De Archipel

Date 20 juni 2026

Gisteravond heerlijke pasta en nóg heerlijker ijs gegeten bij Vapiano. Ik zat naast de stoep achter een hekje, met mooi uitzicht op het majestueuze kunstmuseum Ateneum, schuin tegenover het station. Opeens buigt een jongen in wit T-shirt over het hekje naar me toe, een Fin die ik moest bekennen meer dan twee keer zo oud te zijn als hij. We raakten in een lang gesprek over Finse gewoonten zoals respect voor elkaars persoonlijke ruimte. Ik vertelde hem dat ik vandaag op de Esplanade zag hoe een echtpaar plompverloren naast een man op een bank ging zitten, waaruit ik concludeerde dat dit geen Finnen konden zijn. Daar moest die jongen wel om lachen. En ja, Finnen houden er wel van bij tijd en wijle alleen te zijn. Ook sisu kwam even voorbij, en een boerderij met varkens en kippen waar hij in zijn jeugd woonde. Begreep ik, want Finnen spreken in mijn oren een beetje gebrekkig Engels, wat voor hen natuurlijk een even vreemde taal is als Fins voor mij. Maar dat Finland het gelukkigste land in de wereld was betwijfelde hij een beetje. Ik zei hem dat ik mij ook niet kon voorstellen dat Nederland op de zevende plaats van de geluksparade staat. Hoe dan ook heel leuk dat zo’n knaap spontaan een praatje met je begint. Eerder had ik trouwens met toestemming een foto gemaakt van een jongen en een meisje die vanaf weerskanten van de tafel elkaar strak aankeken, de handen op tafel in elkaars handen. “Rakastan sinua” las ik in onzichtbare tekstballonnetjes boven hun hoofden. Ik hou van jou. Zó mooi om te zien, die twee! Ik heb de foto naar haar e-mailadres gestuurd.

Ook afgelopen nacht zat ik weer op een verlaten terrasje vlakbij het hotel. Om twaalf uur schemert het nog steeds donkerblauw onder een lichtbewolkte hemel. Ik zit hier dan ook acht graden noordelijker dan thuis, en de hele ecliptica doet daaraan mee. Kolonnes trams en bussen rijden voor mijn neus richting station. Verkeerslichten gaan in Helsinki hun eigen gang. Al het verkeer stopt gewoon voor een rood licht voor voetgangers, ook als die in geen velden of wegen te bekennen zijn. En voetgangers staan rustig op een ratelend groen licht te wachten, ook als er nergens in de buurt verkeer te zien is. Geen haast. Het is hier wel een beetje opletten als je loopt want de bestrating bestaat soms uit kinderhoofdjes, terwijl de weg soms ook wat op en neer deint. De afgelopen nachten heb ik als een blok geslapen na een glas zwarte thee die ik met een waterkoker op mijn kamer kan maken. Verder ontdekte ik vanmorgen dat ik drie pilletjes bètablokkers te weinig heb meegenomen voor mijn trip, dus ik moet maar af en toe een dagje overslaan. Ik zal er niet van doodgaan, maar dat is wel een beetje slordig, Satyamo! Had wél een AMO bij de apotheek gehaald, zodat in noodgevallen bekend is welke medicijnen ik gebruik. En die heb ik wél meegenomen. Goed zo, Satyamo!

Nu zit ik weer in het Esplanadepark, niet ver van een jongen die Drive van REM speelde en daarmee mijn hart stal. Uit een Fins liedje pak ik het woord “Rakastan” op – niet zo verwonderlijk want welk liedje gaat níét over de liefde? De Finse komiek ISMO vindt dat woord trouwens veel te agressief klinken, en het klinkt inderdaad niet echt zoet. Teveel sisu in gestopt. Dit in tegenstelling tot het woord “slapen” dat in het Fins “nukkua” is. Je ligt daarbij al als een kissa te snorren. Terwijl ik dit schrijf vraagt een Amerikaan uit Boston of hij met zijn vrouw naast me kon zitten – ja, hij kende de goede manieren hier. Hij reist hier in Scandinavië wat rond en ik vroeg hem of het een paar weken geleden inderdaad zo’n verschrikkelijk weer in zijn woonplaats was. Ja. Ik bekende hem dat ik van Boston nooit meer heb gezien dan het vliegveld. Maar ik durfde niet met hem over Trump en zo te beginnen.

Vanmiddag heb ik een avondcruise gemaakt door de archipel van Helsinki. Waarom het een avondcruise heet is mij ontgaan, want de tocht begon om half zes toen de zon nog zo’n 37 graden hoog stond. Vertrek vanuit de haven naast de markt waar ik nog even een karjalanpiirakka heb gesnoept. Dat moest van Arthur. Ik zat op het dek van de boot. Durfde nauwelijks mijn telefoontje in mijn hand te nemen. Want wat moest ik als die toch onverwacht in het water glipte? Er blijft  dan weinig anders over dan te zoeken naar de Nederlandse ambassade. Ook was ik bang dat een harde windstoot mijn gehoorapparaatje uit mijn oor zou blazen. Maar dat allemaal is natuurlijk niet gebeurd. De boot voer vlak langs de drijvende openlucht zwembaden aan de voet van het SkyWheel. Daarna verdwaalde ik tussen een wirwar van eilanden voor de kust van Helsinki. Sommige zó klein dat er nog net een huis met een aanlegsteiger op past. Op iets grotere deinst de gemeente er niet voor terug om er woonwijken op te bouwen.

Al die eilanden zijn rotsen waar desniettemin veel groen en bomen hun weg vinden. Op dat met de naam Kulosaari – ik zocht het even op in Google Maps – lagen veel groepjes mensen te zonnen, keurig minstens vijf meter van andere groepjes vandaan. Op het strand van Zandvoort zul je weinig Finnen aantreffen. Te weinig “personal space”. Over en weer wuiven vanaf strand en boot naar elkaar. Verder veel huizen, industrie en huizenblokken in de verte gezien, onder de stem van Rhianne die onder andere het romantische Somewhere  Only We Know zong. Heerlijk om je zo lekker door het water te laten wiegen. Ik sloot even mijn ogen. En nu ik dit onder het eten – opnieuw bij Vapiano – zit te schrijven en meeuwen twee stukjes penne van mijn bord hebben gejat is het nog steeds licht. Negen uur in de avond die eigenlijk een middag is.

Reageer

XHTML: Je kan deze tags gebruiken: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>