Even VVD bashen

Date 10 april 2021

Wat heerlijk om nu eens lekker de VVD te bashen! Sorry, maar ik kan het even niet laten. Ja, dat mag even, en bovendien hebben we nog wat in te halen. Het debacle rond Ruttes geheugen was een van de druppels die de etterende gierput deed overlopen. Iedereen weet dat hij gelogen heeft, alleen is hij dat zelf vergeten. De beste manier om mensen in je leugens te laten geloven is jezelf wijsmaken dat je de waarheid spreekt. En dan staat hij als hobby nog voor de klas les te geven ook! Ik zou mijn kind direct van die school halen.

Maar laten we het op advies van Tjeenk Willink niet over de poppetjes hebben, maar over de cultuur van de VVD zelf, die – in elk geval tot vandaag de dag – trouw is aan het neoliberalisme. Dat legt volgens Wikipedia ‘sterke nadruk op marktwerking en vrijhandel en het terugdringen van de invloed van vakbonden, staatsbedrijven en andere collectieve voorzieningen.’ Nou, dat hebben we de afgelopen decennia geweten! Want ondertussen ‘zucht de gemiddelde Nederlandse burger al dertig jaar onder de knoet van het neoliberalisme,’ vatte Ewald Engelen samen in De Groene Amsterdammer. ‘Inkomens stagneren; het milieu gaat naar de kloten; de verzorgingsstaat is duur, slecht en een labyrint geworden; de woonlasten behoren tot de hoogste van Europa en de hypotheekschulden tot de hoogste van de wereld; de belastingdruk voor werkenden is in tien jaar Rutte alleen maar gestegen; terwijl het grootbedrijf minder en minder aan de schatkist afdraagt; en Nederland internationaal bekend staat als het grote zwarte fiscale gat van multinationals; om over integriteitskwesties en andere affaires maar te zwijgen.’

Vroeger dacht ik dat de VVD een partij was voor elitaire dikke en rijke mensen. Die zijn inderdaad vaak van de VVD. Maar het is een Volkspartij van Vrijheid en Democratie, en het lukt ze waarlijk om steeds grote delen van het minder bedeelde volk achter zich te krijgen. Of beter: van de dommere mensen die slechte kranten lezen. Vraag me niet waarom, maar ooit belandde ik op een vroege ochtend in een garage vol stadsbussen ergens in Amsterdam-West, net voordat die met hun eerste ritten begonnen. Daar werd vrolijk en gratis op elke chauffeursstoel een krant geslingerd. De Telegraaf! Ik vond dat volksverlakkerij, een ongepaste gemeentelijke inmenging. Hou het volk dom. Laat het geloven dat je haar belangen behartigt, en jaar na jaar tuinen miljoenen die op de VVD stemmen erin. Het is namelijk helemaal geen volkspartij, dat blijkt wel uit de ravage die aanhangers ervan achterlaten. Dat de VVD het hoogste scoort op integriteitskwesties zou ook te denken moeten geven. Als er ergens gesodemieter is in bestuurdersland is het toch wel erg vaak bij de VVD.

De discussie moet inderdaad niet gaan over de poppetjes, maar over de cultuur van de VVD. Maar daarover is met haar aanhangers nauwelijks een zinnig gesprek mogelijk. Dat heb ik wel eens getracht te beginnen met een mederaadslid of een wethouder van die partij, dat dan vaak eindigt met een ‘We hebben het er nog wel eens over’. Nooit dus. ‘Als er iemand rechts is, ben ik het wel,’ zei een voormalig fractiegenootje ooit, waarop hij met gepaste nonchalance zijn dure telefoontje op tafel wierp. Er klonk trots door in zijn stem, en het was meteen duidelijk dat we daarover niet verder hoefden te praten. Ik kan echter niet zeggen dat ik alle VVD’ers onaardig vind, want er waren er een paar in de raad met wie ik verder best kon opschieten. Een van hen is een enthousiaste verzamelaar van historisch vinyl en aan hem heb ik wat van mijn eigen popcollectie toevertrouwd. Ik zou zelfs durven beweren dat ik bij meerdere VVD’ers hier in het dorp best welkom ben. Voor zover ze tenminste deze blog niet gelezen hebben. Alsof ze mij mijn linkse gebrek, zij het minzaam, niet kwalijk nemen. Ik weet immers niet beter.

Alle VVD’ers liegen, vertelt Marcel van Roosmalen van wiens droge columns in de nrc ik al jaren geniet. Dat durf ik niet te beweren, hooguit dat ze allemaal dom zijn. Met uitzondering van hen aan de top, want die zijn slim genoeg om hele volksmassa’s dusdanig te manipuleren dat ze tegen hun eigen belangen in stemmen. Als ik de vuilnismannen zie langskomen vind ik inderdaad dat die meer verdienen dan bankiers, zoals Rutger Bregman schreef. Maar ik vrees dat velen van hen denken dat de VVD hen daarbij zal helpen. Maar ja, dát is politiek …

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Fysiotherapie

Date 28 maart 2021

Terwijl ik 60 watt opwek door mijn trappers 60 keer per minuut rond te draaien, ligt tegenover me een zwetende man steeds aan een koord te trekken. Ik weet niet hoe dat apparaat heet waarop hij diverse spieren aan het trainen is, maar het maakt wel een prachtig geluid, dat ik graag zou gebruiken als ik muziek mixte. Het ding waarop ik zit heet een hometrainer, maar van bijna alle andere apparaten in de zaal zou ik niet weten hoe je die noemde. Er zijn weinig mensen, hooguit een stuk of vijf inclusief de therapeuten. Misschien omdat wegens corona nu alleen mensen komen zweten om hun spierstelsel weer een beetje op orde te krijgen, zoals ik. Of om hun BMI weer in de groene zone te krijgen, zoals ik niet. Gezondheid is nu even belangrijker dan sport. FysioNovum, waar ik twee keer in de week oefen, maakt deel uit van het gezondheidscentrum hier, en niet van een sportcentrum.

