10 april 2009
Het is weer zover! In Naarden stijgen nu de klanken van de Matthäuspassion boven de Grote Kerk uit. Daar zitten op de eerste rij al die keurige hoogwaardigheidsbekleders die Ton Koopman het land uit hebben gejaagd. Ja, eigenlijk zou de dirigent – dit jaar de Deen Mortensen – na het Sind Blitzen, sind Donner de uitvoering even moeten onderbreken. “Ik vraag u een kort moment stilte ter nagedachtenis aan Ton Koopman en de zijnen die helaas wegens politiek wanbeleid het land hebben moeten verlaten.” Dat zou solidariteit zijn, maar wie weet komt de Nederlandse Bachvereniging wel met een nog betere en/of subtielere stunt. Maar misschien zijn ze er te laf voor, dat kan ook natuurlijk.
Goede Vrijdag, de dag van de kruisiging. Heerlijk! Het is er nu ideaal zonnig warm weer voor. Vandaag las ik dat volgens Nietzsche medelijden de kernwaarde van het christendom is. Volgens mij is het masochisme dat. Het systematisch verheerlijken van een man aan een kruis kan moeilijk op iets anders wijzen. Hoeft ook niet. Zo lekker naakt en bezweet aan zo’n kruis hangen in de hete zon – dat heeft wat. Jammer en onhandig dat het pijn doet. Ik bedoel: zonder pijn was het makkelijker om masochist te zijn: dat is echt een foutje van de natuur. Fijn zwelgen in overgave en machteloosheid, de ultieme nekslag voor het ego voor zover dat zich met het lichaam identificeert. Wat is spiritualiteit anders dan de kunst van het sterven? Iets spirituelers bestaat er dus niet, dat heeft Jezus goed begrepen en wat dit betreft wijkt het christendom helemaal niet zoveel af van veel andere religies.
En dan… dat sterven! Wat wil je nog meer?! Uitgesparteld hang je nog tintelend in de rode zoele avondzon. Eindelijk dood, rust, ontspanning, weg, opgegaan in het Niets of Alles terwijl de laatste zuchtjes wind nog langs je uitgeputte lijf strijken. Dat kruis zou trouwens ook leuk op een strand staan, waar je door huizenhoge zoute golven wordt overspoeld om onder donderend geraas je lichaam te verlaten. Ik ben een romanticus, en romantici zijn dol op sterven. Zolang het geen pijn doet althans. En het bewust gebeurt. Liefst ergens in de natuur. Zonder overvliegende vliegtuigen of lastige muggen. En het gras of de heide waarop je ligt mag niet al te hard zijn of kietelen. Ook niet met een te volle maag of kiespijn. Er mag natuurlijk wel een mooi achtergrondmuziekje bij, zoals het beroemde Adagietto van Mahler.
Ruhe sanfte, sanfte ruh’… De Matthäuspassion hoort zonder meer thuis op de lijst van wat de Nederlandse identiteit bepaalt. Ook bij mijn ouders, want toen ik nog bij hen in Slotervaart woonde, zaten we altijd trouw met de tekstboekjes voor de zwart-wittelevisie. Daar heb ik sopranen leren haten, wiens opsmuk mij veel te veel in tegenstrijd was met de naaktheid van Jezus. Afgezien van het feit dat wat zij zongen meestal onverstaanbaar was zodat ik helemaal niet snapte waarom ze überhaupt zongen. Alten vond ik mooier, hoewel die weer eindeloos konden staan jammeren ‘Ach nun ist mein Jesu hin’ in plaats van dan als de wiedeweerga achter hem aan te rennen zolang het nog kon. Hoe dan ook: de Matthäuspassion zit ook in mijn bloed, net als dat christendom dat met zijn verheerlijking van het lijden misschien zo gek nog niet is. Voor zover je daarvan kan genieten natuurlijk.
Gepost in Muziek, Spiritualiteit, Uit mijn leven
Geen reacties »
7 april 2009
Mijn lievelingsblad Inzicht bestaat tien jaar, en daarom is een boek uitgegeven met 36 artikelen die er in de loop der jaren in zijn verschenen. Van Adyashanti, Andrew Cohen, Jan van Delden, Byron Katie, Wolter Keers, Nisargadatta Maharaj, Francis Lucille, Tony Parsons, Alexander Smit, Douwe Tiemersma, Eckhart Tolle en vele anderen die ik tekort doe door ze hier niet te noemen. Zoals Osho, die ik zelf liever Bhagwan noem. Met hem begon in 1979 mijn spirituele speurtocht en nu kom ik hem weer tegen in een verhaal dat gaat over het verschil tussen overgave en gehoorzaamheid. Achterin het boek is te lezen dat Nandan deze tekst heeft vertaald, en hij kan het niet nalaten om daarbij aandacht te vragen voor The Quest.
Voorjaar 1988. De staf in Poona vroeg Nandan om een Nederlandse tak van de World Academy of Creative Science, Arts en Consciousness op te zetten. Hij pakte me al snel bij de kraag, begon de spirituele intelligentsia om zich heen te verzamelen, en daarmee begon voor mij een periode van enkele jaren waarin ik vaak in het gebouw van de commune in Amsterdam te vinden was. Een van de eerste taken was het inventariseren van Bhagwans geschriften en om dat mogelijk te maken introduceerde ik daar… de computer! Dat was wel wat gewaagd in deze kringen, want computers waren toch voor mensen die in hun hoofd zaten in plaats van in hun hart zoals het hoorde? Denken was toch een beetje taboe in die kringen en ik heb zelfs een serieuze arts horen beweren dat Bhagwan zelf helemaal niet dacht!
Desalniettemin huurde Almast die zomer een roedel van die dingen, en voor we het wisten zat een zaal vol enthousiaste sannyasins gedurende enkele weken alle vragen die ooit aan Bhagwan gesteld waren uit boeken over te typen op 5¼inch-floppy’s. Het inventariseren en chronologiseren van Bhagwans woorden uit honderden boeken was al een hele klus, en daaruit kwamen uiteindelijk meer dan 8000 vragen in een database. Nou ja, database… ik zat alles heerlijk in QuickBasic te programmeren, en zo ontstond het programma The Quest. Vanwege copyrights konden we Bhagwans antwoorden niet weergeven, maar het was een geweldig hulpmiddel om te kunnen vinden waar onze meester iets over een bepaald onderwerp had gezegd.
