij kan simpele informatie niet verwerken, heeft last van stemmingswisselingen, woede-uitbarstingen, onbetrouwbare herinneringen en is instabiel.’ En ze noemt ook andere beroemdheden die het lange slapen verfoeiden, zoals Benjamin Franklin, Thomas Edison en Vladimir Nabokov. Lang slapen is niet macho, past niet in onze prestatiecultuur. Zoals Bon Jovi zingt: slapen doe je maar in je graf.

Maar gelukkig zijn er andere beroemdheden die er eerlijk voor uitkomen dat ze veel slapen, zoals Google topman Eric Schmidt, tennisser Roger Federer en natuurlijk Huffington zelf. Wat slapen betreft passen ze niet echt in onze 24/7-cultuur, maar intussen leven deze watjes wel gezonder dan menig ‘hardwerkende Nederlander’ die er trots op is 80 uur per week te werken, iets wat niet alleen slecht voor je gezondheid blijkt te zijn, maar ook gewoon ordinaire diefstal van arbeid is. En zelf ben ik ook zo’n watje dat gauw negen uur slaapt, van rond half twee tot rond half elf. Dank zij Huffington durf ik dat nu ook eerlijk te bekennen. En wat er er nou verkeerd aan veel slapen? Zoals John Lennon zingt: ik slaap alleen maar! Niks mis mee toch? Ja, mijn dagen zijn wat korter maar ik kan alleen van de dag genieten als ik dat ook van de nacht kan. Te weinig slaap is voor mij een hel waarin ik me hooguit wat automatisch en krakkemikkig voel functioneren en waarin ik ook niet echt wakker ben. Wat mij betreft moeten we terug naar een 8/5-cultuur omdat al die prestatiezucht met zijn ambities gewoon ongezond is. Daarom ben ik ook voor de zondagsrust. Niet om godsdienstige maar om psychologische redenen.

Het wordt dus tijd dat de veel- en langslapers zich emanciperen. Nou valt dat in Nederland wel mee met een gemiddelde van 8 uur en 12 minuten, want 40% van de Amerikanen slaapt minder dan 7 uur, terwijl inwoners van Tokio gemiddeld maar 5 uur en 45 minuten slapen. Dat kan niet goed gaan, en Huffington geeft dat ook een aantal adviezen om beter en langer te slapen: slaap in een koele ruimte, drink geen koffie in de avond, gebruik geen zware maaltijd voor het slapen gaan, en ook geen slaapmutsje want dat verstoort later de nachtrust, drink (zuur) kersensap dat rijk is aan melatonine, leg een zakje lavendel onder je kussen om bloeddruk en lichaamstemperatuur te doen dalen, doe Qigong, yoga, ga mediteren of sporten en… geen laptops, smartphones en iPads met hun blauwe licht in de slaapkamer! Prachtige adviezen allemaal, maar onthoud wel dat slapen niet iets is wat je kan doen. Voor het stand-by zetten van je hersenen is overgave nodig. Zoals George Harrison zingt: herinner je het hier en nu. Zet al je zintuigen open, want waarnemen en denken gaan niet samen. Voel de kamer om je heen, luister naar stille geluiden, duik in je eigen lijf. Zie en hoor de eerste droombeelden opkomen.

Ja, er moet meer geslapen worden. De enige manier om onze hectische wereld een beetje tot rust te laten komen is onszelf meer slaap te gunnen en te geven. Opdat we echt uitgerust worden om de talrijke problemen om ons heen op een wakkere wijze aan te pakken. Maar ik geef toe dat dit een enorme mentaliteitsverandering vereist. Ja, een echte slaaprevolutie!

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Psychedelica

Date 30 mei 2016

‘Misschien zou u eens psychedelica moeten proberen,’ provoceert Thijs Roes in De Correspondent. In zijn bijdrage, die vooral over lsd en paddo’s gaat, neemt hij het op voor gebruikers van psychedelica, wat op zich best moedig is. ‘Psychedelica hebben me veel goeds gebracht,’ schrijft hij. ‘Dat klinkt een beetje raar misschien, en ik wil geenszins stellen dat het voor iedereen geldt. Maar na wat jeugdig geëxperimenteer heeft trippen me in mijn volwassen leven geholpen om gelukkiger te worden, schoonheid te zien in alledaagse dingen en heeft het me zelfs van mijn rookverslaving afgeholpen.’ Al lezend leer je dat bepaald niet elke lsd-gebruiker denkt dat hij kan vliegen, dat het met ‘bad trips’ best meevalt en dat je er niet aan verslaafd kunt raken omdat het gewoon niet meer werkt als je het binnen enkele weken opnieuw gebruikt. Kortom: hij laat een positief geluid horen, en dat mag ook wel eens na al die bangmakerij van mensen en instanties die alles wat zich aan de ‘realiteit’ onttrekt verdacht vinden.