Ik ben niet sportief. Het interesseert me ook niet zo. In de sportpagina’s van de krant kijk ik alleen maar of er leuke jongens in staan. Een leuke foto van Virgil van Dijk die Frenkie de Jong omhelst heb ik wel gedownload, maar dat is het dan. Als ik wel eens zie hoe mensen zich in een fitnesscentrum uitsloven, snap ik daar weinig van. Alsof ze leven voor hun lichaam in plaats van dat ze een lichaam hebben om te leven. Ik heb er ook niet zoveel op tegen, ben geen voetbalhater want wedstrijden kunnen mooi zijn om te zien. Op school kon ik wel eens goed serveren met volleybal, en dat was dan het enige. Trappend op mijn fiets ligt schuin tegenover me dat gemene ding waarop ik mijn balans moet oefenen, een halve rubberen bal met daarop een plateautje om mijn voeten op te zetten. Therapeut Leo houdt mijn polsjes lichtjes vast terwijl ik uiterst vermoeiend in evenwicht probeer te blijven. Dat gaat me slecht af.

Grote stappen maken op de loopband. Dat hou ik vijf minuten vol. Met een of twee krukken over obstakels lopen zodat ik steeds in de war ben over welke kruk ik het eerst moet gebruiken. In de lengte van de zaal heen en weer lopen. Een vrouw grapt dat Leo een beul is, waarop ik laat weten gelukkig een masochist te zijn. Lol. Een andere keer moet ik op mijn rug op een matje gaan liggen en opstaan. De eerste keer zoek ik steun aan dingen om me heen waarvan ik de naam niet weet. Maar de tweede keer haalt Leo die dus weg, waarop ik toch op een nogal ingewikkelde manier overeind weet te komen. Langzaam achteruit lopen. Lopen op de tenen of op de hielen. Puinhoop. Maar Leo blijft tevreden. Geleidelijk ga ik wat meer rechtop lopen en staan, en dat schijnen anderen ook te zien. Want ik liep aardig krom, wat eigenlijk niet zo vreemd is als je een jaar rondloopt met een heup die volgens de chirurg tot op het bot versleten was.

Pfff … Na afloop brengt Leo me een kopje cappuccino waarmee ik dan een poosje zit bij te komen. Tja, zo laveer ik me door de lockdown. Straks weer even een kilometer mijn vaste rondje in de wijk wandelen. De buienradar is nog een uurtje schoon.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Lof der luiheid

Date 26 maart 2021

In principe ben ik een lui iemand. Dat zei mijn Wetenschappelijke Tante al toen ik nog een kind was. Mijn moeder en ik waren het daar niet mee eens, maar toch zat er een kern van waarheid in. Ik ben liever een nietsdoener dan een doener, want alleen uit dat eerste kunnen de prachtigste ideeën en initiatieven oprijzen. Wat niet spontaan gebeurt, is per definitie onecht en hypocriet. Wat niet uit rust en stilte ontstaat kan alleen maar namaak zijn. Mensen die nooit eens gewoon kunnen luieren zijn in mijn ogen alleen al daarom verdacht. Slapend rijk worden past wel bij mij, en het bestaan blijkt altijd wel weer ervoor te zorgen dat dingen goedkomen. Wie heeft er ooit eens bij een verhuizing geld onder de vloerbedekking gevonden? Ik dus. Wie werd een paar keer werk aangeboden zonder daarom te vragen? Ook dat was ik. Wie ontving een leuke erfenis zodat hij weer een tijd rond kon komen? Precies. We konden ons huis voor een prikkie kopen zodat het inmiddels ruim boven water staat. Dat overkomt ons dus.

Heb ik dat aan mezelf te danken? Ja en nee. Ja, omdat ik relatief zorgeloos door het leven ga. Nee, omdat die levenshouding ook maar iets is dat me overkomen is. Als kind genoot ik van Dorus die op de zaterdagavond voor de radio zijn avonturen vertelde. Een echte zwerver, en ik zong vaak veel liedjes van hem, en die zitten tot vandaag de dag in mijn hoofd. Had ik toen al een zaligmakend gevoel van zorgeloos in het hier en nu leven? Ik hou niet van plannen en organiseren. Ik doe maar wat. Ben ik daardoor minder gelukkig dan hardwerkende Nederlanders? Ik denk het niet. Eerder het omgekeerde. Ik hoef niet zo nodig rijk te zijn, een topbaan te hebben, een mooie auto onder mijn kont en naar verre oorden te vliegen voor vermoeiende vakanties. Als ik maar een dak boven mijn hoofd heb en wat boterhammen met pindakaas kan eten ben ik al heel tevreden. En juist door die levenshouding zorgt het bestaan voor mij. Doen wat ik leuk vind, van mijn hobby mijn werk maken en ik heb niets te klagen. Liever een paar echt goede vrienden dan in december waslijnen vol kerstwensen in de woonkamer.