Daar zag ik Vriend voor het eerst. Onder het eten in de zonnige tuin van het voormalige klooster raakten we voor het eerst in gesprek. Hij had al langer een oogje op me, want ik liep een beetje brutaal rond in kort rood sportbroekje en idem netshirt. Ik raasde het gebouw op en neer en bracht velen voor het eerst in hun leven in contact met computers. Primitieve dingen, met zwart-wit monitoren en harde schijven van hooguit 20 MB. Een jaar of tien geleden hebben anderen, waaronder Nandans zoon Sanat, dit indertijd nog op meerdere floppy’s uitgegeven programma bewerkt voor Windows, zodat The Quest vandaag de dag nog is te downloaden op de website van de Vrienden van Osho.
Ik ging nog veel meer in die commune doen, zoals meewerken aan het Osho Magazine, waarin ik voor het eerst onder de naam Ganymedes schreef. We trachtten ook Osho het land in te krijgen waarvoor we een grote advertentiecampagne voerden. We probeerden zendtijd te krijgen voor de ZON, de Zender Osho Nederland. Zo reisde ik met Nandan mee naar de Raad van State, het Commissariaat voor de Media, zaten we in Amsterdam-Noord bij Willem Oltmans op de koffie (ik nog steeds in dat korte broekje en dat netshirt, wat kan ik toch naïef gemeen zijn!) en werden onze woningen – in elk geval die van Nandan – stiekem door de BVD doorzocht. Want Osho had zich niet overal even geliefd gemaakt, wat achteraf gezien best voorstelbaar is.
In de inleiding van de handleiding bij The Quest ga ik in op de rol van de vraagsteller, want ‘it is meant as a computerized fantasy game in which we can play the character of any questioner. Like in the Dungeons and Dragons game we can keep on playing the same character for an entire life, continuing to ask the same questions. But isn’t it more fun to let our hero die once in a while, so that we can begin playing a brand new character? Why waiting for a physical death to be reincarnated? Time is running out fast, so let’s drive ourselves crazy with all these questions and answers and we’ll find the knack!’ Osho zou zeggen: niet de vraag, maar degene die de vraag stelt moet verdwijnen. Maar ook lees ik hier al mijn interesse in rollenspelen in fantasiewerelden die je met computers kunt simuleren, wat pas veel later zou uitmonden in mijn liefde voor zogenaamde virtuele werelden en Second Life. Waar ik Robbie weer zou ontmoeten, die vrijwel exact op dezelfde dag is geboren als die waarop ik met Vriend in contact kwam tijdens het eten in de communetuin. Vriend die me van Bach zou leren houden. Robbie die gisteren naar de Markuspassion is geweest waarvan hij het slotkoor zo mooi vond.
Ik geniet ervan als die werelden zo heerlijk door elkaar heen lopen en zo mooi op elkaar afgestemd blijken te zijn. Vingerwijzingen is de titel van het boek met artikelen uit Inzicht. Ik kan me dat trouwens moeilijk voorstellen, want omdat alles één is wijst die vinger overal naar. Kopen, dat boek, waarover meer onder ‘Lezersaanbieding’ op de website van Inzicht. Kost € 17,95 en voor lezers slechts € 12,50. En als je van dat alles doordrongen bent, zijn er geen vragen meer, heeft de Quest zijn eindpunt bereikt. Of beter: is alles een Quest geworden, in voortdurende verwondering op een eindeloze reis.
Gepost in Second Life, Spiritualiteit, Uit mijn leven
Geen reacties »
31 maart 2009
Onlangs waren Vriend en ik te vinden op de Inspiratiedag in De Reehorst in Ede. Eindeloos bewustzijn en (r)evolutionaire wetenschap was het thema. Marja de Vries hield een lezing over de universele wetten van het bestaan, maar ik kon het op gegeven moment niet meer volgen toen ze na wet 1 eenheid gepostuleerd te hebben bij wet 4 opeens met polariteit over de brug kwam. Wim van Vledder hield een prachtige toespraak onder de titel ´Het Ene Bewustzijn, Beschermer van het Al, in ieders hart verborgen.´ John Consemulder ging op zoek naar de werkelijke werkelijkheid: geluid, trilling en energie zijn de blauwdruk van de fysische wereld, en daarom werkt bijvoorbeeld homeopathie, en heeft water geheugen, zoals Emoto al heeft aangetoond. Hoogtepunt van de dag was de lezing van Pim van Lommel, de auteur van Eindeloos bewustzijn waarvan inmiddels de 13e druk is verschenen, en waarin hij erg aannemelijk maakt dat bijna-doodervaringen niet te verklaren zijn uit medische, fysiologische, farmacologische of psychologische veranderingen, waarmee hij de stoffelijke basis van bewustzijn onderuithaalt. Met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid, laten we zeggen: p < 0.01 bij enkelzijdige toetsing. ´Significant,´ zou een wetenschapper zeggen.
De jongens van de in 1988 opgerichte Stichting Skepsis zijn het daar niet mee eens. De eerste tien jaar zwaaide professor Kees de Jager daar de scepter: die man schijnt veel van de zon af te weten, maar van astrologie wil hij niks weten. Zijn stichting wil ook weinig weten van andere onzin, zoals homeopathie en dus ook het idee dat bewustzijn los van de hersenen zou kunnen bestaan. Jan Willem Nienhuys wijdde op de site van deze stichting een blog aan Van Lommels boek. Je zou hier een wetenschappelijk waardenvrij betoog verwachten, maar niets is minder waar: ´Zelfs bij volle bewustzijn zijn er sommigen die dikke pakken eigen wartaal houden voor diepzinnige openbaringen.´ Daarmee is de toon al gezet: als de ervaringen niet voldoen aan het wetenschappelijke paradigma zijn ze illusies, hallucinaties, wartaal, zinsbegoochelingen, foutjes in de ´proprioceptie´ ofwel de waarneming van waar en hoe ons lichaam zich ergens bevindt. Van Lommel doet volgens Nienhuys ´geen enkele moeite om de argumenten van zijn tegenstanders serieus te bespreken´ alsof Nienhuys zelf wel Van Lommels argumenten serieus ter harte neemt. Na wat gehakketak over de mogelijke rol van zuurstofgebrek, over UFO´s en non-lokale ruimte besluit Nienhuys: ´Er is eigenlijk geen beginnen aan om de rijstebrijberg van onzinnigheden in Van Lommels boek te analyseren.´ Klinkt niet echt wetenschappelijk. Troost is dat zijn artikel niet in The Lancet is gepubliceerd, en dat van Van Lommels onderzoek wel…
Mijn vader was enthousiast over Skepsis. Echt begrijpen deed ik het niet, want het wetenschappelijke gehalte ervan heb ik nooit hoog geacht. Wat zij wetenschap noemen is ook een paradigma, een geloof. Een geloof waarin niet alleen de heelheid van de materiële wereld wordt ontkend met alle gevolgen voor het milieu van dien, waar niet alleen het bestaan van andere fijnstoffelijker werelden wordt geridiculiseerd, maar waar bovendien de heelheid van al deze werelden samen al helemaal niet meer ter sprake komt. Het gaat alleen maar om een armzalig stukje van onze werkelijkheid: de waarneembare en meetbare materie. In hun reductionistisch denken worden gevoelens tot hormonen gereduceerd en gedachten tot hersengolven, maar nog nooit hebben ze de inhoud van gedachten en gevoelens op hun monitoren kunnen registeren. Nog nooit hebben ze kunnen aanwijzen wat dat subject nou eigenlijk is, dat al die objecten aan het bestuderen is. Ik ben het dan ook met Van Lommel eens ´dat er eigenlijk geen objectieve wetenschap bestaat.´ Juist het onderscheid tussen subject en object, die zogenaamde meetbaarheid, is een illusie.
