Fins leren

Date 5 juli 2026

Een dikke week geleden zwierf ik nog door Helsinki. Vandaag is het geen croptopweer – twintig graden met regen – dus ik heb mijn vestje maar aantrokken om toch lekker buiten op mijn stoeltje te kunnen zitten schrijven. Sinds ik terug ben leer ik mezelf koffie te drinken uit zo’n houten kahvikuksa die ik op advies van Arthur heb gekocht. Tot nog toe is dat het lekkerst zonder melk en met rietsuiker. Ik zou misschien ook échte koffie moeten gaan drinken in plaats van dat slappe decafgedoe. Eigenlijk ben ik nog steeds niet echt thuis. Naast me ligt het boek Beginner’s Finnish waarmee ik Fins aan het leren ben. Welke idioot gaat op zijn 79ste nog Fins leren? Ik dus. En het is de vraag hoe lang ik dat ga volhouden, of ik wel genoeg sisu daarvoor heb. Waarom ga je niet gewoon Spaans leren, Satyamo? Maar die zuidelijke warme landen vind ik zo macho, daar heb ik niet zoveel mee. Zelfs het Nederlands wordt wereldwijd vier keer zo vaak gesproken als het Fins. Toch kan ik lang in zo’n lesboek bladeren, net zoals vroeger met boeken over programmeren, toen computers nog bestuurbaar waren.

Het Fins kent klinkerhamonie. Je hebt de achterklinkers a, o en u. Je hebt de voorklinkers ä, ö en y. Als er voorklinkers in een woord voorkomen mogen er geen achterklinkers in voorkomen en omgekeerd. Alleen de e en de i zijn neutraal, die passen overal bij. Daar was ik me niet van bewust, maar door woorden bladerend klopt dat wel. Maar hoe onthoud ik die groepjes van letters? Ik bedenk een tip die niet in het boek staat. Onthoud de woorden voor eten en drinken, syödä en juoma, en je bent er.

Elk van de twaalf hoofdstukken begint met een dialoog van twee Finnen die twee Amerikanen welkom heten op het vliegveld Vantaa bij Helsinki. Omdat ik daar zelf dus geweest ben kan ik me daar wat meer bij voorstellen. Dan volgt er een woordenlijst van alle gebruikte woorden. Er is online audio bij waarmee ik alles ook kan beluisteren. Dus mocht je mij in mijn stoeltje aantreffen terwijl ik allemaal onverstaanbare klanken zit te mompelen hoef je je geen zorgen te maken. Vervolgens staan in het boek wat standaarduitdrukkingen om vervolgens op grammatica over te stappen, waarna met oefeningen wordt afgesloten. De juiste antwoorden staan achterin het boek, samen met woordenlijsten en de belangrijkste naamvallen van zelfstandige naamwoorden en de vervoegingen van werkwoorden. Ik vind dat interessant, terwijl ik op school helemaal niets met taal had, het eigenlijk een beetje saai vond allemaal. Misschien vind ik het leuk omdat ik nu het gevoel heb een geheimtaal met anderen te kunnen spreken, zoals je dat als kind ook spannend vond.

In Helsinki liep ik vaak in de keskuskatu. Dat katu straat betekent kan je moeilijk ontgaan als je daar rondwandelt, maar dat keskus centrum betekent wist ik niet. Ik vind keskuskatu gewoon een mooi woord. Net als nukkua dat slapen betekent. Of kissa voor kat. Of rauta voor ijzer. Alsof je door haar taal de ziel van een volk leert kennen. Luister alleen naar de klanken, en je bent al op weg. Sommige woorden zoals sisu en rauha zijn moeilijk te vertalen. Net zoals het Nederlandse woord gezellig voor anderstaligen lastig is.

Ik had linguïstiek moeten studeren. Maar vroeger wist ik niet eens wat dat was. Elke taal heeft zijn eigen kleuren. Kleuren! Er zijn klassieke voorbeelden van talen waarin veel nuances van kleuren voorkomen die onvertaalbaar zijn. Een woord als hebben bestáát niet eens in Fins! Iets is bij je, en dat is het dan. Een toekomende tijd? Die bestaat bij hen niet eens! En met de opwarming van onze aarde lijken ze nog gelijk te krijgen ook, want de Finnen kunnen best visionair zijn. Wat zegt dat allemaal over een volk? Veel. Scandinavische landen hebben ook iets mysterieus met hun soms donkere uitgestrekte stille vlakten, wouden en meren en met hun noorderlicht. Tolkien maakte daar gebruik van. Taal maakt wat je kan denken, en zo indoctrineert elk volk zich in zijn eigen wereld. Zo wil Trump, met Huxley als inspiratiebron, honderden woorden uit de vocabulaire schrappen. Maar taal heeft iets heiligs voor me, het is de ziel van een volk. Ik kan er dan ook niet tegen als mensen daar slordig mee omgaan. Ik vermijd mensen die plat praten. Taal is bedoeld voor communicatie en als je dat verziekt ben je daar kennelijk niet in geïnteresseerd. Hullie zullen nooit mijn vrienden zijn.

Ik blader door de Helsingin Sanomat van 17 juni en heb geen benul van waar het allemaal over gaat. Nou ja, op pagina 12 lijkt iets over seks te gaan en daar richt ik mijn telefoontje op. Voordat ik een foto maak, druk op de balk onderaan mijn scherm en vervolgens op een icoontje dat ik niet begrijp. Nu lees ik dat jongvolwassenen tussen de 25 en 34 jaar tegenwoordig ongeveer veertig procent minder seks hebben dan in de jaren 90. Tja. In Helsinki richtte ik mijn telefoontje op een grote tekst op een gebouw, en die werd met een klik in het Nederlands omgezet. Waarom zou je eigenlijk nog een taal leren? Nog even wachten en onze telefoontjes functioneren als tolk.

Toevallig heeft het laatste nummer van Inzicht – voor non-dualiteit en zelfonderzoek – een mooi thema: “Taal, duidend of versluierend?” Over taal en werkelijkheid, linguïstische relativiteit, hoe taal illusies in stand houdt. Over hoe taal strijdig is met de non-duale werkelijkheid. Ik moet het nog lezen allemaal, maar als de meest diepe werkelijkheid stilte en leegte is, is elke taal een verzameling van leugens. De mooie paradox is echter dat proza en vooral poëzie de diepe onverstaanbare wereld van stilte, vrede en rust daar doorheen laat weerspiegelen. Zo vertelt ook de mooiste klassieke muziek over stilte die je achter de instrumenten hoort en voelt. Vergeet niet dat een paradox slechts een schijnbare tegenstelling is en zo eigenlijk iets van non-dualiteit blootlegt. Namelijk dat tegenstellingen eigenlijk niet bestaan. Zo kan ook taal ongekende werelden openen, en dat geeft het leren ervan iets avontuurlijks. Het gaat niet alleen over wat mensen in andere landen zeggen en schrijven, maar ook en vooral over hun leefwereld, hun ervaren van de werkelijkheid. Als een volk het woord hebben niet kent, dan hééft dat wat! Zoals een andere visie op wat bezit eigenlijk is. En wellicht ga je meer in het nu leven als je voor de toekomst geen woorden hebt. Misschien draagt dit alles ertoe bij dat Finnen best relaxte mensen zijn. Dat is althans wat ik tot nog toe ervaar.

Nu verder met het woordenlijstje van les 1. Gelukkig ken ik paragraaf 6 over telwoorden al. Sommige woorden gaan er makkelijk in. Maar de weekdag keskiviiko was heel moeilijk totdat iemand op een filmpje vertelde dat het niets anders betekende dan het centrum van de week. Finse woorden moet je soms in stukjes hakken want in die taal wordt van alles aan elkaar vastgeknoopt. Dan krijg je soms héle lange woorden. Geen wonder dat Finnen mensen van weinig woorden zijn!

Reageer

XHTML: Je kan deze tags gebruiken: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>