En er is inderdaad veel positiefs over psychedelica te vertellen: zo liet bijvoorbeeld recentelijk onderzoek van het Imperial College in Londen zien dat ze tegen depressies kunnen helpen. Toont onderzoek uit 2006 van de Johns Hopkins Universiteit aan dat mensen door gebruik van psychedelica mystieke ervaringen kunnen krijgen, en dat ze ‘gevoeliger, meer begaan met anderen en toleranter’ werden en ‘meer positieve relaties en meer behoefte om anderen te helpen’ hadden. Hoe dat allemaal kan? Daarover vertelt drugsonderzoeker Robin Carhart-Harris in een prachtig filmpje: ‘Het menselijk brein kan te rigide zijn, te vastgeroest. Gedachtes gaan in cirkeltjes en blijven vastzitten. Psychedelica lijken dat proces te doorbreken. Ze versoepelen het neurologische netwerk op een manier die goed kan zijn voor psychologische gezondheid – een creatieve en flexibele manier van denken.’ Kortom: ze sturen je hersenen lekker in de war, en dat zou best eens gezond kunnen zijn. Grote schoonmaak!

Vind ik leuk. Juist door alles op zijn kop te zetten ondergraaft het onze verheerlijking van het brein en nodigt het uit tot een diep gevoelde lachkick. Het relativeert niet alleen het denken zelf, maar ook de waarneming. Het zet, zoals Aldous Huxley het noemt, kleppen open naar informatie die normaliter ons bewustzijn niet bereikt. Maar wie bang is voor chaos kan erdoor overspoeld worden, en het is niet voor niets dat vaak aangeraden wordt om nooit alleen te trippen, en ook niet in een omgeving die bedreigend kan zijn: als iemand met een mes op je afloopt worden ook je angsten uitvergroot. Pink Floyd – en je mag rustig stellen dat gekte een van de hoofdthema’s van deze groep is – verwoordde en verklankte dat prachtig in hun lied Brain Damage, dat duidelijk over Syd Barrett gaat die de groep juist daarom vroegtijdig moest verlaten. Zoals dat vroeger heette: de set en de setting moesten in orde zijn, namelijk dat je zelf niet teveel psychotische aanleg had, en dat er ook een veilige omgeving was.

In een van de reacties op het artikel van Thijs Roes wordt vermeld dat gebruik van psychedelica kan leiden tot een Hallucinogen Persisting Perception Disorder (DSM IV 292.89). Objecten vertonen halo’s of aura’s, laten sporen na als ze bewegen, en hun soms moeilijk te onderscheiden kleuren veranderen van tint. Het waarnemen van dimensies kan verstoord raken, je kan last krijgen van tinnitusachtige verschijnselen en floaters of visual snow gaan zien. De laatste drie komen me bekend voor. Tinnitus was, hoewel ik het toen niet storend vond, zelfs een van mijn eigen ervaringen met lsd, en bij floaters (doorzichtige structuurtjes) en visual snow (een soort witte ruis) ben ik niet de enige die ze wijt aan een mogelijk verscherpte waarneming. Maar ook de andere kenmerken van HPPD laten me niet onberoerd, zeker als ik mijn ogen sluit en in mijn kleurige fantasiewereld duik. Dan kan ik de mooiste psychedelische taferelen zien. Maar wat is dat ‘in gedachten iets zien’, ‘je iets voorstellen’ eigenlijk? Zintuigen kijken kennelijk niet alleen naar buiten, maar ook naar binnen. Je neemt iets waar terwijl je het tegelijk niet echt fysiek waarneemt.

Ik schijn altijd al een beetje veel fantasie gehad te hebben, en een dromerige blik hoort soms ook wel bij mij. Die innerlijke wereld vind ik veel interessanter dan de uiterlijke ‘objectieve’ wereld die iedereen ziet. Wat is ‘trippen’ anders dan op reis gaan door jezelf? In werelden die nog verstoken zijn van logica en interpretatie, die in hun glanzende naaktheid en betekenisloosheid hun elementaire schoonheid laten zien? Die spelen met tijd en ruimte? Een beetje provoceren en knuppels in hoenderhokken gooien heb ik altijd wel leuk gevonden. Zet alles maar op zijn kop! Ik mag dan wel maar een paar keer lsd gebruikt hebben, het bevestigde alleen veel van mijn kleurige fantasieën. Maar wat nieuw voor me was, is dat ik plotseling wild mijn hoofd begon te bewegen en me afvroeg waarom ik dat deed: ik wilde mijn gezicht van me afschudden! Al die lappen vlees, die hingen er zo onhandig aan. En wat ik ook niet voorspeld had, is dat ik me de dag na die trip zo ontzettend gezond voelde!