Wetenschap hoort thuis in het rijtje van geloven. Die hebben meestal ruzie met elkaar. Iets met potten en ketels, en boter op hoofden: je eigen kortzichtigheid op anderen projecteren en je eigen alleenzaligmakende waarheid aan anderen opdringen. Daar komen gedrochten van als Skepsis of de Vereniging tegen de Kwakzalverij, die menen het alleenrecht op wetenschap en genezing te hebben. Op zich is het al zwak als je je energie liever stopt in het bestrijden van anderen in plaats van jezelf te verbeteren. Dat is vaak een afleidingsmanoeuvre, dan verberg je iets. Bijvoorbeeld dat in ziekenhuizen duizenden mensen nodeloos sterven. Veel artsen hebben trouwens ook iets belangrijks van Hippocrates verborgen. Want dezelfde man op wiens uitspraak ze de eed afleggen heeft ook gezegd: ´De man die onbekend is met de wetenschap der astrologie verdient eer de naam van dwaas dan die van geneesheer.´ Ja, dat was uit de tijd waarin wetenschap nog wetenschap was, waarin mensen nog dingen wisten. Waarin de wereld nog heel, en wetenschap een kunst was. Nu, 25 eeuwen later, zouden we niet met Skepsis maar met scepsis moeten kijken naar het materialisme en het reductionisme die hard bezig zijn onze wereld naar de knoppen te helpen.
Gepost in Gezondheid en welzijn, Uit mijn leven, Wetenschap
2 reacties »
18 maart 2009
Wie klaagt om gebrek aan vertrouwen en doet dagelijks zijn best om nog minder vertrouwd te worden? Precies! De overheid! Ook nu weer! Staatssecretaresse Bijleveld wil de gemeenten Bussum, Naarden, Muiden en Weesp samenvoegen. De laatste drie gemeenten zien dat wel zitten, maar Bussum is vierkant tegen. Gebrek aan bestuurskracht is immers het argument om samen te voegen, maar daarvan is in Bussum geen sprake. En wat nog erger is: deze samenvoeging wordt noch door bevolking, noch door het bestuur van Bussum gedragen. Kortom: fusie wordt door de strot geduwd, en dit is niet de eerste keer. Ik ben daar echt kwaad over en reken dat de betreffende politieke partijen sterk aan. Niet alleen Ank Bijlevelds CDA. Ook Groen Links, de partij van Borghouts en Moens die dit fusietraject enkele jaren geleden enthousiast zijn begonnen. Ik hoor het de laatste nog zeggen tijdens een bijeenkomst in Hilversum enkele jaren geleden: ‘De fusie gaat gewoon door,’ als antwoord op een vraag wat te doen bij gebrek aan draagkracht.
Ik vind het merkwaardig dat CDA en Groen Links dit soort vertegenwoordigers nog binnen haar gelederen willen hebben, want wat deze mensen doen lijkt toch op een autoritair machtsmisbruik dat niet meer van deze tijd is. Gemeentelijke herindelingen zijn dan wel niet het grootste probleem waarmee de politiek nu te kampen heeft, maar de manier waarop ermee wordt omgegaan getuigt wel van dezelfde megalomane mentaliteit die al zoveel van ons land naar de knoppen heeft geholpen. Groter en groter, groeien en groeien, net als de economie. Maar zolang je nog groeit ben je niet volwassen, althans zo heb ik het geleerd. En dat blijkt maar al te waar te zijn.
Fuseren is al jarenlang een heet hangijzer in het Gooi. In de besluitvorming rond deze door de provincie Noord-Holland geliefde GV-4-variant heeft de staatssecretaresse uiteindelijk een Commissie van Wijzen ingesteld, waarin onder andere Vonhoff zitting had. ‘Op grond van deze overwegingen komt de Commissie tot de conclusie dat het herindelingsproces GV-4 uiteindelijk de voorkeur verdient,’ schrijven de drie wijze mannen. ‘Voorts onderschrijft de Commissie het uitgangspunt dat één gemeente geen recht heeft op het blokkeren van een herindeling als zo’n regionaal gewenste herindeling voor het overige op consensus berust.’ Maar hoe zat het ook alweer met artikel 4 van de beginselverklaring van de VVD, meneer Vonhoff, iets met ‘medemensen, die evenzeer recht hebben op een zo groot mogelijke vrijheid’?
Onlangs kwam ik Ank Bijleveld trouwens in een ander twijfelachtig daglicht tegen: ze vindt dat initiatiefvoorstellen pas door de gemeenteraad mogen worden ingediend als ze eerst door het college van burgemeester en wethouders zijn bekeken. Ook dit is een voorbeeld van hoe hogere overheden beetje bij beetje aan de macht van lagere overheden knabbelen. Zo heeft de gemeenteraad – officieel de baas van de gemeente – steeds minder te zeggen. Wordt ze beheerst door provincies, het Rijk, Europa en heeft ze zelf steeds minder in de melk te brokkelen. Lagere overheden zijn schaamlapjes van hogere overheden, die er coûte que coûte hun megalomane plannen doorheen jassen.