Ik kan ook hemeltergend eerlijk zijn. Zo verpestte ik eens een kerstviering door voortdurend af te geven op de onzin ervan. Bekende ik eens de vriendin van een vriend dat hij vreemdgegaan was, zodat ik wat hem betreft kon doodvallen en hem nooit meer gezien heb. ‘De waarheid, anders liever dood,’ zei ik eens in puberaal enthousiasme tegen mijn moeder die dat niet echt waardeerde. Niet allemaal even tactisch, maar het heeft wel als een zeef gewerkt waardoor de echte vrienden overbleven. Maak van je hart geen moordkuil. En hoewel ik niet altijd even aardig was voor lieve vrienden, van wie ik wellicht een paar harten heb gebroken, geloof ik nog steeds in mijn eigen onschuld. Ja, als je maar wat aanrotzooit zullen er ook wel dingen verkeerd gegaan zijn, maar toch: je ne regrette rien. Alles heeft kennelijk niet anders kunnen zijn. Het is ook mij allemaal maar overkomen dat ik ben zoals ik ben. Moet ik daar wat van vinden?

Ledigheid is des duivels oorkussen. Wie niet werkt zal niet eten. Wat een onzin allemaal! Ik haat het arbeidsethos omdat dat alleen maar bedoeld is om mensen weg te houden van hun eigen kern, hun eigen stilte. Alsof je leeft om te werken in plaats van omgekeerd. Alsof het echte werk niet juist uit leegheid, stilte en inspiratie ontstaat. Wat is er overgebleven van het ‘ken uzelve?’ Zelfs therapeutische en spirituele groepen maken ook daar weer werk van! Daar wordt dan wel gewezen op de eindigheid van groei, maar intussen willen ze zélf wel blijven groeien. Zelfrealisatie, verlichting en dat soort dingen. Hou daar toch eens mee op! Je kán jezelf helemaal niet in de hand hebben en houden! Wie denk je wel dat je bent? Het bestaan heeft het beter met je voor dan je denkt, is veel intelligenter dan jouw hersens. Vertrouw! Maar ik geef toe: ook dat zijn allemaal dingen die je niet kunt ‘doen’. Wat dan wel? Helemaal niets. Helaas pindakaas. Dingen gebeuren gewoon. Je kan dat willen veranderen, maar je kan er ook mee meegaan en er op een dieper niveau van genieten.

Wie durft er nog echt lui te zijn en genoeg te slapen? Ik dus. Eigenlijk moet iedereen elke dag twintig minuten niksen. Tenzij daar geen tijd voor is, zei de zenmeester, dan moet je elke dag een uur niksen.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Toeval

Date 15 maart 2021

Vanmorgen maakte ik de doos met de Osho Zen Tarot weer eens open. De onderste kaart bleef aan de bodem plakken. Toen ik die had losgepeuterd was erop ‘Loslaten’ te lezen. Stomme kaart, luister toch naar jezelf! Ik maakte een waaier van de kaarten, en zoals gebruikelijk had ik de neiging om heel zorgvuldig en meditatief een kaart te selecteren. Totdat ik besefte dat dat onzin was omdat het feitelijk onmogelijk is om de verkeerde kaart te kiezen. ‘Bewustzijn’ stond erop. Het zal niet! Ik had net een uurtje via Facebook door een discussie gescand over de vraag, of en zo ja hoe, dat door hersenen werd opgewekt. ‘Wat is de definitie van bewustzijn eigenlijk?’ had ik nog willen vragen, want hoe kan je over iets praten terwijl je niet weet waarover je het eigenlijk hebt? Kortom, tarot is leuk. Wat ik meerdere keren heb meegemaakt is dat zo’n kaart niet zozeer een antwoord geeft op een expliciet geformuleerde vraag, maar dat die laat zien laat zien wat de vraag eigenlijk is, datgene wat me diep van binnen bezighoudt.

Toeval bestaat niet. Zeker niet volgens wetenschappelijke en logisch denkende mensen, die toch altijd denken in termen van oorzaak en gevolg. Voor mijn studie had ik eens een lijst nodig met willekeurige getallen, en die werd door een computer samengesteld. Maar computers kúnnen dat natuurlijk helemaal niet, dus die zullen daar wel allemaal trucjes voor gebruiken. Zelf zou ik het product van het aantal milliseconden dat de computer aan staat en het aantal milligraden van de temperatuur van de processor delen door de grootte van de gebruikte ruimte op de harde schijf, en dan kom ik al aardig in de buurt. Een random generator, lees ik net, werkt op een soortgelijke wijze. Toeval is dat wat we niet makkelijk kunnen verklaren, maar dat betekent nog niet dat het strijdig is met de wet van oorzaak en gevolg. Je kunt niet alle indicatoren overzien, net als bij het voorspellen van het weer. Dan zou je moeten detecteren wat alle moleculen in de lucht doen, maar juist door dat te doen beïnvloed je weer het weer. En tegelijk blijken op microniveau de gebruikelijke natuurwetten niet altijd te gelden. Want geef toe: die kwantummechanica is toch ronduit idioot?

Ik zag zo’n wildwest-poster. Gezocht: Schrödingers kat. Dood en levend. Zolang je iets niet waarneemt, zolang de kat in de doos zit, is het bestaan ervan onzeker. Met een mooi woord: het is in superpositie. Te zijn of niet te zijn? Alleen de kat weet het. Als hij nog leeft tenminste. Door meting, door observatie jaag je licht uit haar superpositie en lijkt het uit deeltjes te bestaan, alsof het dan vaste materie wordt, terwijl het voorheen als golven bestond. In zijn filmpje over dit dubbel spleet experiment laat meneer Wietsma heel helder zien hoe golven deeltjes worden zodra je ze gaat meten, dus ernaar gaat kijken. In de subatomaire wereld leidt observatie tot materialisatie. Wat sommige wilde geesten doet concluderen dat wat niet gezien wordt dan – of beter: daarom – niet bestaat. Hebben de struisvogels het dan toch bij het rechte eind? In de keuzeloze toestand van superpositie kan het nog alle kanten opgaan, maar ook in de microwereld blijkt toeval niet te bestaan.

Ik geloof dus niet in toeval. Alleen in de betekenis dat iets je toevalt. Uiteindelijk is de hele kosmos met alles erin en eraan één groot samenhangend geheel, waarin alles met alles samenhangt. Een kosmosysteem, dat omvangrijker is dan een ecosysteem. We noemen het soms voor het gemak chaos omdat we de afhankelijkheid van alles met alles niet meer kunnen bespeuren, maar dat neemt niet weg dat elk deeltje, elke golf zich precies op zijn eigen plek bevindt en beweegt. Niets kan anders zijn dan het is, en dat geldt ook voor onszelf. Weg met het maken van plannen, met angsten en schuldgevoelens, want uiteindelijk valt alles op zijn eigen plek, waar het ook nu al is. Keuzevrijheid is een fictie van het arrogante denken dat meent alles beter te weten dan het bestaan zelf. Juist niet te hoeven kiezen betekent vrijheid. Zonder eigenwijs ikje ben je het meeste jezelf. Er is geen andere mogelijkheid dan met de rivier mee te stromen, je te laten leiden door wat je toevalt.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Ongezond besturen

Date 11 maart 2021

Kajsa Ollongren (D66), demissionair minister van Binnenlandse Zaken en vicepremier, betwijfelde of ze na haar ziekte eind 2019 terug moest keren als minister. Aldus was onlangs te horen in Met het oog op morgen. ‘Mijn vrouw zegt soms: wat jullie doen is niet echt gezond.’ Vooral het 24/7 bereikbaar zijn en altijd bezig zijn kon je volgens haar als niet gezond ervaren. ‘Ik denk dat wij allemaal in Den Haag wel eens een stapje te veel zetten en dat het werk niet bepaald gezond is.’ Desalniettemin wil ze verder, graag als minister, dus wat heeft ze geleerd van haar ziekte? Ongezond door blijven leven.

Overigens was Ollongren ook ongezond voor ons. Ik bedoel de fusie van Blaricum met omliggende gemeenten die ze door wilde drukken en die ons enorm veel tijd en energie heeft gekost. Wat was haar liefde voor democratie eigenlijk waard? Eind 2018 gooide ze de handdoek in de ring, misschien omdat ze al het protest van veel gemeenten tegen fusies zat was. Of was ze tot inzicht gekomen? Maar intussen had ze er al veel gemeentelijke fusie doorheen gejaagd. D66 heeft natuurlijk best leuke ideeën zoals over euthanasie, en daar wordt best nagedacht over alternatieven zoals volksvertegenwoordigers door loting aan te wijzen, maar het is voor mij nog steeds de partij die grootschaligheid adoreert. Hoewel ze er zelf weinig van lijkt te leren, sprak Ollongren toch ware woorden door de vinger op de wond te leggen van besturen en politiek bedrijven. Het is gewoon ongezond. En hoe kunnen ongezonde mensen het land gezond maken?

Ik ervaar dat zelf ook aan den lijve in de gemeenteraad waar het werk steeds omvangrijker en hectischer wordt, mede dank zij diverse taken die door het Rijk naar de gemeenten worden overgeheveld, meestal zonder voldoende financiële compensatie. Om te voorkomen dat mensen puur om het geld in een raad willen gaan zitten, en om te verzekeren dat mensen echt gemotiveerd zijn om volksvertegenwoordiger te zijn, is het raadswerk in principe vrijwilligerswerk, hoewel er wel een vergoeding tegenover staat. Maar als je het werk echt goed wil doen, bijvoorbeeld door alle raadsstukken volledig te lezen en alle bijeenkomsten bij te wonen, ben je voor je het weet fulltime bezig. Wat denk je van de overigens goed bedoelde Raad op zaterdag? En net als je denkt even een vrije dag te hebben wil de oppositie weer zo nodig een wethouder wippen. Dag weekend!

Het voortdurend 24/7 beschikbaar moeten zijn is fnuikend. En dat geldt niet alleen in de politiek, maar ook in het bedrijfsleven waar steeds meer werknemers vechten voor het recht op onbereikbaarheid. Je moet echt zoals Ollongren helemaal in je werk opgaan om dat voortdurend bezig en bereikbaar zijn leuk te vinden, maar daarmee is het nog niet gezond. Sommige mensen vinden het heerlijk om altijd bezig te zijn, maar dat verdient eigenlijk wel een plek in de door velen omhelsde DSM, de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders die bepaalt wie gek is en wie niet. Wat mist is stilte. Even een moment gewoon in het hier en nu. Dat heeft niks met meditatie, gebed, mindfulness of wat dan ook te maken, want niemand zal ontkennen dat dat gewoon gezond is.

Volgens een klassiek zen-advies moet je elke dag twintig minuten mediteren, tenzij je het te druk ervoor hebt, want dan moet je dagelijks een uur mediteren. Laten we daar voor bestuurders en politici maar twee uur van maken, misschien dat er dan in die wereld nog iets te redden valt.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Dieren kunnen de pest krijgen

Date 27 februari 2021

‘Inmiddels is 75% van de infectieziekten die de mens bedreigen afkomstig uit het dierenrijk. De oorzaken? Menselijk ingrijpen in natuurgebieden, wereldwijde handel in dieren en uiteraard de intensieve veehouderij,’ lees ik op de achterflap van het boekje Dieren kunnen de pest krijgen. En dan? van Esther Ouwehand, fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren dat alle leden van die partij onlangs gratis in hun bus kregen. Ze ‘laat zien hoe ons land daarin al jaren een twijfelachtige koppositie inneemt én hoe gevaarlijk dat is. Geen land ter wereld huisvest op zó weinig grond zóveel dieren als Nederland. Jaarlijks worden in ons land 640 miljoen dieren na een kort en miserabel leven gedood. Ons land is daarmee een ware kweekvijver voor zoönosen.’ Deze dagen vieren we één jaar corona in ons land, en in 127 pagina’s wordt uitgelegd dat dit alles, maar dan ook alles te maken heeft met de manier waarop we met dieren omgaan. Een prachtig goed gedocumenteerd boekje, dat laat zien dat alles nog veel erger is dan we meestal denken.

We zullen moeten leren om anders met dieren om te gaan en met die opvatting is de Partij voor de Dieren wellicht de enige die de problemen bij de wortels aanpakt. Door de grootschaligheid van de vleesindustrie geven we virussen alle kansen om zich te vermeerderen en zich wijder te verspreiden. Ik heb het trouwens altijd al een beetje dom gevonden om eerst dieren te gaan voeren om die vervolgens op te gaan eten, want dan gooi je in feite 95% van het voedsel weg waarmee je beter mensen had kunnen voeden. Als vleeseter eet je zo indirect ook een stuk van het regenwoud in de Amazone op, dat gekapt wordt voor de productie van soja. Maar we vinden vlees kennelijk lekker, misschien omdat we er heimelijk ook wat agressie mee kunnen uitleven, ons heer en meester over de natuur kunnen voelen. ‘We zijn zelf een dodelijk virus,’ luidt de titel van een van de twaalf hoofdstukken van het boekje van Ouwehand. Helemaal waar. We putten de aarde uit, mogen niet zien hoe het er in slachthuizen toegaat en kopen nog steeds kiloknallers, betalen de boeren geen eerlijke prijs meer en laten ons hypnotiseren door een romantisch beeld uit oma’s tijd van het boerenbedrijf.

De natuur slaat terug, en geef haar eens ongelijk. Als we op onze huidige manier doorgaan, plegen we collectief zelfmoord met onze verstoring van de ecologische samenhang van de natuur. Terug naar normaal betekent alleen maar verergering. Velen willen dat graag, maar dat is geen optie meer omdat dat ‘normaal’ juist de oorzaak was van de pandemie. De mensheid staat op een kantelpunt. Van de politiek met haar kortetermijndenken en decennialange verering van egoïsme, neoliberalisme en visieloosheid hoeven we weinig te verwachten. Die houdt ons zoet met ophokplichten en massale vergassingen van dieren als er weer eens een uitbraak is. Ook van onszelf hoeven we weinig te verwachten zolang we geen eerlijke prijs voor voedsel willen betalen en wegkijken van de ellende die we dieren aandoen. We zouden meer moeten ‘uitzoomen’ zoals het laatste hoofdstuk heet. ‘Dan beseffen we dat de mens een zeer klein en kwetsbaar onderdeel is van de natuur, verbonden met alle andere soorten, afhankelijk van het ecosysteem waarvan we deel uitmaken.’

Gelukkig kunnen kleine oorzaken grote gevolgen hebben, zoals het protest van Greta Thunberg dat velen inspireerde. Een sprankje hoop. ‘Nu het leven van mensen bedreigd wordt door covid-19, Q-koorts, levensgevaarlijke vormen van vogelgriep en tal van andere virussen en bacteriële infectieziekten, zullen we ons ernstig moeten bezinnen op onze omgang met dieren, natuur en het klimaat,’ staat op de achterflap te lezen. Zal dat nu eindelijk eens gebeuren of is het al veel te laat om van ons egosysteem een ecosysteem te maken?

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Mijn filosofisch lab

Date 21 februari 2021

Voor het slapen gaan hadden we het er weer even over. Vriend heeft mij voor mijn verjaardag het boek Bewustzijn en het absolute van Nisargadatta gegeven. Een pittig boek met zijn laatste toespraken in 1980 en 1981. Beiden grasduinen we erin. We doen ons best het te snappen, maar soms raken we de draad kwijt. Op elke pagina komt vaak het woord bewustzijn voor. Volgens Aristoteles tot en met de wetenschappers van vandaag kan het subject nooit het object zijn, ofwel de ervaarder van het bewustzijn is niet het bewustzijn zelf. Ooit schreef ik in Mantra een juichend artikel onder de titel Ik ben bewustzijn, maar dat zou dan hooguit een halve waarheid kunnen zijn. Want datgene in me wat het bewustzijn ervaart, kan dus niet bewustzijn zelf zijn. Net zoals vaak gezegd wordt dat het feit dat ik mijn lichaam ervaar betekent dat ik dat niet ben. Diep in me rees een protest op tegen de onverenigbaarheid van subject en object dat ons zodanig met de paplepel is ingegoten dat we niet beter weten.