Hebben psychedelica iets met spiritualiteit van doen? Volgens velen zoals Jed McKenna is het een shortcut naar verlichting, volgens anderen zoals Osho een ‘shortcut to false samadhi’. Het valse is dat je je kan verliezen in al dat moois, in je persoonlijkheid die enerzijds zo interessant in elkaar zit, maar die anderzijds juist een sta-in-de-weg is op het spirituele pad. Leuk en stom tegelijk dat ik persoonlijkheidsleer als hoofdrichting in mijn studie koos. Omdat het alleen over verschijnselen gaat is dit eigenlijk een stom verhaal allemaal, want uiteindelijk gaat het daar niet om, maar om de stille waarnemer, de lege getuige die zich niet moet laten verleiden om in al die mooie en bijzondere innerlijke taferelen op te gaan. Want wat je ook waarneemt ben je juist niet. En welke hippies hebben door lsd de innerlijke stilte en leegte ontdekt? Maar ze hebben wél burgerlijke vastgeroeste patronen doorbroken en laten zien dat er meer is tussen hemel en aarde.

Om je persoonlijkheid te verliezen moet je hem wel eerst kennen. In die betekenis is trippen een must, maar het is natuurlijk wel handig als je dat zonder spirituele doping doet, omdat het dan veel meer van jezelf is. En het kan hoe dan ook een uitstekende eyeopener zijn.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Meelijden

Date 20 mei 2016

Soms kan ik best kwaad zijn op het weer. Vooral als de lente maar niet wil komen, de wind uit het noorden blijft waaien, en je op de meest onverwachte momenten door gure regen wordt overvallen. Grillig en onvoorspelbaar is van de ene op de andere dag de temperatuur tien graden hoger of lager. Niet normaal en volgens mij heel ongezond omdat je lijf zich voortdurend moet aanpassen. Vroeger – toen alles beter was – bleven hogedrukgebieden keurig boven de Azoren liggen en kon je er een beetje van op aan wat voor weer er de komende dagen zou komen. Terwijl je tegenwoordig zelfs met een schone buienradar nog in de regen kan lopen, en weersvoorspellingen met de dag veranderen. Het is niet eerlijk. We hebben recht op warmere lentes, op mooie zonnige zomers, op verstilde herfsten en op besneeuwde winters!

Het is natuurlijk niet het weer dat vals speelt, evenmin als het veranderende klimaat waar dit alles een gevolg van is. Wij zijn het zelf die dit veroorzaken. Wij zelf? Maar dan ik toch niet, met mijn bescheiden ecologische voetafdruk? Ik raas niet dag in dag uit in auto’s rond en heb nog geen tien keer in mijn hele leven in een vliegtuig gezeten. Op mijn dak liggen keurig zonnepanelen zoals het hoort, de spouwmuren zijn geïsoleerd en ik scheid keurig mijn afval. Het zijn de anderen die schuldig zijn en mij het leven zuur maken, milieuvervuilende fabrieken, een overheid die trots vandaag de dag nog een kolencentrale opent, politici die ons met 130 km/h over de weg laten scheuren, medeburgers die de plastic soup voeden door van alles op straat te gooien. Zelf leef ik milieubewust zodat ik niet medeschuldig ben aan de klimaatverandering. Zo!

Ik lijd mee. En kennelijk wil ik dat niet. Alleen de schuldigen horen gestraft te worden, dus niet ik. Laten asgrauwe giftige wolken met hun zure regen maar boven de huizen van de verspillers samenpakken en niet boven mijn dak! Ik wil niet meelijden, maar word daar wel toe gedwongen. Door die idiote anderen die zulke desastreuze dingen doen omdat ze stom zijn en weinig bewustzijn hebben van waar ze mee bezig zijn. Maar kan ik het iemand kwalijk nemen dat hij dom is, onbewust? Dat is net zoiets als een kleuter kwalijk nemen dat hij niet volwassen is. Wat zou er gebeuren als ik eens uit mijn ivoren milieuvriendelijke huisje stapte en een bezoekje bracht aan Boze Buurman? Dan besefte ik wellicht dat alles niet anders kan zijn dan het is. Misschien ben ik dan echt in staat tot medelijden, heeft hij echt de alarmbel van klimaatverandering nodig om wakker te worden. Om tot bewustzijn te komen, en dat is het belangrijkste van alles.

De Kaarsvlam, mei/juni 2016

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites