Spiritualiteit

Date 6 mei 2009

Spiritualiteit is in. Misschien wel een beetje té in! Er is een groeiend besef dat materie en logica geen antwoord kunnen geven op de levensvragen waarmee we steeds vaker worden geconfronteerd. Velen spelen daarop in door van alles en nog wat een ‘spiritueel’ sausje te geven, waarmee het begrip spiritualiteit zijn inhoud verliest. Als je iets aan te bieden hebt, verkoopt het beter in een ‘spiritueel’ jasje. En als je zoiets koopt krijg je daarmee het gevoel dat je iets doet voor je medemens, het milieu, een betere wereld. Niet alleen wordt daarmee het geweten gesust, maar dreigt alles wat écht spiritueel is bedolven te worden onder zijn eigen zoete surrogaat.

De tijden veranderen. Niet alleen onze huidige crisis getuigt daarvan, maar ook het feit dat er steeds meer verlichte en visionaire mensen tevoorschijn komen, die eigenlijk allemaal zeggen: het goddelijke, dat wat je zoekt is alleen in je diepste eigen wezen te vinden, waar het al vele levens wacht op herkenning en bewustwording. Zoals de kerk sinds het begin van onze jaartelling uit eigenbelang Christus exploiteert, zo dreigt ook nu de spirituele boodschap van levende meesters uitgebuit te worden om persoonlijke belangen te handhaven. Het is dan ook meer dan ooit van belang om het begrip spiritualiteit zuiver te houden.

Velen leven in een droom van niet-heelheid, afgescheidenheid, dualiteit, polarisatie, een nachtmerrie die doorleefd moet worden om van een onbewus­te tot een bewuste eenheid te komen. Waarin licht wordt gebracht door de bewustwording van de eenheid van al dat is, niet alleen in de zichtbare wereld, maar ook in en met de onzichtbare werelden, zowel in heden, verleden als toekomst. Door heling op basis van onvoor­waar­delij­ke acceptatie in gedachten, gevoelens en daden van dat wat is. Dit is alleen mogelijk in overgave, liefde en vertrouwen en niet te formaliseren in daden, voorschriften en rituelen omdat het een niet te meten kwaliteit is. Spiritualiteit betekent leven naar de onvoorspelbare waarheid die uit de diepte van je eigen wezen opwelt.

De Vuurfakkel, mei/juni 2009

De slappe staat

Date 3 mei 2009

In mijn middelbare schooltijd fietste ik graag voor het slapen gaan een rondje door Slotervaart. Waarom weet ik niet, misschien omdat de wereld dan zo heerlijk stil en rustig was, vooral als het dan nog mistte ook. Dan ging ik graag even langs mijn platenzaak Capriccio aan de Johan Huizingalaan, want wie weet waren er wel nieuwe singles, eepees op elpees van de Beatles of de Rolling Stones te zien! Daar werd ik een keer in de nachtelijke verlatenheid betrapt door een agent, want ik was over de stoep naar de etalage gefietst. Dat ben ik nooit vergeten. En soms verlang ik terug naar die tijd. Ondanks het feit dat degenen die het meest willen handhaven vaak het snelst gepakt worden, zodat ik wel enig risico loop. Maar je gaat voor je idealen of niet, dus hou ik voet bij stuk: er moet meer gehandhaafd worden! Dat klinkt bijna populistisch, want de roep om bijvoorbeeld meer blauw op straat klinkt al vele decennia uit vele monden, ook in de politiek in Oldegeppel, maar wordt systematisch genegeerd door degenen die er iets aan kunnen doen.

Want het is “fout te denken dat een sterkere staat de oplossing is,” zei Balkenende onlangs in Warschau. “Socialisten die dat zeggen zijn vergeten waar dat toe leidt,” waarmee hij doelde op het communistische verleden van Polen. Maar is de slappe staat van Balkenende dan wél de oplossing? Zo om me heen kijkend lijkt me dat een retorische vraag. Het failliet van het neoliberalisme wordt met de dag meer zichtbaar, maar toch blijft onze minister-president daarin geloven en zich afzetten tegen een meer socialistische koers. Het is de vraag wat erger is: het doorgeslagen socialisme en communisme in de voormalige Oostbloklanden of de krediet- en milieucrisis die we in het Westen te danken hebben aan ongebreideld liberalisme. Beide zijn extremen en een sociaal liberalisme of een liberaal socialisme zou de gulden middenweg zijn om de wereld het meest leefbaar te houden. En zoiets zou mogelijk moeten zijn, omdat beide oorspronkelijk uitgaan van geloof in de goedheid van de mens: de socialist wat betreft het eerlijk delen van werk en goederen met anderen, de liberaal wat betreft het rekening houden met anderen in de vrije markt. Maar helaas.

