11 december 2006
Vandaag is Bhagwan 75 jaar geleden geboren. Met Tweelingen als ascendant, Zon in Boogschutter en de Maan in Steenbok. Nou, dat hebben we geweten! Al zijn lezingen zijn weergegeven in honderden en nog eens honderden boeken waarin hij vertelde over alle verlichte meesters van Boeddha tot en met hemzelf. Hij ontwikkelde nieuwe en soms revolutionaire meditatietechnieken waarin vooral de heelwording van lichaam en ziel centraal stond in de nieuwe mens die eruit voort moest spruiten, Zorba de Boeddha. Pas dan krijgt de geest in ons, de getuige, van dit alles, de watcher on the hill een kans. Spiritualiteit kan alleen ontstaan als alles doorleefd, geaccepteerd is. Dat is dan ook de reden waarom in Poona een nieuw centrum van alternatieve therapie ontstond, naast de stilte die alles doorkliefde als Bhagwan een lezing gaf in de Buddha Hall, die je alleen maar mocht betreden na het Leave you shoes and minds at the gate ter harte te hebben genomen. De mind, het denken was altijd de grote boosdoener in zijn verhalen. Want dit denken verscheurde de werkelijkheid, die één is, in duizenden snippertjes van gedachten zodat de heelheid van het bestaan, en daarmee de verbondenheid met God verloren ging. Ik heb Bhagwan dan ook altijd ervaren als een non-dualist die er alles aan deed om ons weer met het goddelijke te verbinden of, sterker nog, ons weer God te laten worden, omdat dat ons geboorterecht is.
Nandan gaf me laatst een paar dvd’s met documentaires over Bhagwan. En als ik dan de oranje wereld van Poona bekijk, kan ik me niet meer voorstellen dat ik daartussen zat. Wat een stelletje mafkezen en egotrippers! Onder een spiritueel dekmantel achter je eigen pik aanrennen, omdat het goed voelt, en je daarmee in je centrum bent. Heerlijk neerkijken op de burgermaatschappij waar iedereen in zijn hoofd zat. Maar wat hield ik van deze chaotische wereld! Ik voelde me toen in het centrum van de wereld en van mijn leven, en achteraf gezien was dat ook zo. En nog steeds kijk ik graag naar het wel en wee van ons oranje volkje. Omdat het echt is, omdat er iets van geloof, inspiratie, liefde en vertrouwen is, hoe onhandig er ook mee wordt omgegaan. Als Bhagwan sprak veranderde de Boeddha Hall in een sprookjeswereld waar je bedolven werd onder de genade van het existence takes care, waar het regende van zegeningen, die als onzichtbare bloemen over ons neerdaalden en ons zachtjes kusten. Hier was Bhagwan, in zijn witte soepjurk, en meer thuis dan hier in Poona konden we niet zijn.
In 1981 was hij opeens verdwenen. Om een paar maanden later weer in Amerika op te dagen. Daar werd uiteindelijk tussen de rednecks van Oregon een stuk verlaten land gevonden om een commune te vestigen. Iedereen sloofde zich uit totdat hij erbij neerviel en in een mum van tijd was een wereldwonder ontstaan: Rajneeshpuram, de stad van Rajneesh. Gedurende enkele jaren zelfs een officiële gemeente. Compleet met eigen landingsbaan, busbedrijf, restaurants, casino, hotels en zwemmen in het Krishnamurti Lake, dat kunstmatig was aangelegd. Ook uit deze tijd bekijk ik documentaires, waarbij ik me niet kan voorstellen ooit in die wereld te hebben rondgelopen. Tegen beter weten in trachtte ik me daar nog thuis te voelen, maar bleef daar maar een beetje alleen rondzwalken. Wat op zich al verdacht was, want er waren nogal wat politieke spanningen rond deze nieuwe stad, die zover waren opgelopen dat je overal gewapende bewakers zag, zelfs in de helikopters die over ons heen vlogen.
Er was een godsdienst ontstaan, het Rajneeshisme, wat trouwens ook voor een verblijfsvergunning voor Bhagwan nodig was. Er kwamen meer en meer Rolls Royces en de wereld werd steeds meer gepolijst en gestileerd. Er lagen gratis condooms in onze tenten, want Bhagwan was een van de eerste die maatregelen tegen aids verordonneerde. En terecht, want als hij dat niet had gedaan, zou er inmiddels geen sannyasin meer over zijn. De sannyaswereld werd netjes, ook vanwege de buren daar in Oregon. En Bhagwan begon meer over politiek te praten, te mopperen en te kankeren op het establishment. Tooide zich in mooie kleren en droeg fonkelende horloges. Maakte grapjes, waarom sannyasins zo schaapachtig lachten, dat ik zelfs nu nog last krijg van een plaatsvervangend schaamtegevoel. Maar hij werd ook strenger, serieuzer. Omdat enkele sannyasins dingen deden die niet door de beugel konden raakten anderen verdeeld: had Bhagwan niet moeten ingrijpen? Volgens sommigen wel omdat hier volstrekt onacceptabele dingen gebeurden, zoals een poging tot salmonellabesmetting. Volgens anderen niet omdat Bhagwan zijn sannyasins met eigen vallen en opstaan wilde leren wat een rotzooitje het wordt als je een georganiseerde religie op poten zet.
De Bhagwan uit Oregon is voor mij altijd een andere Bhagwan gebleven dan die uit Poona. In stoute momenten denk ik zelf wel eens dat er twee Bhagwans waren. Dat die uit Poona echt verdwenen is en een dubbelganger de toko in Amerika heeft overgenomen. Na een wereldreis waar hij nergens welkom was, is Bhagwan uiteindelijk weer in Poona teruggekomen. En ook daar werd de wereld keurig glanzend opgepoetst, heeft spontane puurheid plaatsgemaakt voor gecultiveerde beschaafdheid. De ashram werd een Club Med, waar Bhagwan de gebouwen zwart liet verven. Hij ging zich Osho noemen en wilde ook onder die naam herinnerd worden. Na een fantastische reeks toespraken over Zen stierf hij in 1990, zeer waarschijnlijk als gevolg van een vergiftiging tijdens een transport in Amerika. OSHO – Never born – Never died – Only visited this planet earth between Dec 11, 1931 – Jan 19, 1990 staat op zijn gedenksteen te lezen.
Ondanks alles is hij de meest verlichte meester die ik ooit heb mogen meemaken, iemand die mijn voeten stevig op het spirituele pad heeft gezet. Er is maar één verlichte nodig om te weten dat er zoiets bestaat. Het is ontzettend gevaarlijk om zo iemand te ontmoeten, want zijn wezen laat je nooit meer los. Omdat je nooit meer kunt ontkennen dat je in wezen goddelijk bent.
Gepost in Spiritualiteit, Uit mijn leven
Geen reacties »
10 december 2006
Twee avonden, twee concerten in deze donkere avonden voor kerst. Vrijdagavond galmden Byzantijnse liederen tussen de muren van de Koepelkerk in Blikkum. Klanken waarin Joodse en Gregoriaanse muziek verenigd lijken. Zware manlijke stemmen, soms onder leiding van een voorzanger die zo’n magistraal volume had dat ik zeker weet dat in zijn badkamer geen tegel meer aan de muur zit. Soms heb ik een bloedhekel aan luid gezang – vooral als het sopranen betreft – maar hier genoot ik van de degelijke gedurfde expressie ervan. Koormuziek kan heel psychedelisch klinken, iets van een oneindig diepe ruimtelijke reis weergeven waarin ik stilletjes en tijdloos wegzeef tussen kleurige sterren, spiraalnevels en melkwegstelsels. Hoewel deze werelden ook instrumentaal kunnen worden opgeroepen, zoals bijvoorbeeld door György Ligeti in zijn Lontano en Atmosphères, en door Beethoven in de maten 548 t/m 554 in het vierde deel van zijn Negende Symfonie. Dat het zo mooi klonk lag natuurlijk ook aan de akoestiek. De kerk is in 1921 door vader en zoon Cuypers gebouwd, de naam Cuypers die ook zo bekend is door het Centraal Station en het Rijksmuseum in Amsterdam. Maar ook door onze eigen Vituskerk in Oldegeppel. In de pauze schuifelde ik wat rond in dit architectonische wonder. Ging even voor het altaar staan. Daar bevond ik me in het brandpunt van een speciale energie, zoals ik daar stond op de bodem van zeven zwartmarmeren treden die omhoog leidden naar het witmarmeren altaar waarachter een levensgrote gouden Christus hing te lijden. Die rare masochistische behoefte om uit pure dankbaarheid en verwondering mezelf te offeren welde in me op, maar dat is misschien wel de bedoeling van deze energetische bouwconstructie.
Zaterdagavond de Hohe Messe van Bach in de Grote Kerk. De Bachvereniging, dus een van de mooiste uitvoeringen die je je wensen kan, en dan nog op een van de mooiste plekken. Ook deze avond weer magie. Want zelfs als je de tekst niet kent of volgen kunt, dringt de boodschap diep in je door. In het Et Incarnatus Est voel je gewoon de lijdensweg die God is begonnen met het aangaan van de reis door vlees en stof en alle schrijnende pijn en verlatenheid die daar het gevolg van zijn. Alsof je plotseling alle moeizame zwaarte voelt van een eindeloos lijkende reis van de Eenheid, die de wrijving en het vuur van de tweeheid nodig heeft om zichzelf bewust te worden. Die door trage inerte materie moet ploeteren om zijn vleugels te hervinden. En dwars door het Kyrie heen voelde ik wat compassie was, wat er bedoeld werd met de Christus die al het lijden op zich nam. Dat ben ik zelf, wanneer ik door de dark night of the soul durf te gaan, wanneer ik onder ogen durf te zien dat niet alleen het goede, maar ook het kwade in me leeft. Dat ik niet alleen die aardige jongen ben, maar dat in mij ook de dief, de uitbuiter en de lustmoordenaar leven. Ik ben niet alleen de kathaar, maar ook de kannibaal.
Dat kan ook niet anders, want alles is met alles verbonden, en weerspiegelt zich in alles. Omdat alles één is, ben ik ook die ander, kan ik me niet meer verschuilen achter een schijnheilig masker dat me toefluistert dat ik goed ben en de anderen slecht. Het voelt aan als een schuldbekentenis, en ik schaam me ervoor dat zoveel slechtigheid ook in mij leeft. Maar paradoxaal genoeg is het juist dit bewustzijn, deze schaamte dat het zijn kracht ontneemt. En me tot een sociaal wezen maakt omdat schaduwen nu eenmaal slecht tegen licht kunnen. Maar het voelt ook aan als een bevrijding als we na afloop zwijgend door de waterkoude straten van Kerkweide naar de bus wandelen. Weer iets geleerd vandaag.
Gepost in Muziek, Spiritualiteit
Geen reacties »
28 november 2006
Zomaar even getroffen door een paar woorden van de verlichte meester Poonjaji (1910-1997) in het advaita-magazine Inzicht. Hij heeft tegen Brandon Bays gezegd ‘dat de vaste overtuiging dat je niet verlicht bent je ervan weerhoudt de oneindige aanwezigheid, die er altijd is, te ervaren. Wanneer je er absoluut zeker van bent dat de verlichting er altijd is, zie je haar overal waar je kijkt.’ Wat doet denken aan een tekst uit wat wellicht het meest betrouwbare evangelie is, dat van Thomas, in logion 77:
Kloof een stuk hout en ik ben daar,
til een steen op en jullie zullen mij daar vinden.
Als je gelooft dat je niet verlicht bent, dan houdt juist dat geloof je tegen om verlicht te raken. ‘Ja maar wat als je wéét dat je niet verlicht bent?’ kan iemand vragen. Dat kan je niet weten, dat moet een illusie zijn, want dat is net zoiets als beweren dat je een trambestuurder bent en geen mens. Verlicht zijn we allemaal, in ons diepste wezen. En dat weten we drommels goed als we eerlijk zijn tegenover onszelf. Als we zeggen dat we niet verlicht zijn liegen we gewoon, het is de grote leugen, de grootste leugen waarmee priesters en politici ons hebben opgevoed.
Verlichting doortintelt ons hele wezen, deze hele wereld, dwars door honger en ellende, door armoede en rijkdom, door vreugde en lijden heen. Maar de priesters en de politici hameren er voortdurend op dat we ongelukkig zijn, dat het arrogant is te geloven dat we één zijn met God, dat er nog een boel gedaan moet worden omdat we – persoonlijk, maatschappelijk, spiritueel – er nog lang niet zijn. Er is nog zoveel te doen, zoveel armoede en lijden! Dat moeten we eerst uit de wereld helpen, en pas dán kunnen we ons de narcistische luxe van verlichting veroorloven! Ons laten geloven dat we niet verlicht zijn is misschien wel de grootste misdaad die er is. Daarin spelen ook de media een dubieuze rol. Want met al hun slechte nieuws kluisteren ze ons aan het geloof dat we er nog lang niet zijn, worden we door gezaaide angst met twijfel en lijden bevrucht.
Verlichting is overal. Voelbaar, tastbaar, proefbaar. Het is alleen maar een kwestie van bewustwording van een diepere of hogere realiteit waarvan alles doordrongen is. Bewustzijn is het ultieme medicijn.
O help! Ik draaf weer eens door! Dat zijn van die buien waarin woorden geschreven willen worden en een fysiek gevoelde onrust alleen maar bevredigd kan worden door ze het licht te laten zien. Buien waarin ik pretendeer verlicht te zijn of zo, en weer eens jubelend extatisch de Nieuwe Mens uithang. Dat kan niet goed gaan. Zoals Vriend wel eens zegt: “Doe het even wat rustiger aan, anders krijg je straks weer last van migraine.” Nou, dat heb ik er best voor over…
Gepost in Spiritualiteit
Geen reacties »
25 november 2006
Afgelopen woensdag was ik een paar uur te vinden achter een tafel in een Oldegeppels stemlokaal. Zo heb ik de stemming eens van de andere kant bekeken. De verwerkelijking van de vaak zo bloedig verworven democratie zat uren onder mijn linker wijsvinger. Drukken op de linkerknop: Vrij voor kiezen. Die tekst bleef heel lang op mijn schermpje staan toen de vrouw die ons nog om een stemadvies had gevraagd dat we niet mochten geven achter de stemmachine verdween. Ik sta zelf als nogal zwevend bekend – in mijn dromen doe ik dat tot mijn genoegen regelmatig – maar bij deze verkiezingen kon ik me daar weinig bij voorstellen. Nadat het Gekozen op het schermpje verscheen, dat aangaf dat het knopje van een kandidaat was ingedrukt, was het alleen nog maar wachten op het Wegschrijven stem, waarmee werd aangegeven dat nu de rode stemknop echt was ingedrukt en de stem meedogenloos vastlag in het geheugen van de stemmachine. Hoewel elektronen zich volgens mij razendsnel verplaatsen, duurde het toch enkele ogenblikken voordat de definitieve opmerking Gestemd verscheen, en de hele cyclus weer opnieuw kon beginnen.
‘En, heb ik goed gestemd?’ vroeg een jongen me nog.
‘Dat zou ik niet weten, ik zie alleen dat je gestemd hebt!’
‘Dat is het goede antwoord!’
Tegen sluitingstijd was de opkomst zo’n 90%, wat opmerkelijk hoog is. Met zijn vieren de kassarol bekeken die uit de stemmachine rolde: globaal een derde VVD, een derde CDA. En zelfs hier in Oldegeppel is de SP een bedreiging voor de PvdA geworden: 11% van het dorp heeft erop gestemd, waarmee ze dicht in de buurt van de PvdA komt, waarop 14% heeft gestemd.
Globaal genomen is in ons land het politieke spectrum een beetje naar links geschoven. Opmerkelijker is de polarisatie die is opgetreden: veel VVD’ers zijn naar rechts geschoven, maar nog meer PvdA’ers naar links. want die partij was voor velen nauwelijks nog links te noemen. De VVD heeft de grootste klappen gehad. Tja, dat komt ervan als een partij die van eruditie en beschaving zou moeten getuigen verwordt tot een club van… hoe zal ik het noemen om het toch nog gezellig te houden? Zalm heeft ons met de euro belazerd. Dekker jaagt huurders hun huis uit de straat op, Remkes wil gemeenten fuseren die daar helemaal geen zin in hebben, Hoogervorst helpt de alternatieve (en waarschijnlijk ook de reguliere) geneeskunst om zeep, en Verdonk moet ook nog steeds pardon leren zeggen. Niet echt hoogstaand allemaal, en intussen Balkenende maar praten over normen en waarden, en over fatsoen, terwijl hier vlakbij in Blikkum binnenkort de zoveelste voedselbank geopend wordt. ‘Het moet socialer’ is een veelgehoorde kreet, en niet onterecht. Men mag nu wel roepen dat het goed gaat met de economie, maar vraagt zich niet af of de economie wel goed is voor óns. Wat koop ik voor de AEX als die eindelijk eens door de 500 schiet? Wordt mijn huur dan opeens minder verhoogd, gaan dan de energieprijzen omlaag, krijgen we dan gratis openbaar vervoer?
In de loop van mijn leven heb ik op zowat alle partijen gestemd. Want diep van binnen ben ik niet links of rechts, maar beide. Een keuze voor links of rechts voelt aan alsof ik voor één van mijn ouders moet kiezen, en daardoor tégen de andere ben. Daar heb ik helemaal geen zin in! Stemde ik drie jaar geleden nog op de Partij voor de Dieren, nu was voor mij het klimaat rijp voor de SP. Om de liberalen even tot de orde te roepen. En daarin stond ik minder alleen dan ik dacht. Met Marijnissen heb ik niet zoveel. Maar hij was één van de weinigen die zichzelf bleef, rustig zijn woordje deed, gewoon gewoon deed. Net een mens. En op echte mensen moeten we zuinig zijn in de politiek.
Gepost in Maatschappij en politiek, Mijn dorp
Geen reacties »
14 november 2006
Het afgelopen weekend met vriend naar de Vakbeurs Internationaal Therapeut in Apeldoorn geweest. Eigenlijk alleen voor een toespraak van de Haarlemse arts Moolenburgh, die ik blij had gemaakt met een recensie van zijn boek Op je gezondheid! in De Vuurfakkel. Maar er was een treinongeluk gebeurd, zodat we moesten omrijden en te laat aankwamen voor zijn toespraak, zodat er niet veel meer restte dan hem een hand te geven en iets voorin een boek te laten schrijven. En daar stonden we dan in de Amerikahal op de eerste verdieping uit te kijken over de straatjes van een beurs die zoemde van de alternatieve geneeskunst. ‘Laat Hoogervorst dit niet weten,’ dacht ik nog, want die zou deze onzin ogenblikkelijk verbieden.
En zo drentelden we onverwachts over de beursvloer waar ons alles verteld werd over klankschalen, biofeedback-apparatuur, massagetafels, Schüssler celzouten, auralezers, chakra-therapie, orthomoleculaire geneeskunst, voedingssupplementen, oorkaarsen, holistische therapie, watervernevelaars, acupunctuur, Bach-bloemen, wierook, meditatiebankjes, homeopathische geneesmiddelen, edelstenen, licht-therapie, ayurveda, etherische oliën, craniosacrale therapie, wichelroedes, kruiden, magneet-therapie, shiatsu, familie-opstellingen, astrologie, reiki, shamanistische healing, voetzone-reflexologie, laser-therapie, water-vitalisering, meridiaan- en kleurentherapie en waarschijnlijk nog veel andere geneeskunstige wonderen die ons zijn ontgaan in de onverwachte drukte van belangstelling die er gelukkig nog steeds is voor deze alternatieve misdenk die de dunkpolitie van ons ministerie nog steeds niet heeft kunnen uitroeien.
In deze wereld voel ik me thuis. Niet omdat ik in alles geloof dat er aan de man en vrouw gebracht wordt. In dit soort kringen cirkelen er vaak wolken vraagtekens om me heen. Ik voel me thuis in deze wereld omdat zij een hart heeft, omdat zij leeft, omdat er enthousiasme is, omdat er aandacht en liefde is, omdat niet alles draait om het commerciële gewin. Hoe anders is dit dan de reguliere medische wereld die steeds killer wordt, ontzield door rationaliteit en materialisme. ‘De huisarts kijkt meer naar zijn computer dan naar jou,’ heb ik eens ergens gelezen. En als het waar is dat niet zozeer het medicijn werkt, maar eerder het geloof erin, de liefde en de aandacht die erin wordt gestoken, dan zou zelfs de meest nuchtere wetenschapper niet anders kunnen dan concluderen dat de alternatieve weg heel gezond is voor de mens.
Toen de beurs sloot besloot Vriend om een meditatie-bankje te kopen. De standhoudster was even afwezig, zodat we rustig plaatsnamen op de eenvoudige maar o zo praktische en uitgekiende houten bankjes. We zaten daar zo lekker dat zelfs andere beursgangers op ons af kwamen. Ze vonden ons daar zo heerlijk zitten! Maar dat kan ook moeilijk anders op een plek waar je je thuisvoelt.
Gepost in Gezondheid en welzijn
Geen reacties »
25 oktober 2006
Worden Wij Wakker? Dat is de titel van het nieuwste boek van Marcel Messing, dat het afgelopen weekend gepresenteerd werd op het mini-symposium Het Omslagpunt, dat uitgeverij Ankh-Hermes in Driebergen hield. Wij waren er. Als een vurige dominee hield deze filosoof, antropoloog, auteur en kathaar après la lettre een betoog dat onze ogen opende voor de Brave New World, die inmiddels al geen sciencefiction meer is, maar een werkelijkheid die geruisloos bezit van ons neemt. Het is allemaal al veel erger dan we vermoeden en de complotten vlogen ons om de oren. 11 september, geheime genootschappen, biometrie, nano-technologie, het internet, Google, het heeft allemaal één bedoeling: de mens tot slaaf te maken, hem totaal te controleren. Even vroeg ik mij af of deze lezing zélf daar niet ook bij zou kunnen horen, want zaaien van angst vind ik altijd verdacht. Alle complottheorieën kunnen zelf ook weer een complot zijn, zodat je uiteindelijk zelf zal moeten uitzoeken wat waarheid is. En ik ook.
Misschien zitten al die complotten wel meer in ons hoofd dan in de tastbare werkelijkheid. Want er leven altijd gedachten, verlangens en ideeën in ons, die we liever niet onder ogen willen zien, die we ‘slecht’ noemen. Waaraan we liever maar even niet denken, die we willen vergeten. Dat heet dan officieel het ‘onbewuste’, maar gaat wel een eigen leven leiden als je het bestaan ervan niet erkent. En als je jezelf heel goed vindt, heb je in dezelfde mate allemaal slechte neigingen voor jezelf verborgen. Omdat die toch gezien willen worden, ga je die dan op anderen projecteren. En omdat er iets als gedachtekracht bestaat worden die anderen misschien wel dat geprojecteerde kwaad in jezelf. Zo wordt Bush door ons geschapen en zou hij niet bestaan hebben als we in onszelf heelheid hadden gevonden, zodat we niets hadden hoeven projecteren. Met andere woorden: met die complottheorieën is niks mis, want die verschrikkelijke Brave New World-realiteit bestaat uit niets anders dan gestolde gedachten van onbewust levende mensen. Van zieke mensen, van mensen die niet heel zijn, die niet durven geloven dat ze even goed als slecht zijn.
Natuurlijk moet er puin worden geruimd. Maar zolang de projector doordraait en we niet de film eruit hebben getrokken, blijft het dweilen met de kraan open. Verbeter de wereld, begin bij jezelf. Wat niet wil zeggen dat we daar ons hele leven mee bezig moeten blijven, zoals je maar al te vaak binnen narcistische clubjes in de sfeer van de jaren zestig meemaakt. Na elk facet dat je in jezelf hebt verbeterd, zul je toch de rotzooi die het tot nog toe heeft veroorzaakt moeten opruimen. Hoewel ik niet geloof in een Verbeter jezelf, begin bij de wereld, zoals veel politici en maatschappijhervormers ons willen doen geloven, betekent dat nog niet dat je alleen met een Verbeter jezelf weg kunt komen. We mogen, ja moeten de realiteit onder ogen zien van een wereld die we zelf hebben geschapen. En wat Marcel Messing betreft breken er donkere tijden aan en is er maar één remedie: wakker worden, de feiten onder ogen durven zien, niet meer blijven doorgaan alsof er niks aan de hand is.
Dat was ook de oproep van wetenschapper en musicus Ervin Laszlo, de voorzitter van de Club van Budapest die op dit symposium zijn nieuwste boek Het Chaospunt introduceerde. We moeten gewoon erkennen dat maar een klein deel van de wereldbevolking – wij dus – het grootste deel ervan uitbuit en een verschrikkelijke aanslag op het leven op aarde doet. Dieren en planten verdwijnen, poolkappen smelten, het klimaat verandert, aarde, lucht en zeeën vervuilen, ons eten verliest zijn voedingswaarde. Het is niet meer vol te houden dat dit ‘natuurlijke fluctuaties’ zijn, die niet door ingreep van de mens zijn veroorzaakt. Dit kan nog maar een paar jaar zo doorgaan en dan is er het beslissende moment waarop het echt niet meer verder kan. Zo rond 2012 heeft de chaos een kritiek punt bereikt, wat echter tegelijk een mogelijke belofte inhoudt. Want juist in een toestand van chaos kunnen kleine oorzaken grote gevolgen hebben, zoals de natuurkundigen ons hebben geleerd. Dit vlindereffect opent de mogelijkheid dat niet het grootste of het sterkste de toekomst van de wereld gaat bepalen, maar dat dit even goed iets schijnbaar onbenulligs kan zijn dat de toekomst van deze wereld kan bepalen. Er is hoop. Je kúnt de wereld verbeteren is dan ook de titel van een eerder verschenen boek van Laszlo.
Steeds meer mensen raken overtuigd van het belang van de onderwerpen die tijdens dit symposium ter sprake kwamen. Zo heeft Al Gore zijn film An Inconvenient Truth gemaakt, en komt er steeds meer en meer in het nieuws over de aanslagen die de mens op het milieu gedaan heeft en nog steeds blijft doen. Zoals de bevlogen Marcel Messing meer het accent op de uiterlijke, maatschappelijke veranderingen legt, heeft de voor mij meer verstilde en bescheiden Ervin Laszlo een meer innerlijke, spirituele dimensie. Misschien ook omdat ik hem ken van zijn mooie boek Kosmische Visie, dat openbaart hoe wij allemaal met elkaar en alles zijn verbonden in het zogenaamde ‘akasha-veld’. In contrast met hem stond Messing een opwekkende show te geven, die hij liet eindigen met het slotkoraal uit de Negende van Beethoven. Hij vergat alleen de tekst van Schillers Ode an die Freude erbij te powerpointen, want lang niet iedereen zal die kennen. Messing en Laszlo. Ik genoot van beiden. Vriend en ik kochten hun boeken en lieten ze signeren.
Gepost in Maatschappij en politiek, Spiritualiteit
Geen reacties »
18 oktober 2006
Razend ben ik! Hartkloppingen, frustratie, trillende handen, concentratiestoornissen. Ja, ook ik heb emoties, en zal dat af en toe weten ook! In de jaren zestig was ik al tegen ontgroening en was dan ook een blauwe maandag lid van de Olofspoort, die daar niet aan deed. Maar zoals de voor de dood vluchtende tuinman hem juist in de armen loopt, zo word ik alsnog met ontgroening geconfronteerd. Maar dan letterlijk.
Ik ben hier komen wonen omdat er zoveel bomen waren, waardoor de onder de bladeren gelegen huizen en tuinen een sprookjesachtige sfeer uitstraalden. Ja, het is hier donkerder dan in de tuinen van de doorzonwoningen in Almere, maar ik hou van de schaduw en de overdaad aan zingende vogels die deze lommerrijke buurt opvrolijken. De bomenkruinen beschermen me tegen stormen en het verkeerslawaai van de snelwegen die hier vlak achter liggen. Onder de kastanjeboom geven ze een zoele koelte op hete zomerdagen. Maar deze uitbundige natuur wordt niet door iedereen gewaardeerd. Want er zijn in de afgelopen jaren al veel bomen verdwenen en tot vandaag de dag lopen er bezwaren en beroepen tegen verleende kapvergunningen. Dat was één van de oorzaken waardoor ik nu in de gemeenteraad zit, en gelukkig hebben we daar al kunnen bereiken dat een groot aantal beuken op de trotse Geemlanderlaan onlangs niet zijn omgezaagd.
Vanmorgen lag er weer een brief van verhuurder Vesteda en een ‘Commissie woonomgeving’ van de bewonersvereniging in de bus. Nu moeten bomen verdwijnen die te dicht op onze schuurtjes zouden staan omdat ze (a) niet vitaal zouden zijn en (b) schade aan de riolering zouden berokkenen. Nou, de boom voor mijn schuurtje geniet zo te zien nog best van het leven en als hij de riolering aantast moeten ze dat maar aantonen. Pas als blijkt dat dat werkelijk zo is mogen ze wat mij betreft… de riolering verleggen.
En laat Vesteda nou niet zeggen dat dit allemaal te duur is en dat je om kosten te besparen maar een hele straat bomen tegelijk moet weghalen. Want waarschijnlijk hebben ze – net als veel andere woningexploitanten – schandelijk veel geld in kas. En als het aan minister Dekker (VVD) ligt, mag mijn dure woning nog best ongebreideld veel duurder worden. Wegens steeds afnemend woongenot zou ik huurverlaging moeten krijgen, en niet de ongemotiveerde maar vanzelfsprekende jaarlijkse huurverhoging. Vesteda bestond het onlangs om een kapvergunning aan te vragen voor een buurvrouw die hier pas een paar jaar geleden is komen wonen en nu klaagt dat er te weinig zonlicht in haar tuin komt. Ja, meid, ga hier dan niet wonen! Het is toch de wereld op zijn kop als mensen meteen hun tuin beginnen leeg te halen? Dan hóór je hier gewoon niet! ‘Ja maar,’ piept Vesteda, ‘die woning heeft al tijden onverhuurbaar leeggestaan vanwege die tuin!’ Ja, hallo? Zou het misschien ook zo kunnen zijn dat de huur misschien een beetje aan de hoge kant is? Ik weet niet beter dan dat lichtbeneming geen argument is om te kappen, dat heb ik binnen de gemeente al vaak horen zeggen, dus ik ben benieuwd hoe dit afloopt. De hoge populier zal wel een gevaar voor zijn omgeving zijn, of zoiets, alsof er dagelijks huizen verbrokkelen onder omgevallen bomen.
Zo wordt het wereldgebeuren weerspiegeld in het leven in een dorp. Zoals er nog steeds gekapt wordt in het regenwoud, gebeurt dat ook hier in Oldegeppel. Wie teveel groen kapt, laat zijn nageslacht letterlijk stikken, maar dat bewustzijn schijn maar héél langzaam tot de massa door te dringen. Ja, ook ik heb emoties, en een tikje wraaklustig droom ik graag van hete zomers, waarin buurvrouw omkomt van de hitte terwijl ik lekker loom onder mijn kastanje van mijn pilsje geniet. Zolang die er nog staat.
Gepost in Maatschappij en politiek
1 reactie »
12 oktober 2006
Het internet moet vrij blijven. Voor iedereen toegankelijk, voor vriend en vijand. Voor gebruiker en misbruiker. Daar kiezen we kennelijk voor. Terecht. Want juist aan het floreren van deze vrijplaats hebben we te danken dat niets meer verborgen blijft. Geen godsdienst of staat kan zaken die het daglicht niet verdragen nog verborgen houden. Censuur is uit de tijd, want wat je van de ene website afhaalt is in een mum van tijd weer op een andere site te vinden. Wat niet alleen geldt voor openbarende rapporten en onderzoeken, maar ook voor de meest bizarre beelden, die ik nog steeds niet durf te bekijken. ‘Elluk fòdeel hebsu nadeel,’ om maar iets te citeren dat aantoont dat voetballers soms best iets te zeggen hebben.
Dat nadeel loopt elke dag steeds langduriger mijn computer binnen. Met het speciaal daarvoor ontworpen programma Mailwasher gooi ik eerst de meeste spam weg. Zojuist verwijderde hij er 122 uit mijn zakelijke mailbox. Bij Planet Internet, waar ik privé ‘host’, staat standaard een spamfilter aan, maar er is toch nog veel dat door de mazen van het net glibbert. Bovendien doen ze daar niks anders dan deze ongewenste mail in een apart mapje te zetten dat je normaal niet ziet, maar dat toch je mailbox doet vollopen, en ik kan niks vinden om de mail meteen ongelezen weg te flikkeren. Voor tips in deze hou ik me aanbevolen. Tenslotte laat ik mijn e-mailprogramma Thunderbird automatisch mijn post sorteren op ‘gewenst’ en ‘ongewenst’. Het vergt nu enkele minuten per dag om zo’n paar honderd spams te verwijderen, maar ik ben bang dat het in de toekomst niet bij een paar minuten blijft. En voor ik het weet staat mijn mailbox weer zo stijf van de Viagra, dat ik niet eens met vakantie durf te gaan. Na een week of twee ben ik al niet meer bereikbaar omdat dan mijn box vol is. En een grotere mailbox aanschaffen, alleen voor die Rolexen, nee, dat zie ik ook niet zitten.
Natuurlijk zijn er zat mogelijkheden om het spam-probleem aan te pakken. Bijvoorbeeld het invoeren van een tarief voor e-mail. Van 1 cent per mail, dat is al genoeg om spam de wereld uit te helpen, want dan vervuil je het internet niet zo snel met 100.000 e-mails. En zelf zal ik die cent per e-mail echt niet missen. Een andere oplossing is het verbod op spam af te dwingen aan landen die toestaan het te verspreiden, gewoon door te dreigen hen van het internet af te sluiten. Een beetje hard misschien, maar dan moeten ze intern maar orde op zaken stellen. Als landen doorgaan met atoomproeven wordt er ook vaak gedreigd met een handelsembargo. Maar daarmee is helaas wel de vrijheid die het internet ademt aangetast.
De meest voor de hand liggende oplossing moet je zoeken bij de provider zelf. Die beheert een tig aantal mailboxen en kan daardoor makkelijk zien of een bepaalde verdachte mail in veel verschillende boxen tegelijk komt. Dan weten ze vrijwel zeker dat het spam is en kan deze verwijderd worden, uiteraard op verzoek van de klant. Waarbij zelfs nog onderscheid gemaakt kan worden tussen verschillende soorten spam, want er zijn vast wel mensen die in Viagra of Rolexen zijn geïnteresseerd, of die creatief omgaan met de combinatie van beide. Dan blijft het internet vrij, maar geef ik mijn postbode opdracht om alles dat ook bij veel buren bezorgd wordt meteen weg te gooien. Waarbij ik bovendien nog kan vragen om een uitzondering te maken voor spam die ik wel graag wil ontvangen. Zo hoeft niet alles dat door de mazen van het internet glipt in mijn mailbox te belanden. Zoals de twintig spams die tijdens het schrijven van dit stukje zijn binnengekomen.
Gepost in Computer en internet
Geen reacties »
29 september 2006
Bij tijd en wijle valt mijn smaak samen met wat modieus is. Volgens mijn gevoel voor statistiek kan dat ook bijna niet anders. Ja, ik zou het zelfs verdacht van mezelf vinden als ik nooit van iets populairs hield. Dat ruikt naar non-conformisme dat meer op principes en egotripperij gebaseerd is dan op een eigen smaak. Ik vind het niet verwerpelijk om in het Rembrandtjaar van Rembrandt te houden. In andere jaren trouwens ook niet. De vraagtekens rijzen echter wel op als ik van Rembrandt ga houden omdat het nu een Rembrandtjaar is. Want dan lijkt het erop alsof ik alleen mee wil doen om bij anderen in de smaak te vallen, door hen gewaardeerd en geaccepteerd te worden.
Neem nou een Levi 501 waarin ik jaren heb rondgelopen, gewoon omdat het heerlijke broeken zijn. Ik voelde me zelfs af en toe een beetje opgelaten bij het idee dat ik in iets populairs rondliep, want de mensen zouden wel eens kunnen denken dat ik ook zo’n kuddedier ben zonder eigen smaak. En dat ik maar al te duidelijk wil laten blijken dat ik er nog helemaal bij hoor. Uiteraard zijn er vandaag de dag ook veel modieuze verschijnselen waar ik helemaal niets in zie. Van die jongens die met tussen hun knieën zwabberende kruisen rondlopen. Meisjes met uitdagende navels waar de jongens dan weer van af moeten blijven. Jongens die bang zijn hun lijf te laten zien en in zwemkleding rondlopen waarmee je tig-kwadratige zeilboten kunt optuigen. Maar laat ik het nu hebben over een ‘stukje’ mode – die toch voor een groot deel door jongeren wordt bepaald – waarin ik wél iets in zie. Of beter gezegd: in hoor.
Vriend gaf mij een iPod. Al enkele maanden vielen mijn smachtende blikken op deze gelikte mp3-spelertjes van Apple. De vormgeving is perfect in zijn eenvoud. De bediening is zo slim dat je er nauwelijks een handleiding bij nodig hebt. Zelfs aan de verpakking is aandacht gegeven. Kortom: hier is sprake van kwaliteit. Met het programma iTunes op mijn computer maak ik hele afspeellijsten om naar de iPod te kopiëren. Hiervoor gebruik ik mijn eigen cd’s, zodat ik aan het rippen sloeg: Beatles, Rolling Stones, Pink Floyd, Incredible String Band, Bread, Queen, R.E.M., Bon Jovi, Jayhawks, Coldplay… Al experimenterend ontdekte ik dat met het programma iTunes ook de gelijknamige internetwinkel bezocht kan worden, waar je voor € 0,99 een nummertje koopt of voor € 9,99 een heel album. Dat werd dus de Golden Earring erbij, en twee losse vrijwel vergeten nummertjes van Nova die nergens anders meer te vinden zijn: Aurora en Horizon: heerlijke zomerse elektronische luie strandmuziek. En omdat het nog steeds zomer is, fiets is straks met die beroemde witte oordopjes door bos en hei. Als ik de muziek niet te hard zet kan ik nog best heel aardig de buitenwereld horen. Hoop ik.
Maar toch vind ik het wat eng. Het is heerlijk om de wereld zo een eigen achtergrondmuziek te geven, maar wat zullen de anderen van me denken? Of wat zal ik van mezelf denken als ik mezelf tegenkom? Dat daar weer zo’n zombie fietst die zich in zijn eigen wereldje heeft verloren? Of dat daar weer zo’n oudere jongere peddelt die zo nodig wil laten merken dat hij er nog helemaal bij hoort? Afijn, dat denken ze dan maar. Laat mij maar de wereld met muziek kleuren.
Gepost in Computer en internet, Maatschappij en politiek
Geen reacties »
14 september 2006
Gisteren zag ik ze weer bij Albert Heijn. Speculaas. Marsepein. Pepernoten. Kruidnoten, bedoel ik, wellicht van naam veranderd omdat er volgens Europese normen niet genoeg peper in zit. Denk ik. Of gewoon om aandacht te vragen, want dat is één van de grondvesten van commercie. Maar het is niet alleen de alternatieve naam die de aandacht naar dit smulgoed trekt. Het is zeker ook het moment waarop dit wordt aangeboden. Begin september. Zo slenterde ik ooit in deze maand door de Bijenkorf, waar ze al aan het verbouwen waren. Voor de kerstafdeling! Het moest niet mogen. Diefstal is het. Ja, diefstal. Wat er dan gestolen wordt? De herfst!
Te vaak maakt commercie misbruik van de psychologie. Zo mag bekend verondersteld worden dat de meeste mensen een hekel hebben aan nietsdoen en dat ze daarom het liefst altijd ergens mee bezig blijven. Actieve vakanties en zo. Want als je niets doet krijg je maar rare gedachtes en zo, en droom je maar een beetje nutteloos weg. Daar sta je dan in de file. Of voor de spoorbomen in Blikkum. Of op de bus te wachten. Of zit je erin voor je uit te kijken. Of loop je de hond of een vervelende vriendin uit te laten. Die put van dreigende stilte en nutteloosheid is door slimme jongens gedempt met mobieltjes. Een vondst, dat moet ik toegeven, want met een mobieltje verveel je je nooit.
En zoals de mobieltjes het nietsdoen hebben gestolen, zo ontnemen de vele winkels ons de herfst. De stilte van oktobermisten. De geheimzinnige geuren en het geritsel van gevallen bladeren. Het vredige verlangen naar rustige kou, krakend ijs en verstillende sneeuw. Maar na een zomer waarin het volle leven uitbundig gevierd wordt is de herfst bij uitstek het jaargetijde van de dood. Donkere avonden. November slachtmaand. De zon in het teken van de Schorpioen. Verval en verrotting. Als je meent dat dat allemaal niet bij het leven hoort, ja, dan wil je die herfst het liefst snel overslaan. En daar speelt de commercie slim op in. De herfst mag er niet meer zijn, die wordt begraven onder pepernoten, speculaas en marsepein.
Gepost in Maatschappij en politiek
Geen reacties »