Ik vergeleek het met de ervaring van het zien. Ze zeggen dat dit ergens in je achterste hersenen gebeurt. Maar soms zie ik aura’s, die niets anders zijn dan elektrische ontladingen in je visuele hersenschors. Dan zie ik kennelijk iets waarvan ze zeggen dat het zelf de ziener is. Alsof ik naar mijn eigen hersenen zit te kijken. Je eigen zien zien zou volgens wetenschappers helemaal niet kunnen. Ik weet niet meer of het onder invloed van drugs was, maar ooit zat ik van binnenuit mijn schedel mijn eigen ogen te bekijken als ware het twee schermpjes waardoor ik naar buiten keek. Allemaal onzin volgens het logische verstand, maar ik heb de vervelende neiging om meer in mijn eigen ervaring te geloven dan wat ik op colleges heb geleerd. En als je gelooft dat alles één is, blijft er geen ruimte over voor dualisme. Weg met Aristoteles!

Zo ben ik mijn eigen filosofische laboratorium. En hoewel dit soort constateringen en gedachten niet de meeste likes op Facebook zullen opleveren, ben ik ervan overtuigd dat ik met mijn experimenten aan een heel wezenlijke wond van het menselijk bestaan zit te krabbelen. De wond van het objectivisme dat de oorzaak is van veel persoonlijke en maatschappelijke ellende. Want daardoor hoeven we onszelf niet met onze ziel te verenigen, maken we onderscheid tussen ik en de ander, kunnen we dieren mishandelen. We denken te bestaan als zelfstandige mensen en verheerlijken onze individualiteit. Dat allemaal omdat we subject en object niet meer kunnen verenigen. Nisargadatta vertelt ergens dat we ons kleine bewustzijn moeten laten versmelten met het grote bewustzijn. Althans dat is wat ik ervan maak. Van ‘ik ben’ naar ‘zijn’ en dan nog verder tot er niets dan leegte van ons overblijft en alles een illusie is, net als wij zelf. Daarom is het zo heerlijk om naar het heelal te kijken, omdat je dat zelf bent.

Ik bekende Vriend dat ik over dit soort onderwerpen tot zes uur in de ochtend zou kunnen doorpraten, al dan niet met een biertje en een jointje. Omdat het tenminste over iets gáát. Maar we hebben beiden goed geslapen vannacht.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Ode aan het lichaam

Date 16 februari 2021

Meisjes en jongens, waar zijn jullie nu eigenlijk mee bezig? Dat gevoel bekroop me toen ik keek naar de aflevering Perfect Me van vpro’s Tegenlicht. Daarin zetten mensen alles op alles om er maar zo mooi en jong mogelijk uit te zien, om te voldoen aan mainstream mode-idealen. In het echt met mooie gebotoxte lichamen, met perfecte wenkbrauwen, rondingen, borsten, billen en spieren waaronder minder mooie lijven schuilgaan. In het virtuele door het fotoshoppen van selfies om rimpels en moedervlekken weg te werken, of door zich in computergames een ideaal uiterlijk aan te meten. ‘Het verschil hoe we er virtueel en in het echt uitzien, wordt steeds groter en we schamen ons steeds vaker voor hoe we er in het echt uitzien,’ vertelt filosoof Heather Widdows. De schrik slaat je om het hart als je ziet hoe populair dit is, zelfs al bij jonge kinderen. En het gevolg van dit alles is dat celebrityvrouwen allemaal op elkaar lijken en iedereen er op Instagram hetzelfde uitziet.

Maar geef toe: mensen die mooi worden gevonden krijgen meer kansen in het leven. Hebben meer status, een grotere kans op een baan. En waarom vinden we dat bijvoorbeeld bepaalde kleding goed bij ons past? Omdat het iets over onszelf zegt, omdat we de manier waarop we dat doen óók als een stukje van onszelf beleven. ‘Ik denk dat jouw digitale zelf een extensie is van jouw fysieke zelf,’ vertelt modeontwerper Amber Jae Slooten. ‘Dus dat het niet een competitie is maar juist een verrijking is,’ om later te constateren dat heel veel jongeren de digitale wereld en de echte wereld niet meer als iets verschillends zien. Manipuleren is dan niet zozeer het verstoppen van je werkelijke uiterlijk, maar een aanvulling daarvan met wat je zelf als mooi ervaart. Wat je zelf mooi vindt? Niet bepaald altijd, want maar te vaak gaat het om het volgen van een schoonheidsideaal waar mensen – vooral jongeren – onder sociale druk aan toegeven. En veel mensen worden daar ronduit ongelukkig van. Zo heb ik me er altijd over verwonderd dat in Parijs wordt bepaald wat het komende seizoen mooi is.

Bestaat er een objectief en universeel criterium van schoonheid? Denkend aan de gulden snede denk ik van wel. Maar dan hebben we het alleen over het lichaam. Dat is het mooist in de jonge volwassenheid, dus zo’n jeugdig schoonheidsideaal ligt wel voor de hand. Ik herinner me nog steeds hoe ik hartkloppingen kreeg toen ik me realiseerde dat ik binnenkort dertig zou worden. Ik lag in mijn Bijlmerflat op mijn rug op de kokosmat naar het plafond te staren en zou binnenkort geen jongen meer zijn maar een man worden. En als er iets is wat ik nooit heb willen worden, is het wel een man. Zo voelde ik me niet vanbinnen, en eerlijk gezegd is dat nog steeds zo. Ook een beetje een kwaal van veel homo’s, geloof ik. Maar net als alle andere mensen werd ook ik ouder. Schrikken van de eerste grijze haren, gevolgd door diverse kwaaltjes. Mijn ideale fysieke zelf leef ik uit in Second Life, waar mijn avatar zonder bril, gehoorapparaten, pacemaker en heupprothese rondloopt. Wie is mijn ware ik? Mijn uiterlijke lichaam of mijn innerlijke wezen? Als ik voor dat laatste kies ben ik mijn eigen avatar.