Ik geloof dat de meeste mensen goed zijn. Misschien wel 99%. Maar die hoor je niet, en daarover lees je niet in de krant. Wie je wél hoort is die ene die de hele buurt terroriseert met zijn autoradio, stereo-installatie, motorgebrul of bladblazer. Zoals die stevige Surinamer in de jaren tachtig toen ik in de Bijlmermeer woonde: keihard beukte zijn muziek op de 599 andere woningen van de honingraat, maar hij was toch te groot en te sterk om er iets van te zeggen. Maar toch vinden Balkenende en consorten vandaag de dag dat we dit soort dingen maar zelf maar moeten uitzoeken met elkaar. Wat tot niets anders kan leiden dan tot de macht van de sterkste. Tot wederzijdse irritaties en agressie. Tot egoïsme en criminaliteit. Tot ziekte en krankzinnigheid. Ja, Balkenende wil wel een “morele renaissance” in onder andere de financiële sector. Dat is inderdaad wel nodig voor mensen met een “VOC-mentaliteit”, maar ik kan me daarbij niet veel meer voorstellen dan dat hij de graaiers met bloemetjes in zijn tekstballonnetje vraagt om zich een beetje in te houden. Ik wist niet dat het christenen zó goedgelovig konden zijn! Sommige mensen zeggen dat ik naïef ben, maar ik haal het niet bij Balkenende!

Is het fair om de schuld van alles aan onze overheid te geven? Niet helemaal, want een volk krijgt de regering die het verdient! Het is gek dat we alle neoliberale hobby’s van de overheid maar over ons heen laten komen. In de jaren zestig hadden we dit allemaal niet gepikt! Vorige week slenterde ik in Amsterdam en zag bij het Weteringcircuit de tekst van H.M. van Randwijk. Een volk dat voor tirannen zwicht – zal meer dan lijf en goed verliezen – dan dooft het licht. Wie zijn onze huidige tirannen?

Crisiskrediet

Date 28 april 2009

Met het pompen van geld in de banken beloon je juist wat je wil bestrijden. Je geeft als het ware extra krediet aan de kredietcrisis, en dat schiet niet op. Je geeft extra krediet aan de banken, die de oorzaak van alle ellende zijn, terwijl er weinig redenen zijn om aan te nemen dat ze hun gedrag zullen verbeteren. In Duitsland morren de directeuren over het verlies van hun bonussen, maar ik ben bang dat ze toch wel een achterdeurtje vinden om aan hun financiële trekken te komen. Geld is macht, en zij die het geld hebben zijn dus machtig. En dat zullen ze ons goed laten voelen ook. Klantvriendelijkheid is dan ook niet echt nodig, en die is dus al jaren niet meer om over naar huis te schrijven. Daartoe is met het internetbankieren een trend ingezet die de eenmansbank als doel heeft. Daar is al het personeel ontslagen en zit in een machtig overbeveiligd gebouw vol met computers alleen nog maar de directeur, heu: de CEO, achter de knoppen alle winst op te strijken. Ik zie dat voor me alsof ik een Bommelverhaal van Marten Toonder lees.

Als de banken omvallen breekt pas echt de pleuris uit. Dat is het argument om ze maar te blijven steunen. Want het is lastig pinnen, betalen en sparen, ontvangen en lenen zonder die banken. Maar moeten we ons daarom laten chanteren? Omdat zij de macht, het geld hebben? En wat is dat eigenlijk: geld? Vroeger was dat nog letterlijk goud waard, maar tegenwoordig? Eigenlijk is niets zo virtueel als geld! Geld is bedacht, zit tussen de oren, berust op afspraken en vertrouwen. Daarom kan het ook zo makkelijk gemaakt worden. Zoals Marcel zegt: ‘Even op een toets drukken en daar is weer een miljard!’ Onze hele samenleving, onze hele economie is gebaseerd op de schijnwerkelijkheid van geld. Dat precies even virtueel is als de Linden dollars in Second Life. Het feit alleen al dat er handel bestaat tussen deze Linden dollars en de ‘echte’ dollars zegt genoeg. Overigens hebben we in Sweetgrass zondagavond nog L$ 40.000 ofwel U$ 160 ingezameld voor ‘real life’ Amnesty!

Had je na de Tweede Wereldoorlog niet zoiets als het tientje van Lieftinck? Iets dergelijks zou je nu ook kunnen doen: iedereen een vast bedragje geven om even van rond te komen. En dan ga je intussen even de financiële markt reorganiseren. Te beginnen met een staatsbank, zoiets als onze gouwe ouwe Postcheque en Girodienst. Alleen in Europees verband natuurlijk. Dan staan in één klap de bestaande banken buitenspel, en moeten ze opnieuw leren om eerlijk aan hun geld te komen. Een nostalgisch verlangen komt in me bovendrijven. Ik zie weer ponskaarten voor me, al dan niet omgetoverd tot roze kascheques en blauw-witte girobetaalkaarten. Bij elke mutatie een dagafschriftje in je bus! En dan ook nog rente krijgen ook! Weg met de huidige banken, die alles alleen maar bekijken met dollartekens in hun ogen! ‘We handelen in geld,’ was indertijd het excuus van de Amrobank toen zij beticht werd van meeheulen met de apartheid in Zuid-Afrika. Nee, ik heb daar geen medelijden mee. Veel van wat geprivatiseerd is zou weer genationaliseerd moeten worden. Ja, volgens mij is dat de beste oplossing van de kredietcrisis.

Kredietcrisis

Date 25 april 2009

De oplossingen van veel problemen liggen vaak zo dicht voor je neus dat je er meestal overheen kijkt. Zo ook die van de kredietcrisis. Daar wordt heel moeilijk over gedaan, en ik betwijfel of spastische maatregels zoals geld pompen in de economie echt helpen. Het lijkt de problemen even op te lossen, maar maakt op langere termijn de zaak alleen maar erger. Een doekje voor het bloeden helpt niet tegen nieuwe wonden: stop je aan de ene kant belastinggeld in een bank, dan haalt Patrick Flynn het er aan de andere kant weer uit. Dat schiet niet op. Bos wil bonussen voor 90% belasten, Wilders voor 100%, maar zelfs dat vind ik nog te weinig. Maar wat je ook doet, die slimme jongens vinden er wel iets op om zich te verrijken. ´De indruk bestaat bovendien dat de ontspoorde bonuscultuur in de financiële sector een van de aanstichters van de kredietcrisis is,´ was een redactioneel commentaar in de Ooi- en Geemlander van 21 maart. De graaimentaliteit van enkelen die snel veel geld willen maken blijkt nu de halve wereld, en daarmee ook de andere helft, in een economische crisis te storten. Kleine oorzaken, grote gevolgen.

Moreel verval dus. In dezelfde krant lees ik ook een verhaal van René van der Lee, opinieredacteur, onder de titel Leven in een land vol Tokkies. Ik citeer: ´Het grootste obstakel naar een fatsoenlijker land achtte Jan Peter Balkenende de verzorgingsstaat, die volgens hem het cement in de samenleving had weggehaald. Pas als de staat een paar stapjes terug zou doen, zou de burger zich weer verantwoordelijk gaan voelen voor zichzelf en de anderen. En dus zette Balkenende samen met de VVD de aanval in op de ´verstikkend verzorgingsstaat. De ontmanteling van de verzorgingsstaat verliep inderdaad voorspoedig, maar anders dan Balkenende dacht, leidde dat niet tot nieuwe gemeenschappen, tot nieuwe vormen van solidariteit. Integendeel: de mentaliteit van ikke-ikke-ikke kreeg er een forse impuls door.´ Ik zou het zelf geschreven kunnen hebben, en heb dat waarschijnlijk al gedaan, zij het in andere woorden. De burger moet zich verantwoordelijk voelen en om dat te bereiken moet de staat haar verantwoordelijkheden van zich afschuiven. De burgers moeten hun eigen problemen oplossen, het onderling maar uitvechten. Burgers moeten volwassen worden en niet tegen vadertje staat blijven aanleunen.

Anarchie dus. Ja, als CDA en VVD eerlijk zijn dan moeten ze toegeven dat dit hun grootste wens, hun hoogste moraal is. Privatisering, niet meer willen handhaven, het zijn allemaal verschijnselen die in deze lijn liggen. Hoe lang zal men nog doorgaan met de uitverkoop van de publieke sector, die ons al zoveel ellende heeft gebracht? Als dat maar lang genoeg doorgaat is er op gegeven moment geen overheid meer, omdat alles in de handen van het bedrijfsleven is beland. We hadden juist de verzorgingsstaat bedacht om dat te voorkomen! Wie al zijn verantwoordelijkheden voor zijn medemensen afwijst en iedereen aan zijn eigen lot overlaat is immoreel en het is een gotspe wanneer mensen als Balkenende dit als ´fatsoen´ propageren. En hoewel Nederland wel een land is met wellicht het hoogste Tokkie-gehalte ter wereld, wil dat nog niet zeggen dat deze mentaliteit in andere landen afwezig is. Teveel overheden likken de hielen van het bedrijfsleven, dat niets ontziend de aarde naar de kloten helpt. Want de economie moet blijven draaien, anders stort de wereld in elkaar! Terwijl de wereld juist kapot gaat… precies!

Voor het oplossen van de kredietcrisis zijn er offers nodig. Offers van onze welvaart ten gunste van die van anderen en het milieu. We kunnen niet blijven doorgaan met consumeren en het milieu verpesten. Ik denk dat veel mensen best deze offers willen brengen, maar dat hiervoor wel vertrouwen nodig is. Vertrouwen in de overheid die dat allemaal organiseren moet. Dat zou komen als zij zelf goede voorbeelden gaf en zaken als het milieu echt serieus zou nemen en het bedrijfsleven wat harder aan zou pakken. Bijvoorbeeld door hen te verplichten, zoals Wouter van Dieren voorstelt, om ook de milieuschade in de balans op te nemen. Bijvoorbeeld door nu eens echt te gaan handhaven – iets dat zichzelf kan terugbetalen als je het principe hanteert dat de vervuiler betaalt, dus kom bij mij niet aan met excuses dat daar geen geld voor is. Wat moet camoufleren dat men het gewoon niet wil. Zo ben ik er ook niet echt van overtuigd dat onze regering de kredietcrisis en het milieuprobleem echt wil oplossen. En ik geloof dat al deze problemen makkelijk op te lossen zijn als die wil er maar is.

Vrijheid

Date 21 april 2009

Ik moet er niet aan denken dat er een vrije wil zou zijn! Dan moet ik kiezen! En ik word al gek van alle keuzes die ik in het gewone alledaagse leven al moet maken. Liever laat ik me meedeinen op de goddelijke golfstroom. Dat is heerlijk ontspannend en alles wat echt gedaan moet worden gebeurt dan moeiteloos vanzelf.

Het idee van een vrije wil is toch het toppunt van arrogantie? Wie denken we wel dat we zijn als we pretenderen het beter te weten dan God, dan het Bestaan? Vrijheid betekent persoonlijkheid, ego, ik, eigenbelang, verdeeldheid, liberalisme. Opgeven van vrijheid betekent overgave, toewijding, samenwerking, heelheid, socialisme. Ooit een commune gezien die niet op socialistische leest was geschoeid?

Vrijheid betekent eeuwige twijfel. Doe ik het wel goed? Terwijl ‘ik’ het natuurlijk nooit goed kan doen. Voor zover ‘goed doen’ überhaupt mogelijk is. Nee, ik kies niet voor vrijheid. Eh… dit was dan mijn laatste keuze!

Goede Vrijdag

Date 10 april 2009

Het is weer zover! In Naarden stijgen nu de klanken van de Matthäuspassion boven de Grote Kerk uit. Daar zitten op de eerste rij al die keurige hoogwaardigheidsbekleders die Ton Koopman het land uit hebben gejaagd. Ja, eigenlijk zou de dirigent – dit jaar de Deen Mortensen – na het Sind Blitzen, sind Donner de uitvoering even moeten onderbreken. “Ik vraag u een kort moment stilte ter nagedachtenis aan Ton Koopman en de zijnen die helaas wegens politiek wanbeleid het land hebben moeten verlaten.” Dat zou solidariteit zijn, maar wie weet komt de Nederlandse Bachvereniging wel met een nog betere en/of subtielere stunt. Maar misschien zijn ze er te laf voor, dat kan ook natuurlijk.

Goede Vrijdag, de dag van de kruisiging. Heerlijk! Het is er nu ideaal zonnig warm weer voor. Vandaag las ik dat volgens Nietzsche medelijden de kernwaarde van het christendom is. Volgens mij is het masochisme dat. Het systematisch verheerlijken van een man aan een kruis kan moeilijk op iets anders wijzen. Hoeft ook niet. Zo lekker naakt en bezweet aan zo’n kruis hangen in de hete zon – dat heeft wat. Jammer en onhandig dat het pijn doet. Ik bedoel: zonder pijn was het makkelijker om masochist te zijn: dat is echt een foutje van de natuur. Fijn zwelgen in overgave en machteloosheid, de ultieme nekslag voor het ego voor zover dat zich met het lichaam identificeert. Wat is spiritualiteit anders dan de kunst van het sterven? Iets spirituelers bestaat er dus niet, dat heeft Jezus goed begrepen en wat dit betreft wijkt het christendom helemaal niet zoveel af van veel andere religies.

En dan… dat sterven! Wat wil je nog meer?! Uitgesparteld hang je nog tintelend in de rode zoele avondzon. Eindelijk dood, rust, ontspanning, weg, opgegaan in het Niets of Alles terwijl de laatste zuchtjes wind nog langs je uitgeputte lijf strijken. Dat kruis zou trouwens ook leuk op een strand staan, waar je door huizenhoge zoute golven wordt overspoeld om onder donderend geraas je lichaam te verlaten. Ik ben een romanticus, en romantici zijn dol op sterven. Zolang het geen pijn doet althans. En het bewust gebeurt. Liefst ergens in de natuur. Zonder overvliegende vliegtuigen of lastige muggen. En het gras of de heide waarop je ligt mag niet al te hard zijn of kietelen. Ook niet met een te volle maag of kiespijn. Er mag natuurlijk wel een mooi achtergrondmuziekje bij, zoals het beroemde Adagietto van Mahler.

Ruhe sanfte, sanfte ruh’… De Matthäuspassion hoort zonder meer thuis op de lijst van wat de Nederlandse identiteit bepaalt. Ook bij mijn ouders, want toen ik nog bij hen in Slotervaart woonde, zaten we altijd trouw met de tekstboekjes voor de zwart-wittelevisie. Daar heb ik sopranen leren haten, wiens opsmuk mij veel te veel in tegenstrijd was met de naaktheid van Jezus. Afgezien van het feit dat wat zij zongen meestal onverstaanbaar was zodat ik helemaal niet snapte waarom ze überhaupt zongen. Alten vond ik mooier, hoewel die weer eindeloos konden staan jammeren ‘Ach nun ist mein Jesu hin’ in plaats van dan als de wiedeweerga achter hem aan te rennen zolang het nog kon. Hoe dan ook: de Matthäuspassion zit ook in mijn bloed, net als dat christendom dat met zijn verheerlijking van het lijden misschien zo gek nog niet is. Voor zover je daarvan kan genieten natuurlijk.

The Quest

Date 7 april 2009

Mijn lievelingsblad Inzicht bestaat tien jaar, en daarom is een boek uitgegeven met 36 artikelen die er in de loop der jaren in zijn verschenen. Van Adyashanti, Andrew Cohen, Jan van Delden, Byron Katie, Wolter Keers, Nisargadatta Maharaj, Francis Lucille, Tony Parsons, Alexander Smit, Douwe Tiemersma, Eckhart Tolle en vele anderen die ik tekort doe door ze hier niet te noemen. Zoals Osho, die ik zelf liever Bhagwan noem. Met hem begon in 1979 mijn spirituele speurtocht en nu kom ik hem weer tegen in een verhaal dat gaat over het verschil tussen overgave en gehoorzaamheid. Achterin het boek is te lezen dat Nandan deze tekst heeft vertaald, en hij kan het niet nalaten om daarbij aandacht te vragen voor The Quest.

Voorjaar 1988. De staf in Poona vroeg Nandan om een Nederlandse tak van de World Academy of Creative Science, Arts en Consciousness op te zetten. Hij pakte me al snel bij de kraag, begon de spirituele intelligentsia om zich heen te verzamelen, en daarmee begon voor mij een periode van enkele jaren waarin ik vaak in het gebouw van de commune in Amsterdam te vinden was. Een van de eerste taken was het inventariseren van Bhagwans geschriften en om dat mogelijk te maken introduceerde ik daar… de computer! Dat was wel wat gewaagd in deze kringen, want computers waren toch voor mensen die in hun hoofd zaten in plaats van in hun hart zoals het hoorde? Denken was toch een beetje taboe in die kringen en ik heb zelfs een serieuze arts horen beweren dat Bhagwan zelf helemaal niet dacht!

Desalniettemin huurde Almast die zomer een roedel van die dingen, en voor we het wisten zat een zaal vol enthousiaste sannyasins gedurende enkele weken alle vragen die ooit aan Bhagwan gesteld waren uit boeken over te typen op 5¼inch-floppy’s. Het inventariseren en chronologiseren van Bhagwans woorden uit honderden boeken was al een hele klus, en daaruit kwamen uiteindelijk meer dan 8000 vragen in een database. Nou ja, database… ik zat alles heerlijk in QuickBasic te programmeren, en zo ontstond het programma The Quest. Vanwege copyrights konden we Bhagwans antwoorden niet weergeven, maar het was een geweldig hulpmiddel om te kunnen vinden waar onze meester iets over een bepaald onderwerp had gezegd.

Daar zag ik Vriend voor het eerst. Onder het eten in de zonnige tuin van het voormalige klooster raakten we voor het eerst in gesprek. Hij had al langer een oogje op me, want ik liep een beetje brutaal rond in kort rood sportbroekje en idem netshirt. Ik raasde het gebouw op en neer en bracht velen voor het eerst in hun leven in contact met computers. Primitieve dingen, met zwart-wit monitoren en harde schijven van hooguit 20 MB. Een jaar of tien geleden hebben anderen, waaronder Nandans zoon Sanat, dit indertijd nog op meerdere floppy’s uitgegeven programma bewerkt voor Windows, zodat The Quest vandaag de dag nog is te downloaden op de website van de Vrienden van Osho.

Ik ging nog veel meer in die commune doen, zoals meewerken aan het Osho Magazine, waarin ik voor het eerst onder de naam Ganymedes schreef. We trachtten ook Osho het land in te krijgen waarvoor we een grote advertentiecampagne voerden. We probeerden zendtijd te krijgen voor de ZON, de Zender Osho Nederland. Zo reisde ik met Nandan mee naar de Raad van State, het Commissariaat voor de Media, zaten we in Amsterdam-Noord bij Willem Oltmans op de koffie (ik nog steeds in dat korte broekje en dat netshirt, wat kan ik toch naïef gemeen zijn!) en werden onze woningen – in elk geval die van Nandan – stiekem door de BVD doorzocht. Want Osho had zich niet overal even geliefd gemaakt, wat achteraf gezien best voorstelbaar is.

In de inleiding van de handleiding bij The Quest ga ik in op de rol van de vraagsteller, want ‘it is meant as a computerized fantasy game in which we can play the character of any questioner. Like in the Dungeons and Dragons game we can keep on playing the same character for an entire life, continuing to ask the same questions. But isn’t it more fun to let our hero die once in a while, so that we can begin playing a brand new character? Why waiting for a physical death to be reincarnated? Time is running out fast, so let’s drive ourselves crazy with all these questions and answers and we’ll find the knack!’ Osho zou zeggen: niet de vraag, maar degene die de vraag stelt moet verdwijnen. Maar ook lees ik hier al mijn interesse in rollenspelen in fantasiewerelden die je met computers kunt simuleren, wat pas veel later zou uitmonden in mijn liefde voor zogenaamde virtuele werelden en Second Life. Waar ik Robbie weer zou ontmoeten, die vrijwel exact op dezelfde dag is geboren als die waarop ik met Vriend in contact kwam tijdens het eten in de communetuin. Vriend die me van Bach zou leren houden. Robbie die gisteren naar de Markuspassion is geweest waarvan hij het slotkoor zo mooi vond.

Ik geniet ervan als die werelden zo heerlijk door elkaar heen lopen en zo mooi op elkaar afgestemd blijken te zijn. Vingerwijzingen is de titel van het boek met artikelen uit Inzicht. Ik kan me dat trouwens moeilijk voorstellen, want omdat alles één is wijst die vinger overal naar. Kopen, dat boek, waarover meer onder ‘Lezersaanbieding’ op de website van Inzicht. Kost € 17,95 en voor lezers slechts € 12,50. En als je van dat alles doordrongen bent, zijn er geen vragen meer, heeft de Quest zijn eindpunt bereikt. Of beter: is alles een Quest geworden, in voortdurende verwondering op een eindeloze reis.

Skepsis

Date 31 maart 2009

Onlangs waren Vriend en ik te vinden op de Inspiratiedag in De Reehorst in Ede. Eindeloos bewustzijn en (r)evolutionaire wetenschap was het thema. Marja de Vries hield een lezing over de universele wetten van het bestaan, maar ik kon het op gegeven moment niet meer volgen toen ze na wet 1 eenheid gepostuleerd te hebben bij wet 4 opeens met polariteit over de brug kwam. Wim van Vledder hield een prachtige toespraak onder de titel ´Het Ene Bewustzijn, Beschermer van het Al, in ieders hart verborgen.´ John Consemulder ging op zoek naar de werkelijke werkelijkheid: geluid, trilling en energie zijn de blauwdruk van de fysische wereld, en daarom werkt bijvoorbeeld homeopathie, en heeft water geheugen, zoals Emoto al heeft aangetoond. Hoogtepunt van de dag was de lezing van Pim van Lommel, de auteur van Eindeloos bewustzijn waarvan inmiddels de 13e druk is verschenen, en waarin hij erg aannemelijk maakt dat bijna-doodervaringen niet te verklaren zijn uit medische, fysiologische, farmacologische of psychologische veranderingen, waarmee hij de stoffelijke basis van bewustzijn onderuithaalt. Met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid, laten we zeggen: p < 0.01 bij enkelzijdige toetsing. ´Significant,´ zou een wetenschapper zeggen.

De jongens van de in 1988 opgerichte Stichting Skepsis zijn het daar niet mee eens. De eerste tien jaar zwaaide professor Kees de Jager daar de scepter: die man schijnt veel van de zon af te weten, maar van astrologie wil hij niks weten. Zijn stichting wil ook weinig weten van andere onzin, zoals homeopathie en dus ook het idee dat bewustzijn los van de hersenen zou kunnen bestaan. Jan Willem Nienhuys wijdde op de site van deze stichting een blog aan Van Lommels boek. Je zou hier een wetenschappelijk waardenvrij betoog verwachten, maar niets is minder waar: ´Zelfs bij volle bewustzijn zijn er sommigen die dikke pakken eigen wartaal houden voor diepzinnige openbaringen.´ Daarmee is de toon al gezet: als de ervaringen niet voldoen aan het wetenschappelijke paradigma zijn ze illusies, hallucinaties, wartaal, zinsbegoochelingen, foutjes in de ´proprioceptie´ ofwel de waarneming van waar en hoe ons lichaam zich ergens bevindt. Van Lommel doet volgens Nienhuys ´geen enkele moeite om de argumenten van zijn tegenstanders serieus te bespreken´ alsof Nienhuys zelf wel Van Lommels argumenten serieus ter harte neemt. Na wat gehakketak over de mogelijke rol van zuurstofgebrek, over UFO´s en non-lokale ruimte besluit Nienhuys: ´Er is eigenlijk geen beginnen aan om de rijstebrijberg van onzinnigheden in Van Lommels boek te analyseren.´ Klinkt niet echt wetenschappelijk. Troost is dat zijn artikel niet in The Lancet is gepubliceerd, en dat van Van Lommels onderzoek wel…

Mijn vader was enthousiast over Skepsis. Echt begrijpen deed ik het niet, want het wetenschappelijke gehalte ervan heb ik nooit hoog geacht. Wat zij wetenschap noemen is ook een paradigma, een geloof. Een geloof waarin niet alleen de heelheid van de materiële wereld wordt ontkend met alle gevolgen voor het milieu van dien, waar niet alleen het bestaan van andere fijnstoffelijker werelden wordt geridiculiseerd, maar waar bovendien de heelheid van al deze werelden samen al helemaal niet meer ter sprake komt. Het gaat alleen maar om een armzalig stukje van onze werkelijkheid: de waarneembare en meetbare materie. In hun reductionistisch denken worden gevoelens tot hormonen gereduceerd en gedachten tot hersengolven, maar nog nooit hebben ze de inhoud van gedachten en gevoelens op hun monitoren kunnen registeren. Nog nooit hebben ze kunnen aanwijzen wat dat subject nou eigenlijk is, dat al die objecten aan het bestuderen is. Ik ben het dan ook met Van Lommel eens ´dat er eigenlijk geen objectieve wetenschap bestaat.´ Juist het onderscheid tussen subject en object, die zogenaamde meetbaarheid, is een illusie.

Wetenschap hoort thuis in het rijtje van geloven. Die hebben meestal ruzie met elkaar. Iets met potten en ketels, en boter op hoofden: je eigen kortzichtigheid op anderen projecteren en je eigen alleenzaligmakende waarheid aan anderen opdringen. Daar komen gedrochten van als Skepsis of de Vereniging tegen de Kwakzalverij, die menen het alleenrecht op wetenschap en genezing te hebben. Op zich is het al zwak als je je energie liever stopt in het bestrijden van anderen in plaats van jezelf te verbeteren. Dat is vaak een afleidingsmanoeuvre, dan verberg je iets. Bijvoorbeeld dat in ziekenhuizen duizenden mensen nodeloos sterven. Veel artsen hebben trouwens ook iets belangrijks van Hippocrates verborgen. Want dezelfde man op wiens uitspraak ze de eed afleggen heeft ook gezegd: ´De man die onbekend is met de wetenschap der astrologie verdient eer de naam van dwaas dan die van geneesheer.´ Ja, dat was uit de tijd waarin wetenschap nog wetenschap was, waarin mensen nog dingen wisten. Waarin de wereld nog heel, en wetenschap een kunst was. Nu, 25 eeuwen later, zouden we niet met Skepsis maar met scepsis moeten kijken naar het materialisme en het reductionisme die hard bezig zijn onze wereld naar de knoppen te helpen.

Bussum belazerd

Date 18 maart 2009

Wie klaagt om gebrek aan vertrouwen en doet dagelijks zijn best om nog minder vertrouwd te worden? Precies! De overheid! Ook nu weer! Staatssecretaresse Bijleveld wil de gemeenten Bussum, Naarden, Muiden en Weesp samenvoegen. De laatste drie gemeenten zien dat wel zitten, maar Bussum is vierkant tegen. Gebrek aan bestuurskracht is immers het argument om samen te voegen, maar daarvan is in Bussum geen sprake. En wat nog erger is: deze samenvoeging wordt noch door bevolking, noch door het bestuur van Bussum gedragen. Kortom: fusie wordt door de strot geduwd, en dit is niet de eerste keer. Ik ben daar echt kwaad over en reken dat de betreffende politieke partijen sterk aan. Niet alleen Ank Bijlevelds CDA. Ook Groen Links, de partij van Borghouts en Moens die dit fusietraject enkele jaren geleden enthousiast zijn begonnen. Ik hoor het de laatste nog zeggen tijdens een bijeenkomst in Hilversum enkele jaren geleden: ‘De fusie gaat gewoon door,’ als antwoord op een vraag wat te doen bij gebrek aan draagkracht.

Ik vind het merkwaardig dat CDA en Groen Links dit soort vertegenwoordigers nog binnen haar gelederen willen hebben, want wat deze mensen doen lijkt toch op een autoritair machtsmisbruik dat niet meer van deze tijd is. Gemeentelijke herindelingen zijn dan wel niet het grootste probleem waarmee de politiek nu te kampen heeft, maar de manier waarop ermee wordt omgegaan getuigt wel van dezelfde megalomane mentaliteit die al zoveel van ons land naar de knoppen heeft geholpen. Groter en groter, groeien en groeien, net als de economie. Maar zolang je nog groeit ben je niet volwassen, althans zo heb ik het geleerd. En dat blijkt maar al te waar te zijn.

Fuseren is al jarenlang een heet hangijzer in het Gooi. In de besluitvorming rond deze door de provincie Noord-Holland geliefde GV-4-variant heeft de staatssecretaresse uiteindelijk een Commissie van Wijzen ingesteld, waarin onder andere Vonhoff zitting had. ‘Op grond van deze overwegingen komt de Commissie tot de conclusie dat het herindelingsproces GV-4 uiteindelijk de voorkeur verdient,’ schrijven de drie wijze mannen. ‘Voorts onderschrijft de Commissie het uitgangspunt dat één gemeente geen recht heeft op het blokkeren van een herindeling als zo’n regionaal gewenste herindeling voor het overige op consensus berust.’ Maar hoe zat het ook alweer met artikel 4 van de beginselverklaring van de VVD, meneer Vonhoff, iets met ‘medemensen, die evenzeer recht hebben op een zo groot mogelijke vrijheid’?

Onlangs kwam ik Ank Bijleveld trouwens in een ander twijfelachtig daglicht tegen: ze vindt dat initiatiefvoorstellen pas door de gemeenteraad mogen worden ingediend als ze eerst door het college van burgemeester en wethouders zijn bekeken. Ook dit is een voorbeeld van hoe hogere overheden beetje bij beetje aan de macht van lagere overheden knabbelen. Zo heeft de gemeenteraad – officieel de baas van de gemeente – steeds minder te zeggen. Wordt ze beheerst door provincies, het Rijk, Europa en heeft ze zelf steeds minder in de melk te brokkelen. Lagere overheden zijn schaamlapjes van hogere overheden, die er coûte que coûte hun megalomane plannen doorheen jassen.

En die arme Balkenende maar verongelijkt zijn… Waarom vertrouwen ze ons nou niet? Zelf ben ik in de politiek gestapt om juist meer contact met de concrete werkelijkheid te krijgen, maar in Den Haag lijk je alle contact daarmee juist te verliezen. Terugverdienen van vertrouwen zou prioriteit nummer één moeten zijn – pas als je dat hebt kun je problemen echt oplossen. Maar nu gebeurt er vrijwel elke dag iets als dit, en blijft niet alleen het vertrouwen afbrokkelen, maar gaan steeds meer mensen van boosheid door het lint. Hoe lang kun je een volk blijven tergen voordat de revolutie uitbreekt? En wie is dan verantwoordelijk daarvoor?