En die arme Balkenende maar verongelijkt zijn… Waarom vertrouwen ze ons nou niet? Zelf ben ik in de politiek gestapt om juist meer contact met de concrete werkelijkheid te krijgen, maar in Den Haag lijk je alle contact daarmee juist te verliezen. Terugverdienen van vertrouwen zou prioriteit nummer één moeten zijn – pas als je dat hebt kun je problemen echt oplossen. Maar nu gebeurt er vrijwel elke dag iets als dit, en blijft niet alleen het vertrouwen afbrokkelen, maar gaan steeds meer mensen van boosheid door het lint. Hoe lang kun je een volk blijven tergen voordat de revolutie uitbreekt? En wie is dan verantwoordelijk daarvoor?
Gepost in Maatschappij en politiek
Geen reacties »
12 maart 2009
Wat bezielt die jongeren toch? Het lijkt alsof ze steeds vaker in de ban raken van agressieve computerspelen, die ze dan ook in de werkelijkheid eens willen ervaren. Alsof ze zo gehypnotiseerd zijn dat ze real life ook als een virtuele wereld ervaren. Zoals je dromerig uit de bioscoop in de buitenwereld stapt en het even duurt voordat je weer in de straten van de stad wandelt, zo lijkt ook de wereld van bloed en geweld over de randen van het beeldscherm het dagelijkse leven te infiltreren. In een roes vermoord je je vriendjes en schoolkameraden, en natuurlijk ook die enge leraar. Echt 3D-bloed gutst over de vloer en je geniet van de power waarmee de grafische kaart deze wereld zo bliksemsnel vormgeeft. Het rennen wegens de politie die achter je aan zit blijkt moeilijker dan gedacht, je gaat er echt van hijgen. En als je zelf een kogel in je lijf krijgt blijkt dat pijn te doen. Nee, dit vond ik niet leuk meer, dit spel ga ik verliezen. Ik kan er beter maar mee ophouden, want ik heb nog wel een paar levens over.
De 17-jarige Tim is sinds gistermorgen beroemd door de moord op 15 mensen, waarna hij zichzelf doodschoot. Waarschijnlijk gebeurde een en ander niet zoals hierboven beschreven, maar bij dit soort afschuwelijke gebeurtenissen ga je toch naar de oorzaak zoeken. Ligt het aan de volle maan? Die maakt ons allemaal ongemerkt een beetje gekker. Maar die kan hooguit een druppel zijn die de emmer vol gevoel doet overlopen. En bovendien kunnen we daar niets mee. Je kan de maan niet tegenhouden om vol te worden, dus ga je op zoek naar andere oorzaken van dit geweld waar je wel wat mee kunt. En ja hoor, de politie vindt het dubieuze computerspel Counter-Strike in de computer van de in het zwart geklede Tim. Is dat dan de hoofdschuldige? In zekere zin wel omdat dit soort spellen, net als reclame en televisie, het meest primitieve in de mens exploiteren om er zelf rijker van te worden.
Een vergelijking met de wapenhandel ligt voor de hand. Misschien is het zelfs nog erger omdat hier het idee van geweld verspreid wordt, een moraal waarin moord en doodslag normaal gevonden worden. Scheppen wij enerzijds de virtuele wereld als fijnstoffelijke velden om ons heen, anderzijds is onze wereld niets anders dan de materialisatie van die etherische velden. ‘In het begin was het Woord,’ zei Johannes al. ‘Alles is eruit voortgekomen.’ In ons computertijdperk met zijn internet zijn we beter dan ooit in staat om door middel van virtuele werelden onze stoffelijke werkelijkheid te veranderen. Wensen en gedachten zijn creatieve krachten. Hoewel dit soort computerspellen uit de handel zou moeten worden genomen, zijn daarmee de problemen bij lange na nog niet opgelost. Want dan blijven nog altijd de perverse geesten over die ze bedacht hebben. Of moet je ze net zo lang hun eigen spellen laten spelen tot ze zelf in trance zelfmoord plegen? Misschien.
Maar met een verbod op dit soort computerspellen zijn lang niet alle problemen opgelost, want zo’n spel kan nooit iets in een mens activeren dat niet al latent aanwezig was. Als je het leven al niet meer ziet zitten maakt het niet veel meer uit wat je doet en wat er gebeurt, en ben je ontvankelijker voor dit soort destructieve krachten. Als je gepest wordt op school, als je uitgelachen wordt, als je je niet meer geliefd weet, als je geen respect meer van anderen krijgt, als je continu op je hoede moet zijn dat je niet belazerd wordt, als je steeds maar moet scoren, als anderen hoge verwachtingen van je hebben, kortom: als je in een extreem liberaal milieu leeft, dan kan het minste geringste tot de grootste rampen leiden. Het is dus niet verwonderlijk dat Tim in een weelderige plaats woonde – de naam Winnenden laat al doorschemeren dat het niet echt om losers gaat – die wellicht te vergelijken is met Oldegeppel waar zich evengoed zo’n bloedbad kan voltrekken.
Gepest en uitgelachen worden, een computerspel, een vader die wapens laat slingeren – zij werken allemaal dit soort afschuwelijkheden in de hand. Ik begrijp dat Tim al wegens depressies onder psychiatrische behandeling was geweest, maar zolang de maatschappij zelf verziekt is blijft dat dweilen met de kraan open. En de samenleving blijft ziek zolang we een collectief gedachtenveld blijven creëren waarin zich al die zwarte, sombere, agressieve en destructieve taferelen afspelen. Die noemen we fantasieën en we sluiten ze op in films en computerspellen, en denken ze dan daarmee te bezweren terwijl we er nog geld mee kunnen verdienen ook. We noemen hun wereld virtueel om onszelf ervan te overtuigen dat die niet ´echt´ is, of ´tussen de oren´ zit. Maar eigenlijk is het echter dan echt omdat de materiële wereld niets anders is dan een gestolde versie ervan, een realisatie van deze scheppende ideeënwereld. En misschien zal het echte armageddon zich in de virtuele wereld afspelen, het ultieme gevecht tussen de vechters en de niet-vechters.
In de Oudheid werden kinderen aan Moloch geofferd. En dat doen we nog steeds. 15 slachtoffers. Nee, 16.
Gepost in Computer en internet, Maatschappij en politiek, Psychologie, Spiritualiteit
1 reactie »
10 maart 2009
Volgens de Chinezen is Tibet vandaag 50 jaar bevrijd. Volgens de Tibetanen is hun land nu een halve eeuw bezet. De Dalai Lama beschuldigt China van het ombrengen van honderdduizenden Tibetanen, en van het creëren van een ‘hel op aarde’. Volgens China zijn dat allemaal leugens, want Tibet zou juist geprofiteerd hebben van de doorgevoerde hervormingen. Ik betwijfel of de bewoners van dat land het daarmee eens zijn, en ben meer geneigd om de Dalai Lama te geloven. Waarom? Zucht… Moet ik dat echt nog uitleggen? Dat voel je toch? Dat weet je toch? Straks moet ik ook nog gaan uitleggen waarom ik Obama meer vertrouw dan Bush! Wat is – naast dat in intelligentie – het meest opvallende verschil tussen hen? Charisma! Zo heeft ook de Dalai Lama charisma! En wat is charisma? Zichzelf wegcijferen, betrokkenheid, inlevingsvermogen. Vaak zijn haat en woede getransformeerd tot mededogen. En het gaat ook vaak gepaard met intelligentie, alsof charismatische mensen in staat zijn alles vanuit een hoger perspectief te bekijken. Charisma maakt geliefd, bij vriend en vijand. Nou ja, niet bij allen dus, zoals de Chinezen, maar wel bij grote groepen mensen die voor het overige totaal tegengestelde meningen kunnen zijn toegedaan.
In het Westen is de Dalai Lama vrijwel onverdeeld geliefd en heeft Tibet veel sympathie. Voor mij was Kuifje in Tibet de eerste kennismaking met dat land. Onlangs zag ik de film Kundun over het leven van de Dalai Lama, eindigend met zijn vlucht voor de Chinezen. Daar waren vorig jaar de Olympische Spelen en we vonden het sportief om in een land met dubieuze normen naar brons, zilver en goud te reiken. Of is het juist goed dat we dat hebben gedaan, juist om contact te houden met een cultuur die er volgens ons dubieuze praktijken op nahoudt? Polariseren of integreren, dat is de vraag. Polariseren: duidelijk stelling nemen tegen iemand is wel eens nodig als je jezelf wilt beschermen of die ander wakker wilt schudden. Integreren is een meer rationele oplossing: je gaat communiceren, naar elkaar luisteren, tracht samen tot een oplossing te komen. Maar daarvoor moeten beide partijen wel boven hun emoties van afkeer en haat kunnen staan, zichzelf kunnen wegcijferen om naar het algemene belang te kijken. Dat is lang niet altijd het geval, zodat er vaak weinig anders overblijft dan dat ieder zijn eigen stellingen betrekt. Integratie is het mooiste dat er is, maar we moeten er wel aan toe zijn. Je kan het ook niet afdwingen, zoals veel politici ons willen doen geloven. Evenmin als je een volk kan afdwingen haar religie af te zweren, zoals de Chinezen dat van de Tibetanen wilden.
Prachtige films als Samsara en natuurlijk Seven years in Tibet tonen ons de vreedzame en diepe cultuur van dat tussen sneeuw en bergen verborgen land. Hun spiritualiteit heeft een ongekend hoge top bereikt, wat vooral te zien is aan de wijze waarop er met sterven en de dood wordt omgegaan. Geen andere cultuur heb ik zo duidelijk horen zeggen dat je het sterven bewust zou moeten meemaken. Waarbij de ingefluisterde woorden uit het Tibetaanse Dodenboek je voorbij hallucinaties en begoochelingen tijdens het stervensproces moeten leiden, om je naar het Heldere Licht te voeren. Al lang voordat men in het Westen de dood begon te onderzoeken – vanaf Raymond Moody tot vandaag de dag Pim van Lommel – wist men daar al dat leven zonder lichaam heel goed mogelijk is. Tijdens het leven wordt dat lichaam goed verzorgd, maar na het sterven wordt dat aan de gieren gevoed. Net als in veel niet-westerse landen leeft men samen met de dood. In India vinden lijkverbrandingen in het openbaar plaats, en dat lijkt me veel gezonder dan het fysieke afbraakproces onder de grond of in crematoria te verstoppen. Zeg me hoe je met de dood omgaat, en ik vertel je over je cultuur. In heelheid met dood en sterven is er weinig plaats meer voor angst en haat, en kunnen zuiverheid, schoonheid en liefde bloeien.
China heeft de liefde verbannen, de Dalai Lama de haat.
Gepost in Maatschappij en politiek, Spiritualiteit
2 reacties »
8 maart 2009
In tegenstelling tot mijn meeste vrienden en kennissen heb ik bij tijd en wijle een uitgesproken behoefte aan oppervlakkigheid, het mondaine, het alledaagse, het gewone. Want terwijl velen zich druk maken over honger en oorlogen en vechten voor een beter milieu, kan ik in een ligstoel in de zon liggen luieren, nippend van een rum-cola. Dat is ook iets dat ik menig actievoerder verwijt: dat hij of zij niet van het leven kan genieten. En hoe kan iemand die zelf niet eens van het leven kan genieten de wereld verbeteren? Hoe kunnen demonstranten die er zelf onaantrekkelijk uitzien en niets dan boosheid uitstralen iets bijdragen aan een betere wereld? Het gaat immers niet zozeer om wat je doet, maar om de kwaliteit die je in je daden legt, om de manier waarop je dingen doet, om de bezieling ervan. ‘Wij discussieerden als studenten toen al over liberalisme,’ knoopte Vriend me laatst in de oren toen we het over de jaren zestig hadden. ‘Terwijl jij hasj zat te roken!’ En inderdaad liep ik niet voorop in demonstraties, kraakte ik geen woningen en deed ik niet mee met studentenprotesten. Hoewel dat allemaal mijn sympathie had, kon ik me er niet echt in vinden. Ik heb veel actievoerders meegemaakt die iets vaags studeerden, een lelijk baardje lieten staan, te pafferig waren, zichzelf erg belangrijk vonden, en die daarbij ook nog vaak dezelfde autoritaire trekjes vertoonden als het systeem waartegen ze vochten. Dat kon nooit goed gaan, en op dat politieke vlak is dan ook veel niet goed gegaan.
Ik heb me dus schuldig gemaakt aan bijvoorbeeld (1) vrijen met jongens die ik nauwelijks kende, (2) genieten van vliegreisjes, (3) luieren in Saint-Tropez, (4) volgen van de Medisch Centrum West, (5) lachen om Toon Hermans, (6) lezen van stripverhalen en Donald Ducks en (7) roken van veel sigaretten – kortom allemaal van die foute dingen waarover ik velen hoor denken: ‘Ja maar zoiets doe je toch niet!’ Vandaag de dag doe ik graag mee aan de rage van het bekijken van YouTube-filmpjes, zoals die met de clip van Allein allein van Polarkreis 18. Alsof ik mijn tijd niet beter kan besteden! Zoals met het zoeken naar het thema uit Bachs Goldbergvariaties waarmee ik word geconfronteerd door het lezen van het Boek Contrapunt van Anna Enquist. Of met het bezoeken van een museum om te kijken wat ik nou van beeldende kunst snap. Of met het leren van alle landen van de wereld, zodat ik niet steeds mijn atlas hoef te raadplegen bij elk nieuwsbericht. Maar niks van dit alles, want bij tijd en wijle heb ik gewoon behoefte om van het leven te genieten: Bach had maar duidelijker moeten zijn over dat kinderliedje waarop hij varieert, in musea wordt kunst zo serieus begrepen dat ik meestal al snel sta te trappelen om naar de volgende zaal te gaan, en het is voldoende om te weten dat Burundi ergens in Centraal-Afrika ligt. Maar dat heb je met oppervlakkige types zoals ik, die hebben geen geduld om iets tot zich te laten doordringen, die willen alles als hapklare brokken opgediend krijgen, nemen niet de moeite zich ergens in te verdiepen, willen meteen hier en nu in al hun behoeften bevredigd worden. Typisch jaren zestig!
‘Oppervlakkig zijn is een hele kunst,’ leerde ik van mijn astrologielerares Deepa in de jaren tachtig toen ze het over de Tweelingen had. Daar was ik het helemaal mee eens. Want diepzinnigheid is vaak serieuze gewichtigheid en zware belangrijkheid. Hoewel oppervlakkigheid geen diepte heeft, is het wel een flinterdun vlies waar je snel doorheen zakt om in heel andere werelden te belanden. Het loslaten van idealen over hoe alles zou moeten zijn, doet je terugvallen in en wereld waarin niets meer hoeft en dingen als vanzelf lijken te gebeuren. Als je echt ‘uit je hoofd valt’ en alles gewoon laat zijn zoals het is en daarvan geniet, juist dan krijgt dat wat oppervlakkig leek opeens een nieuwe diepte. Niet zozeer een diepte van het denken, maar eerder een diepte van het hart. Zo voel ik ook diepte in de wereld van Second Life, waar ik mezelf vaak van disco naar disco teleporteer, maar waar ik ook graag met vrienden op mijn dakterras zit of reizen onderneem. Een oppervlakkig leven. Een paar dagen kwam ik op het internet mezelf tegen, samen met Robbie en Carl in een filmpje van het Second Pride Festival in voorjaar 2008, waar we een aidsmemorial bezochten. Zie een flits van ons op de 56e seconde! En luister naar het mooie lied Wish for you. En voel de diepte van vriendschap. Net als in Real Life vraag me wel eens af wat méér waard is dan een gewoon ongecompliceerd samenzijn. Nu we zijn niet alleen alleen, want we zijn tegelijk ook samen in de wereld waar we alleen zijn.
Gepost in Second Life, Spiritualiteit, Uit mijn leven
Geen reacties »
5 maart 2009
Onlangs is professor Frank Ankersmit uit de VVD gestapt. Hij was één van de auteurs van het Liberaal Manifest Om de vrijheid dat in 2005 het licht zag, en is een bestrijder van het neoliberalisme. Reden voor het opzeggen van zijn lidmaatschap van de VVD is het feit dat deze partij geen antwoord heeft op de kredietcrisis. Kennelijk ben ik niet de enige die twijfelt aan het intellectuele niveau van Mark Rutte en vele anderen binnen de partij. Het zou sportief van de VVD zijn als zij toegaf dat het liberalisme toch een beetje uit de hand is gelopen. Als zij afstand namen van het neoliberalisme, en niet deden alsof hun neus bloedt. Als ze wat meer respect toonde voor andersdenkenden is, en dan heb ik het echt niet alleen het beroemde kokhalsgebaar van Hoogervorst voor ogen. Is dit het begin van de uittocht van de intelligentsia uit de VVD?
In Trouw vertelt Ankersmit over zijn afscheid. Treffend is wat hij over economie vertelt, wellicht het meest heilige huisje van de VVD. Het is “sowieso vreemd om nu het heil van economen te verwachten,” zegt hij. “Tenslotte zijn zij het juist geweest die alle rampen over ons afriepen, met hun theorieën over de onfeilbaarheid van de markt, de zegeningen van de hebzucht en de noodzaak van onbeperkte economische groei. (…) Economen zijn niet de oplossing van de huidige problemen, maar zelf een deel daarvan. Interessant is verder dat de ‘officiële’ economie de kredietcrisis helemaal niet heeft zien aankomen. Wat zouden wij zeggen van de astronomie als die de botsing tussen de aarde en een grote meteoriet niet zou kunnen voorspellen? Waarom blijven we de economie dan wel serieus nemen?”
Het wordt maar al te duidelijk dat ongebreidelde groei niet alleen in de medische wereld een kankergezwel is. De continu met groeihormonen volgespoten economie zakt nu door zijn poten. Ondanks dat geloven velen nog steeds dat méér consumeren het antwoord is op de kredietcrisis. Zoals Felix Cohen, die in de Consumentengids van maart betoogt: “Ik denk dat de echte oplossing zit in het stimuleren van de vraag, door consumenten aan te zetten tot consumeren. (…) En als consumenten meer gaan uitgeven en aanbieders daardoor meer omzet krijgen, behouden die bedrijven hun zelfrespect. Maak van de bedrijven geen bedelaars. (…) Het geld moet aanzetten tot consumeren (…)” Hoewel hij ook ervoor waarschuwt dat geld in slecht management en slechte producten kan verdwijnen, vraagt hij toch om een vertrouwen in het bedrijfsleven dat ik niet echt met hem deel.
Ik moet toegeven weinig van economie te weten en meer waarde aan astrologie te hechten. Wat ik wél weet is dat devaluatie met vertrouwen te maken heeft, zoals ik onlangs las in het decembernummer 2008 van PC-Active. Daarin schrijft Henk van de Kamer: “Ook goud heeft afgedaan en is in de vorige eeuw vervangen door vertrouwen in een regering dat zij de waarde van onze euro op peil houden: het flatgeldsysteem.” Dat vertrouwen is dus sterk aan het slinken, en dat niet alleen in de overheid, maar ook in het bedrijfsleven met wie zij onder een hoedje speelt. Want als ik naar de steeds dalende AEX kijk kan ik me niet van de indruk onttrekken dat het bedrijfsleven daar zelf mede schuldig aan is. Vertrouwen is iets dat verdiend moet worden en zolang dat niet gebeurt blijven we berichten horen over doorzakkende beursvloeren, en stort om de haverklap het Damrak weer in. En dat laatste heeft niets met de aanleg van de Noord-Zuidlijn te maken, zoals onlangs in Keulen, waar historisch besef letterlijk ondermijnd is door de voortvarende economie. Regelmatig kleuren de koersen rood, maar dat krijg je ervan als je blijft doen alsof je neus bloedt.
Gepost in Maatschappij en politiek
Geen reacties »
1 maart 2009
Vanmorgen veel te vroeg wakker. Kon de slaap niet meer vatten. Misschien ook wel uitgeslapen. Miste het gelui van kerkklokken, dat me meestal op zondag vroeg even uit de slaap haalt. Allemaal gedachten drongen zich op, alsof ze nog lang niet uitgedacht waren en daarom nog wat aandacht nodig hadden. Dat krijg je ervan als je je ontspant. Niet alleen een verhoogde kans op koppijn, maar ook op het moeten inhalen van achterstallig denkwerk. Vroeger dacht ik dat de hersenen een klomp zenuwen waren waar alleen zwakke stroompjes door liepen, maar het schijnt dat die grijze massa niet alleen 20% van al je energie vergt, maar dat daar ook heel wat leven in de brouwerij is. In gedachten voelde ik dan ook de uitlopers van mijn hersencellen zich krioelend wegen banen, op zoek naar contact met andere cellen. Zoiets moet kennelijk doorgaan totdat een gedachte is gesetteld, een probleem is opgelost, een programma is afgewerkt, de mentale rommel is opgeruimd.
Het recente verleden vertoonde zich als een serie onaangename ervaringen met het bedrijfsleven. Ecotone leverde mijn tonercartridge later dan gebruikelijk en de bezorger weigerde mijn vier lege cartridges mee te nemen, zoals was afgesproken. Vriend was boos en mieterde ze in de grijze container. Bij ING een onbeschofte dame aan de zakelijke helpdesk, die me niet eens liet uitpraten en met een groot gebrek aan empathie mij liet zitten met de brokken van verkeerde voorlichting van haar collega. Bij de Gouden Gids een ‘sales representative’, een brutaal knaapje dat me voor € 349 méér advertenties wilde aansmeren dan vorig jaar, terwijl ik juist had besloten daar helemaal niet meer te adverteren omdat ze me vorig jaar stiekem een ‘promo page’ door de neus wilden boren. Gisteren een eigenlijk veel te duur USB-snoertje voor mijn Nokia telefoontje opgehaald: Vriend adviseerde me om in de winkel even te checken of het paste, en dat bleek inderdaad niet overbodig want het sloot inderdaad niet aan op mijn mooie nieuwe 2630, waarmee ik verder trouwens heel blij ben. En vorige maand berekende TNT Post me € 171,82 teveel voor het versturen van De Vuurfakkel, zodat ik daar weer achterheen moest. Samengevat: de kwaliteit en services van wat grote bedrijven leveren dendert zó achteruit dat je steeds méér tijd kwijt bent aan het repareren van hun fouten en gebreken. Wég met het grootbedrijf!
De toekomst vertoonde zich als een soort voorjaarswoede. Mijn tuin, of iets groens dat daarvoor door moet gaan. Geld of geen geld, ik voel me toch verantwoordelijk voor een leuk aanzicht ervan. Tegels zijn verzakt wegens een mollenplaag die de hele buurt teistert. Aarde loopt over verrotte houten borders heen, en van alles en nog wat groeit maar raak. Het lijkt wel de tuin van mijn Wijze Tante, die liet ook de natuur haar gang maar gaan! Maar de toekomst vertoont zich ook als in de loop der jaren opgestapelde hoeveelheid spullen die naar een kringloopwinkel of het afvalcentrum moeten. Als je geen auto hebt stapelt zich dat maar op: een oude bureaustoel, een computer, een papierversnipperaar, beeldschermen, stereosetjes, luidsprekerboxen, een printertje… Toen ik in Amsterdam woonde zette ik het gewoon op de stoep en voor je het weet had een morgenster het meegenomen. Maar nu we geacht worden aan het milieu te denken en het scheiden van afval ook geprivatiseerd is, gaat dat niet altijd even makkelijk! Ik zit me nog steeds suf te piekeren over wat je nou eigenlijk met een tl-buis moet doen, want die staat al jaren in de schuur onbestemd te zijn…
Typisch voorjaar dus. Afrekenen met het oude en met een schone lei willen beginnen. Afrekenen: geen energie meer willen stoppen in het Beest dat zich manifesteert als grote bedrijven en het bankwezen. Boosheid heeft geen zin, want als je je gram haalt krijg je een kilo terug. En daar word je alleen maar zwaar van. Dat is ook de bedoeling, want als je lichter zou worden zou je wel eens boven hen uit kunnen stijgen, of nog erger: verlicht raken. En als er iets is waar het Beest niet tegen kan, dan is dat gebrek aan aandacht, humor. Het Beest geniet liever van je boosheid, slorpt alle energie uit je. En ik moet toegeven dat hem dat bij tijd en wijle best even lukt. Grrr! Maar gelukkig zijn er ook momenten dat verlichting zich even aan me voordoet.
Gepost in Maatschappij en politiek, Spiritualiteit, Uit mijn leven
1 reactie »
24 februari 2009
This is the dawning of the age of Aquarius! De tijden gaan veranderen! Het Watermantijdperk komt! De Nieuwe Mens staat op! We hebben lang genoeg geleden onder de Vissen met hun verheerlijking van het lijden, medelijden en zelfontkenning. Nu worden we eindelijk wakker uit deze droom van religieuze chantage en manipulatie, en vinden we het goddelijke in onszelf. De tijden gaan veranderen! Vriendschap, communicatie en intuïtieve creativiteit gaan de wereld beheersen. Alle mensen zijn gelijk en we zullen in communes gaan samenwonen. Make love, not war. In seksuele vrijheid zullen we overal de liefde bedrijven, preutse en burgerlijke normen zullen hebben afgedaan. Autoritaire structuren zullen ineenstorten, welvaart zal eerlijk verdeeld worden, godsdiensten en rassen zullen zich met elkaar vermengen. De tijd van martelaren en slachtofferschap ligt achter ons, Christus ruimt het veld voor Boeddha, gebed voor meditatie, en wierook komt voortaan uit het Oosten. Bezit maakt plaats voor collectiviteit. We gaan genieten van een natuurlijk leven, schaffen het arbeidsethos af. Elektrotechniek, computers en robots zullen het leven makkelijker maken. We zullen ruimtereizen gaan maken, terwijl we de innerlijke ruimte met psychedelica verkennen. De wereld krijgt kleur en vrolijkheid: Let the sunshine in!
Astrologen zijn het er niet over eens wanneer het Watermantijdperk nu precies begonnen is of nog moet beginnen. Dat komt omdat in de sterrenhemel niet echt te zeggen is waar de grens ligt tussen de Vissen en de Waterman. Zo’n tijdperk duurt 2160 jaar en de aard ervan wordt gekenmerkt door het sterrenbeeld waarin de Zon staat als de lente begint. Dit jaar begint die op 20 maart om 12.45 uur, en dan staat de Zon ergens tussen Vissen en Waterman te schijnen. Het is dus helemaal niet zo dat de Zon altijd in hetzelfde sterrenbeeld aan de hemel staat als in de horoscoop van de astroloog, want bij de laatste vallen het begin van de lente en dat van het teken Ram altijd samen, ongeacht in welk sterrenbeeld de Zon staat. Door een zeer langzame tolbeweging van de aardas schuift dat lentepunt namelijk elk jaar een beetje terug in de dierenriem. Zo hebben we in de ons meest bekende geschiedenis het Tweelingen-, Stier-, Ram- en Vissentijdperk achter ons, en zijn in de culturen die toen heersten belangrijke astrologische kenmerken van deze dierenriemtekens terug te vinden. Nandan heeft daar eens een mooi boekje over geschreven, dat ik graag aan mijn klanten ga geven als deze zomer mijn Aries Astro-Services 25 jaar bestaat.
Over duizend jaar bevindt het lentepunt zich middenin het teken Waterman, en zo rond het jaar 4150 staat het tussen Waterman en Steenbok en zullen jongeren wellicht over de komst van weer een nieuw tijdperk gaan zingen: This is the dawning of the age of Capricorn! Maar voorlopig moeten we het nog even met de Waterman doen. Een rare jongen trouwens, die Aquarius. Een alternatieveling die niet van conventies houdt omdat die zijn ware aard verdoezelen. Hij huppelt graag naakt rond. Meestal wordt hij afgebeeld als een man die een kan water over de aarde leeggiet. De enige mythologische figuur die daar een beetje mee overeenkomt is Ganymedes, en het zou me niks verwonderen als veel astrologen en Watermannen het daar een beetje moeilijk mee hebben. Deze koningszoon was namelijk zo mooi dat Zeus verliefd op hem raakte. Hij vermomde zich als adelaar, ontvoerde de jongen, en zette als troost voor zijn vader het sterrenbeeld Waterman aan de hemel. En Ganymedes moest nectar schenken op de Olympus.
Hoe het verder tussen die twee gegaan is weet ik niet. Zeus was natuurlijk niet het meest monogame type, maar dat hij zelfs op een jongen viel ging toch wat ver. Inderdaad associeert elke astroloog homoseksualiteit met het teken Waterman, maar dat wil nog niet zeggen dat alle Watermannen homo zijn. Eigenlijk wil Waterman geen verschil tussen de seksen maken, en bovendien is zijn liefde er eerder een van een wellicht erotische broederschap, dan van doorleefde gevoelens en sensualiteit. Dat echte seksuele is meer iets voor de Schorpioen en dat lichamelijke meer voor de Stier – beide tekens die onder een hoek van 90 graden vierkant op de Waterman staan. En waarvan hij dan ook weinig moet hebben, want Waterman is een luchtteken, wat wil zeggen dat hij liever in de wereld van gedachten, ideeën en communicatie leeft. En dat hij het wat moeilijker heeft met materie en gevoelens dan respectievelijk Stier en Schorpioen. Zo heeft elk dierenriemteken zijn sterke en zwakke kanten. Maar het kan geen toeval zijn dat ook homo-emancipatie een kenmerk is van het dagende Watermantijdperk.
Het was natuurlijk helemaal verkeerd. Ik bedoel dat wachten op het Watermantijdperk. Alsof dat vanzelf zou komen! Waren we in de jaren zestig zoveel anders dan degenen die geloofden dat iedereen en de wereld verlost zouden zijn als de Messias eenmaal was teruggekeerd op aarde? Waren we echt het Vissentijdperk ontstegen toen we geloofden dat de nieuwe wereld van buiten zou komen, van ergens anders, van de sterren, van lsd, van een Maitreya of van een goeroe? Leefden we wel echt naar de idealen waarin we geloofden? Velen van ons wel. En ze hebben de wereld dan ook bezield met iets dat moeilijk uit te vlakken is. Spiritueel zijn we een stuk verder dan in de jaren zestig! Maar voor anderen was de boodschap van de Waterman te confronterend zodat ze er nu, na indertijd op de barricaden te hebben gestaan, een gezapig neoliberaal leventje op nahouden. Als je met bepaalde dingen niet goed omgaat wreken ze zich, en keren ze zich tegen je. Zo ook met de Waterman, die zich dan van zijn negatieve, donkere kant laat zien.
Zo dreigt misbruikte elektronica zich te ontpoppen in elektrosmog. Zo worden computers zetmannen van Big Brother. Zo leiden misbruikte psychedelica tot verslavend druggebruik. Zo verwordt individualisme tot egoïsme. Zo manifesteert vrijheid zich als hufterigheid. Zo wordt mediteren een bezigheidstherapie. Zo slaat communicatie om in uitwisseling van zinloze informatie. Zo verlaagt intuïtie zich tot instinct. Zo vervalt vriendschap tot seks. Zo leidt het antiautoritaire tot lafheid. Zo verkoopt zoeken naar waarheid zichzelf aan schending van privacy. Zo verdrinkt kleinschaligheid in megalomanie. Zo helpt technologie bij de vernietiging van de aarde. Allemaal verschijnselen die zich vandaag de dag voordoen en die lijken aan te tonen dat dat Watermantijdperk bij lange na nog niet begonnen is. Maar omdat dit allemaal zo diametraal staat op wat dat tijdperk bedoelt te zijn, wijst dat juist op de weerstand die velen ertegen hebben. Ziende dat het nog nergens op lijkt kunnen we wel bij de pakken gaan neerzitten, maar we kunnen de huidige maatschappelijke ontwikkelingen ook in een groter kader zien, namelijk dat van een grootse omwenteling die onvermijdbaar plaatsvindt. Eerst zien, dan geloven, zullen velen zeggen. Het antwoord van de Waterman is simpel. Eerst geloven, dan zien!
Gepost in Astrologie
2 reacties »