Misschien kan je het goed vergelijken met een kunstenaar die alleen voor zijn werk leeft omdat dat het allerbelangrijkste voor hem is, omdat hij daar zijn ziel in kan leggen. In zekere zin zijn kunstwerken ook virtual reality. Ik moet denken aan Oscar Wildes prachtige roman Het portret van Dorian Gray. Dorian laat een portret van zich maken, en raakt zo verliefd op zijn schoonheid dat hij wenst dat dat niet hij zelf, maar het portret ouder wordt. Zijn wens wordt vervuld, maar in zijn eeuwige jeugd wordt Dorian steeds kwaadaardiger en het portret steeds ouder en lelijker zodat hij het wegstopt. Uiteindelijk is hij zo kwaad op het portret dat hij het vernietigt. Hij wordt gevonden als een oude man die zichzelf van het leven heeft beroofd, terwijl het portret weer zijn jeugdige mooie gestalte laat zien. Tja, dat is wat er gebeurt als je teveel aan je lichaam hecht en zo je ziel, je ware schoonheid corrumpeert. Zonder het te beseffen heeft Dorian zijn lichaam vermoord, waarna zijn ziel weer staat te stralen.

Meestal houden we er niet van om ouder te worden en af te takelen. In de loop der jaren doet het ons steeds meer denken aan sterven en dood, en dat willen we meestal niet. Dan trachten we krampachtig ons lichaam zo mooi en gezond mogelijk te houden, wellicht omdat we weinig oog hebben voor onze innerlijke schoonheid. Zodra het gebreken gaat vertonen houden we niet meer van ons lichaam terwijl het alle liefde verdient. We eisen dat het gezond blijft, terwijl dat gewoon onmogelijk is, hoe perfect het ook in elkaar zit. Ons eigen lichaam is onze beste vriend. Zelfs in ziekte en bij verwaarlozing blijft het als een moeder voor ons opkomen door ons zoveel mogelijk te beschermen. Het verdient het om mooi gemaakt te worden. Alleen niet door wat in de mode is, maar door dat wat je innerlijk als schoonheid ervaart, door dat wat bij je ziel past.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Revalideren

Date 4 februari 2021

Pfff … Van de operatie, vandaag een week geleden, herinner ik me niks. Ik werd wakker zoals ik altijd wakker word. Ook van het inspuiten van het verdovingsmiddel herinner ik me niets meer. Die ervaring heeft kennelijk niet lang genoeg in mijn kortetermijngeheugen gezeten om een plekje in mijn herinneringen te krijgen. Ik weet alleen nog maar dat er zes mensen om me heen waren in de koele operatiekamer. En dat ze voor mijn verjaardag een blauw ballonnetje met een smiley boven mijn hoofd hadden gehangen. Mijn heup schijnt tot op het bot, wellicht nog dieper versleten te zijn geweest. Wel heel druk in zo’n ziekenhuis, hoc loco Tergooi in Hilversum. Van alle mensen die met je bezig zijn, weet je echt niet meer wie wie is. Ik zat tot over mijn oren onder de pijnstillers, oxycodon en hapjes paracetamol. Dat eerste middel is zwaarder dan opium zodat ik het gebruik ervan nu aan het afbouwen ben. Gelukkig voel ik me er niet duf door, zodat ik met een helder bewustzijn merk dat alleen het lezen en begrip wat trager is. En dat ik ’s nachts diep droom.

Ik liet alles maar een beetje over me heen gaan, met een urinaal naast mijn bed, zodat ik er niet uit hoefde. Om de haverklap kwam er iemand met zo’n computertrolley langs om metingen te doen. Bloeddruk, temperatuur en zuurstofgehalte. Omdat ik tijdens het eerste staan wat dreigde weg te vallen, hielden ze me een dag langer in het ziekenhuis. Die volgende dag was niet duidelijk of ik al om twaalf uur weg moest wezen, of dat ik in de loop van de middag kon vertrekken. Omdat ik een taxi moest regelen en met de tijdplanning van Vriend rekening moest houden, dreigde ik even iets te assertief wat ruzie te gaan maken. Onaardig, want al die mensen werken zich uit de naad. Wat niet wegneemt dat er in het hele systeem van de gezondheidszorg rare dingen gebeuren. Zo zaten Vriend en ik thuis een uur gebogen over alle medicijnen, waarvan ze wel keurig de bijsluiters op A4’tjes hadden afgedrukt. Eén sheet, met daarop alle data en tijden waarop je alles moet slikken en spuiten, was handiger geweest.