Offers aan Moloch

Date 12 maart 2009

Wat bezielt die jongeren toch? Het lijkt alsof ze steeds vaker in de ban raken van agressieve computerspelen, die ze dan ook in de werkelijkheid eens willen ervaren. Alsof ze zo gehypnotiseerd zijn dat ze real life ook als een virtuele wereld ervaren. Zoals je dromerig uit de bioscoop in de buitenwereld stapt en het even duurt voordat je weer in de straten van de stad wandelt, zo lijkt ook de wereld van bloed en geweld over de randen van het beeldscherm het dagelijkse leven te infiltreren. In een roes vermoord je je vriendjes en schoolkameraden, en natuurlijk ook die enge leraar. Echt 3D-bloed gutst over de vloer en je geniet van de power waarmee de grafische kaart deze wereld zo bliksemsnel vormgeeft. Het rennen wegens de politie die achter je aan zit blijkt moeilijker dan gedacht, je gaat er echt van hijgen. En als je zelf een kogel in je lijf krijgt blijkt dat pijn te doen. Nee, dit vond ik niet leuk meer, dit spel ga ik verliezen. Ik kan er beter maar mee ophouden, want ik heb nog wel een paar levens over.

De 17-jarige Tim is sinds gistermorgen beroemd door de moord op 15 mensen, waarna hij zichzelf doodschoot. Waarschijnlijk gebeurde een en ander niet zoals hierboven beschreven, maar bij dit soort afschuwelijke gebeurtenissen ga je toch naar de oorzaak zoeken. Ligt het aan de volle maan? Die maakt ons allemaal ongemerkt een beetje gekker. Maar die kan hooguit een druppel zijn die de emmer vol gevoel doet overlopen. En bovendien kunnen we daar niets mee. Je kan de maan niet tegenhouden om vol te worden, dus ga je op zoek naar andere oorzaken van dit geweld waar je wel wat mee kunt. En ja hoor, de politie vindt het dubieuze computerspel Counter-Strike in de computer van de in het zwart geklede Tim. Is dat dan de hoofdschuldige? In zekere zin wel omdat dit soort spellen, net als reclame en televisie, het meest primitieve in de mens exploiteren om er zelf rijker van te worden.

Een vergelijking met de wapenhandel ligt voor de hand. Misschien is het zelfs nog erger omdat hier het idee van geweld verspreid wordt, een moraal waarin moord en doodslag normaal gevonden worden. Scheppen wij enerzijds de virtuele wereld als fijnstoffelijke velden om ons heen, anderzijds is onze wereld niets anders dan de materialisatie van die etherische velden. ‘In het begin was het Woord,’ zei Johannes al. ‘Alles is eruit voortgekomen.’ In ons computertijdperk met zijn internet zijn we beter dan ooit in staat om door middel van virtuele werelden onze stoffelijke werkelijkheid te veranderen. Wensen en gedachten zijn creatieve krachten. Hoewel dit soort computerspellen uit de handel zou moeten worden genomen, zijn daarmee de problemen bij lange na nog niet opgelost. Want dan blijven nog altijd de perverse geesten over die ze bedacht hebben. Of moet je ze net zo lang hun eigen spellen laten spelen tot ze zelf in trance zelfmoord plegen? Misschien.

Maar met een verbod op dit soort computerspellen zijn lang niet alle problemen opgelost, want zo’n spel kan nooit iets in een mens activeren dat niet al latent aanwezig was. Als je het leven al niet meer ziet zitten maakt het niet veel meer uit wat je doet en wat er gebeurt, en ben je ontvankelijker voor dit soort destructieve krachten. Als je gepest wordt op school, als je uitgelachen wordt, als je je niet meer geliefd weet, als je geen respect meer van anderen krijgt, als je continu op je hoede moet zijn dat je niet belazerd wordt, als je steeds maar moet scoren, als anderen hoge verwachtingen van je hebben, kortom: als je in een extreem liberaal milieu leeft, dan kan het minste geringste tot de grootste rampen leiden. Het is dus niet verwonderlijk dat Tim in een weelderige plaats woonde – de naam Winnenden laat al doorschemeren dat het niet echt om losers gaat – die wellicht te vergelijken is met Oldegeppel waar zich evengoed zo’n bloedbad kan voltrekken.

Gepest en uitgelachen worden, een computerspel, een vader die wapens laat slingeren – zij werken allemaal dit soort afschuwelijkheden in de hand. Ik begrijp dat Tim al wegens depressies onder psychiatrische behandeling was geweest, maar zolang de maatschappij zelf verziekt is blijft dat dweilen met de kraan open. En de samenleving blijft ziek zolang we een collectief gedachtenveld blijven creëren waarin zich al die zwarte, sombere, agressieve en destructieve taferelen afspelen. Die noemen we fantasieën en we sluiten ze op in films en computerspellen, en denken ze dan daarmee te bezweren terwijl we er nog geld mee kunnen verdienen ook. We noemen hun wereld virtueel om onszelf ervan te overtuigen dat die niet ´echt´ is, of ´tussen de oren´ zit. Maar eigenlijk is het echter dan echt omdat de materiële wereld niets anders is dan een gestolde versie ervan, een realisatie van deze scheppende ideeënwereld. En misschien zal het echte armageddon zich in de virtuele wereld afspelen, het ultieme gevecht tussen de vechters en de niet-vechters.

In de Oudheid werden kinderen aan Moloch geofferd. En dat doen we nog steeds. 15 slachtoffers. Nee, 16.