De eerste dagen thuis waren het moeilijkst. Geklungel met een looprekje en krukken. Af en toe wel even depressief – voor mij hóéft het dan even allemaal niet meer – maar ook weer blij met rustig in mijn stoeltje voor de voordeur lekker (elektronisch) zitten roken en lange telefoongesprekken met vrienden voeren. De fysiotherapeut is eergisteren langs geweest en is tevreden. En zowel van vrienden als mensen van de gemeente heb ik veel aardige apps en mailtjes gekregen. En er lopen veel meer mensen met een ‘nieuwe heup’ rond dan ik wist. Ik ben blij dat dit alles ondanks corona is doorgegaan. En over een tijdje kan ik eindelijk weer een beetje met losse handen lopen, dat heb ik zelfs af en toe zelfs al even gedaan! Wat heb ik gestunteld het afgelopen jaar! Voor mij is dit de beste periode om te revalideren, tijdens de lockdown in de winter. Ook nu zit ik weer lekker in mijn stoeltje voor de voordeur te schrijven. De straat zwijgt, er twitteren en kwekkelen wat vogels, en af en toe rijdt er een bestelbusje langs. Iets van het voorjaar zit in de lucht.

Ik lees hoe moeilijk jongeren het hebben met de lockdown, en in vpro’s Tegenlicht herkende ik Uilenstede waar ik vijf jaar heb gewoond. Een leven zoals ik indertijd daar had, is hen niet gegeven. Zij moeten nu het puin ruimen dat decennia neoliberaal beleid achter heeft gelaten. Leven om te overleven, of overleven om te leven, dat is de vraag. Terug naar normaal is geen optie en ik ben benieuwd hoe we over een paar jaar op deze pandemie terugkijken. Ik kan weinig anders doen dan ernaar te kijken en hopen en bidden dat we er collectief achter komen dat er echt een mentaliteitsverandering moet plaatsvinden. Gelukkig worden steeds meer mensen zich daarvan bewust. Als oudere babyboomer heb ik makkelijk praten, want ik heb relatief kleine problemen gehad als ik mij met jonge generaties vergelijk. Tegelijk is het niet voor niets dat mensen onder verschillende gesterntes in andere werelden worden geboren en leven.

Kalm aan. Dat is mijn devies, en niet alleen voor mijn heup. Alleen iets als stilte en meditatie kan tot meer bewustzijn leiden. Wat dat betreft wens ik veel anderen toe zich te voelen zoals ik me voel. Rustig, vredig, me bezig houdend met dingen die er écht toe doen. Straks moet de halve wereld revalideren, wat voor mij betekent dat je je eigen waarden en waardigheid weer moet terugvinden.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites

Heup onder mes en maan

Date 26 januari 2021

Een paar weken geleden werd ik door het ziekenhuis gebeld. Dat de operatie voor een nieuwe heup op 28 januari zal plaatsvinden. Ik vertelde dat ik die dag jarig ben, waarop mij meteen aangeboden werd om een andere datum te prikken. Maar dat hoefde voor mij niet. Ik vond het wel een mooi verjaarscadeau. En ik was al blij dat de operatie überhaupt doorgang vindt wegens corona. Later zag ik dat het die dag Volle Maan is. Met mijn astrologische achtergrond zou ik me moeten afvragen in hoeverre een operatie op zo’n dag eigenlijk wel een goed idee is. Je zou veel bloed kunnen verliezen, maar een afnemende Maan in de daarop volgende weken schijnt wel gunstig te zijn voor herstel. Ik heb niet verder gezocht. Die dag met de Volle Maan is nu eenmaal op mijn pad gekomen, en dat zal ook niet voor niets zijn.

Er zijn rond die tijd wel erg veel transits op mijn radix ofwel geboortehoroscoop. Dat betekent dat er veel verbindingen zijn tussen de actuele planeetstanden en die tijdens mijn geboorte. Een treintje van Jupiter, Zon en Saturnus dendert dan in de hemel over de Zon, Mercurius en Mars in het tweede huis van mijn radix. De actuele Volle Maan staat daar dus pal tegenover, en bevrucht vanuit het achtste huis Saturnus en Pluto in mijn geboortehoroscoop. En Uranus en Mars, die het deze dagen ook goed samen kunnen vinden – zie de bestorming van het Capitool – maken een hoek van negentig graden, een zogenaamd vierkantsaspect, met enerzijds die Zon, Mercurius en Mars en anderzijds die Saturnus en Pluto in mijn radix. Kortom er gebeurt veel en wellicht zouden anderen in mijn situatie maar in hun bed blijven liggen.

Alsof die planeten zich daar iets van aantrekken, want wat gebeuren moet gebeurt toch wel. Het gekke van het leven is dat je zoveel mogelijk zelf in de hand wil hebben, maar dat een en ander juist daardoor uit de hand loopt. Oké, het bezoek van de Volle Maan aan mijn achtste huis met Saturnus en Pluto zegt iets over dood, seksualiteit en transformatie. Maar dat samengaan van Jupiter en Saturnus die mijn geboortezon aantikken zegt me meer. Op zich is de conjunctie van die twee – wat onlangs heel mooi aan het firmament te zien was – al heel bijzonder en veel belovend omdat het tegengestelde krachten zijn. Een soort huwelijk tussen optimisme en pessimisme, tussen uitdijen en inkrimpen, tussen enthousiasme en terughoudendheid, tussen loslaten en controleren, tussen zorgeloosheid en realiteitszin. Een huwelijk dat op 21 december in Waterman plaatsvond, op de donkerste dag op het noordelijk halfrond.

Jupiter hoort bij de heup en Saturnus bij structuur, dus is dit niet een mooie tijd om mijn heup te laten opereren onder het licht van de Volle Maan? Misschien is het geen toeval dat mijn operatie door een aanvankelijk foute diagnose tot mijn verjaardag is uitgesteld. Maar ik geloof niet in toeval, behalve in de betekenis dat iets je toevalt. Ik ben benieuwd.

  • Facebook
  • Twitter
  • NuJIJ
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites